De kolonisering van het leven zelf

Gen mais

Klik op de foto voor een
vermelding van de copyrights


(Earth Matters | door Eveline Peters) Door de geschiedenis heen en in diverse culturen heeft de mens zich op verschillende manieren gepositioneerd ten opzichte van de natuur. Sinds de Verlichting heeft de moderne mens zich sterk afgescheiden van de natuur en werd de natuur gezien als iets dat gecontroleerd, beheerst, en ontwikkeld moest worden. Beschaving kenmerkt zich in deze visie als een overwinning over de barbaarse natuur. De mens wordt neergezet als onafhankelijk en superieur ten opzichte van zijn omgeving. Andere volkeren daarentegen hebben lange tijd het belang ingezien van het in harmonie leven met de natuur en geven uiting van intieme verbondenheid en onlosmakelijkheid met de natuur. Dit artiekel probeert een kritische analyse te bieden van de consequenties van de moderne visie op ecologie en het leven zelf zoals afkomstig uit de Verlichting.

Inleiding

Vandana Shiva biedt een belangrijk tegenwicht voor de moderne imperialistische visie op ecologie die zich momenteel manifesteert in het discours van biotechnologie en ‘liberale’ economie. Shiva beschrijft hoe er sprake is van een kolonisatie (en destructie) van het leven zelf. Deze vorm van kolonisatie ligt in het verlengde van de kolonisatie van zuidelijke landen door Europese monarchieën in de negentiende eeuw:

“The vacancy of targeted lands has been replaced by the vacancy of targeted life forms and species manipulated by the new biotechnologies. The duty to incorporate savages into Christianity has been replaced by the duty to incorporate local land national economies into the global marketplace, and to incorporate non-Western systems of knowledge into the reductionism of commercialized Western science and technology. The creation of property through the piracy of other’s wealth remains the same as 500 years ago” (Shiva, 1997, p. 2).

Deze kolonisatie van het leven zelf komt ook naar voren in de huidige Westerse visie op gezondheidszorg en psychiatrie. In dit opzicht komt het boek “The politics of life itself” (Rose, 2007) van pas. Nicholas Carr’s analyse van de invloed van internet op ons denken door de plasticiteit van ons brein biedt aanvullend inzicht over de invloed die de externe omgeving op de mens heeft en vice versa. Door aan te tonen hoe recent en cultuurgebonden de huidige Westerse (en globale) omgang met de natuur is hoopt dit artiekel alternatieven voor de toekomst denkbaar te maken.

Biopiracy

Antropologische literatuur en het werk van Vandana Shiva tonen aan dat de moderne Westerse visie op de  natuur en de kolonisatie van andere culturen nauw met elkaar verbonden zijn. Gedurende de kolonisatie van zuidelijke landen  door Europese monarchieën in de negentiende eeuw werden de kolonies vaak neergezet als ‘lege’ landen omdat ze nog niet ‘ontdekt’ waren door het Westen en omdat er zogezegd geen beschaving was.  Deze landen werd dus een negatieve identiteit opgelegd in relatie tot het Westen waardoor een eigen positieve identiteit werd ontkent. Dit soort woordgebruik is cruciaal geweest in de legitimatie van het koloniaal project. Inheemse volkeren werden afgeschilderd als primitief en als behorende tot de natuur. Zowel de natuur als deze volkeren werden neergezet als zijnde open voor, en in afwachting van, de komst van Westerse beschaving en moderniteit. In deze van origine masculine en zeer paternalistisch logica werdern vrouwen ook vaak beschouwd als dichter bij de natuur staande. In haar boek “Women, ecology, and developement” gaat Shiva in op wat een traditioneel meer vrouwelijke omgang met de natuur te bieden heeft. Het punt dat Shiva maakt in “Biopiracy” is dat de fysieke kolonisatie (gebaseerd op een Christelijk discours) van zuidelijke culturen zich na ‘onfhankelijkheid’ heeft voortgezet in het discours van vrije handel en ontwikkelingssamenwerking. De huidige kolonisatie draait om het opkopen van natuurlijke grondstoffen, incorporatie van landen in de globale economie, en het onttrekken van kennis door patenten en intellectuele eigensdomsrechten. Daarbij gaat eeuwenoude essentiële kennis van deze volkeren verloren, worden lokale zelfbehoevende economieën verwoest, en worden rechten op natuurlijke grondstoffen ontzegd. De onderliggende logica is dat grondstoffen, kennis, en productie pas waardevol worden op het moment dat ze geïncorporeerd worden in de economie en wanneer ze winstgevend zijn. Deze reducerende logica vormt de basis voor de zogenaamd ‘Structural Adjustment Programs’ (SAP’s) van de ‘International Monetary Fond’ (IMF), voor intellectuele eigendomsrechten, en voor patenten. De GATT treaty (General Agreement on Tarrifs and Trade) vormt hiervoor de gerechtelijke basis. De belofte is niet langer het brengen van het Christendom of van beschaving, maar van ontwikkeling, welvaart, en innovatie. Innovatie wordt daarbij enkel gedefinieerd in termen van economische innovatie (winstgevend maken). Alle andere vormen van creativiteit worden niet mee gerekend. Lokale economieën bijvoorbeeld, die niet winstgevend zijn maar genoeg produceren om in de levensbehoefte van mensen te voorzien, komen gewoonweg niet in de statistieken van de IMF voor. Ze zijn immers niet in staat om winst te genereren en zijn daarom een doel voor SAP’s. Het feit dat deze economieeën biodiversiteit en het leven van de mensen uit de gemeenschap, dieren, en planten, in stand houden heeft geen waarde. Deze lokale economieën wordt verweten dat ze ontwikkeling, globalisering, modernisering, en welvaart in de weg staan. SAP’s brengen echter geen welvaart voor de meerderheid van de bevolking. Privé eigendom wordt weliswaar verworven, maar komt terecht  in de handen van een minderheid. De meerderheid van de bevolking gaat er vaak op achteruit. 

In deze reductionistische (en van origine Eurocentrische logica) is de enige soort eigendom die telt privé eigendom (zoals gedefinieerd door John Locke), is de enige vrijheid de vrijheid van kapitaal, is de enige vorm van kennis gepatenteerde ‘wetenschappelijke’ kennis. Publieke goederen hebben letterlijk geen waarde en alle eeuwenoude wijsheden die niet opnieuw worden ‘bewezen’ en gepatenteerd bestaan niet in deze logica. De effecten van deze logica zijn overweldigend. Zoals er door biotechnologie (akkerbouw, chemische bestrijdingsmiddelen, genetisch gemodificeerde gewassen) een monocultuur in landbouw onstaat, zo ontstaat er door SAP’s een monocultuur in productie (winstgevende productie gereguleerd op de markt), en door intellectuele eigendomsrechten een monocultuur in kennis. De meerderheid van de wereldbevolking wordt daardoor rechten op water, voedsel, en op kennis ontzegd. Daarbij zijn veel biotechologieën ook nog eens destructief voor de ecologie en dus het leven op deze planeet. Men kan zich de vraag stellen wat dan nog van het leven overblijft? Dit, zoals te zien is in de documentaire van Shiva, is de reden dat veel boeren die direct met de maatregelen van de IMF en Westerse overnames te maken hebben zelfmoord plegen. De gevolgen van de kolonisatie door Westerse corporaties van water komt mooi aan bod in de film ‘Tambien Lluvia’. Dat het weldegelijk gaat om een gewelddadige en bewust kolonisatie, en niet om onvoorziene consequenties van welbedoelde maatregelen, wordt duidelijk in het inmiddels welbekende ‘Confessions of an economic hitman’ van John Perkins. Hij geeft de volgende job-omschrijving van zichzelf:

“Economic hit men (EHM’s) are highly paid professionals who cheat countries around the globe out of trillions of dollars. They funnel money from the World Bank, the U.S. Agency for International development (USAID), and other foreign ‘aid’ organizations into the coffers of huge corporations and the hands of a few wealthy families who control the planet’s natural resources. Their tools include fraudulent financial reports, rigged elections, payoffs, extortion, sex and murder. They play a game as old as empire, but one that has taken on new and terrifying dimensions during this time of globalization” (Perkins, 2005, p. ix).

De politiek van het leven zelf en gezondheid

We hebben al gezien dat veel aspecten van het leven zelf worden toegeeigend door corporaties. Dit is ook voelbaar in de medische wereld. Gezondheid wordt ook steeds meer toegeeigend door de pharmaceutische industrie, verzekeringsmaatschappijen, en managmentbedrijven.

“The practice of medicine in most advanced industrialized countries has been colonized by, and reshaped by, the requirements of public and private insurance, their criteria for reimbursement, and in general their treatment of health and illness as merely another field for calculations of corporate profitability” (Rose, 2007, p. 11).

De overname van ggz instellingen in Nederland door managment bedrijf psyQ vormt denk ik een goed voorbeeld. De patiënt verandert bijgevolg in een consument van gezondheidszorg:

“…now recipients of these interventions are consumers, making access choices on the basis of desires that can appear trivial, narcissistic, or irrational, shaped not by medical necessity but by the market and consumer culture” (Rose, 2007, p. 20).

Het is wederom een liberaal economische visie die ook in de gezondheidszorg doordringt maar er is meer aan de hand. Rose (2007) beschrijft hoe onze visie op gezondheid is veranderd gedurende de twintigste eeuw:

“It is neither delimited by the poles of illness and health, nor focused on eliminating pathology to protect the destiny of the nation. Rather, it is concerned with our growing capacities to control, manage, engineer, reshape, and modulate the very vital capacities of human beings as living creatures. It is, as I suggest, a ‘politics of life itself’” (Rose, 2007, p. 3).

Het is hier belangrijk om op te merken dat maatregelen betreffende gezondheidszorg altijd nauw verbonden zijn geweest met de politiek, zoals ook duidelijk wordt in bovenstaand citaat. De visie op gezondheid, het menselijk lichaam, en het leven zelf, zoals omschreven door Rose lijkt te zijn ontstaan vanuit technologische vooruitgang alsook het Verlichtingsideaal van de perfecte mens. De belofte van de Verlichting was dat de imperfecte mens geperfectioneerd kan worden door rationele wetenschap en technologische vooruitgang. Men kan zich echter afvragen of al dat gesleutel aan de mens door de medische wetenschap en aan het leven zelf door biotechnologie ons wel goed doet. In ieder geval heeft het grote gevolgen voor hoe we ons zelf beleven. Zoals Rose (2007) aangeeft:

“Once vitality is anatomized at this level, intervention is no longer constrained by the normativity of a given vital order” (Rose, 2007, p. 14)

Volgens Shiva wordt een levend organisme gekenmerkt door het feit dat het zelf-refererend (het staat in contact met zijn omgeving maar verhoudt zich uiteindelijk tot zichzelf) is en in staat tot zelf-regeneratie (het is in staat zichzelf te herstellen). Daarom is het opleggen van een externe orde (kolonisatie in de ruimste zin van het woord) fundamenteel schadelijk voor een levend wezen (en ecosysteem) omat het zijn zelf-referentie en zelf-regeneratie ontneemt. De anatomisering die Rose beschrijft lijkt hierbij aan te sluiten. Het gevolg is dat een levend wezen niet meer als autonoom geheel wordt beschouwd. De mens (alsook het ecosysteem en het leven zelf) is niet langer holistisch, iets wat in veel tradities lange tijd is benadrukt. Alles bij elkaar wordt wederom het leven onttrokken, niet aan hele culturen deze keer, maar aan het individu. Het individu wordt tegen zijn (letterlijke) aard in verdeeld en wordt daardoor opengesteld voor externe interventie en manipulatie. Dit gaat in tegen zijn autonomie en vermogen tot regeneratie.

Het internet en oppervlakkig denken

Het mag duidelijk zijn dat de relatie tussen mens en natuur wordt gekleurd door economische, politieke, en wetenschappelijke ideologieën. Maar hoe verregaand is deze invloed? Ideologieën veranderen niet alleen hoe we over dingen denken maar veranderen ook hoe we denken, wat we waarnemen, en hoe we in het leven staan. Als ideologieën zo vanzelfsprekend worden dat ze als vanzelfsprekend worden ervaren spreekt men vaak van hegemonie. We zijn ons dan niet langer van hun invloed bewust en nemen ze aan als realiteit. Niet alleen ideologieën beïnvloeden ons in een fundamenteel opzicht, ook technologieën hebben meer invloed dan we geneigd zijn te denken. Technologieën worden vaak beschouwd als instrumenten die los staan van ons en die simpelweg dienen als hulpmiddel. Carr beschrijft in zijn boek dat hij lang zo tegen het internet aan heeft gekeken. Later heeft hij opgemerkt dat hij anders ging lezen en denken door het veelvuldig surfen op het internet en is hij wetenschappelijke literatuur gaan lezen over de invloed van het internet op het brein. Steeds meer wetenschappelijk onderzoek toont aan dat ons brein enorm plastisch en flexibel is. Omgekeerd, als we ons aan andere dingen blootstellen uit zich dat in een andere chemie in het brein. Carr haalt wetenschappelijk onderzoek aan dat aantoont dat veelvuldig surfen door de hoeveelheid aan, en combinatie van, visuele, auditieve, en sensorimotore stimuli extreem verslavend. De hoeveelheid aan informatie geeft ook de illusie dat we veel te weten komen. We nemen dingen echter minder in ons op, vergeten ze sneller, en we verliezen de capaciteit om onze aandacht ergens bij te houden. Het internet kan dus ook een ‘ecologie van afleiding’ zijn (Carr, 2010). Het lineaire denkproces, wat we bijvoorbeeld ervaren bij het lezen van een boek, wordt daarbij verstoord. In plaats daarvan worden we een soort jagers en verzamelaars van informatie van hier en daar. Dit kan nuttig zijn maar als dit de enige manier is waarop we te werk gaan kan het andere denkprocessen in de weg staan en doen verdwijnen. Ons brein en ons denken stelt zich dus af op de computer. Dat wil echter niet zeggen dat een mens is als een computer, we worden als een computer omdat we kiezen er een relatie mee aan te gaan. Door de plasticiteit van onze hersenen zijn we dus heel gevoelig voor externe invloeden omdat ons brein zich aanpast aan de signalen die het binnen krijgt. We zijn dus beïnvloedbaar maar tegelijkertijd is geen enkele invloed determinerend. Als we ons dus bewust worden van een invloed, van zowel ideologieën als technologieën, hebben we de vrijheid om te kiezen of we ons hieraan willen blijven blootstellen. Omgekeerd, als we ons aan nieuwe dingen blootstellen zullen we fundamenteel veranderen. Mogelijk is de plasticiteit van het brein wat ons zo kwetsbaar maakt voor kolonisatie en overheersing. Anderzijds hoeven we ons nergens bij neer te leggen.

Conclusie

Kolonisatie is niet iets van vroegere tijden en verre oorden maar is hedendaags en raakt iedereen met verregaande consequenties voor alle leefvormen op aarde. De huidige Westers georiënteerde omgang met de (menselijke) natuur is onhoudbaar en doet het leven zelf geweld aan. Het goede nieuws is dat levende organismes inherent in staat zijn tot zelfgeneratie op het moment dat ze zich onttrekken aan externe impositie en weer zelf-refererend worden.

Bronnen (aanvullend)

Literatuur

  • Carr, N. (2010). The shallows: how the internet is changing the way we read, think and remember. London: Atlantic Books.
  • Chossudovsky, M. (2003). The globalization of poverty and the new world order. Montréal: Global Research Publishers.
  • Kaika, M. (2004). City of flows: modernity, nature, and the city. London: Routledge.
  • Martin, E. (1991). The egg and the sperm: how science has constructed a romance based on stereotypical male-female roles. Signs, 16(3), 485-501.
  • Ortner, S.B. (1972). Is female to male is as nature to culture? Feminist Studies, 1(2), 587-600.
  • Perkins, J. (2005). Confessions of an economic hitman: the shocking story of how America really took over the world. London: Ebury Press.
  • René, L. (2009). Unplugging the patriarchy: a mystical journey into the heart of the new age. Williamsburg: Crown Chakra Publishing.
  • Shildrik, M. (2002). Embodying the monster: encountering the vulnerable self. California: Sage Publications ltd.
  • Shiva, V. (1997). Biopiracy: the plunder of nature and knowledge. Brooklyn: South End Press.
  • Shiva, V. (2010). Staying alive. Brooklyn: South End Press.
  • Stoler, A.L. (2002). Carnal knowledge an imperial power: race and the intimate in colonial rule. London: University of California Press.
  • Rose, N. (2007). The politics of life itself: biomedicine, power, and subjectivity in the twenty-first century. Princeton: Princeton University Press.

Documentaire

The posthuman word – Michael Tsarion 

Deel 1: http://www.youtube.com/watch?v=7ZtJ_ld-meE

Deel 2: http://www.youtube.com/watch?v=upGspE6yLsA

Deel 3: http://www.youtube.com/watch?v=sXk2Yr4MwJ8&feature=relmfu

Deel 4: http://www.youtube.com/watch?v=fd_zaFXspWM&feature=relmfu

Film

Lluvia tambien (2010)


Dit artikel is een uittreksel en vertaling van een paper van Eveline Peters voor haar 2e Master in de sociale en culturele antropologie. Culture, Ecology, and Development. Klik op het document hieronder om de gehele paper te lezen. 


Geplaatst door Eveline Peters

Eveline Peters

Wat ben ik ontzettend blij dat ik hier bij earth-matters terecht ben gekomen en met open armen ben ontvangen! Enerzijds sta ik nog relatief aan het begin van een proces van bewustwording maar anderzijds ben ik er eigenlijk al mijn hele leven mee bezig...


Bekijk alle artikelen en de volledige beschrijving van Eveline Peters



Laatste artikelen in deze categorie


Lees alle artikelen in deze categorie


Dit artikel delen





Print artikelArtikel als PDF

Tip iemand over dit artikel:


Quote

"The greatest discovery of my generation is that man can alter his life simply by altering his attitude of mind."

-- William James











Bij de verkeerde Earth Matters belandt? Klik op onderstaand logo om naar Earth Events te gaan.