Verborgen

hide & seek

Klik op de foto voor een
vermelding van de copyrights

Taal:Taal
Views:3035
Ingevoerd:
Geplaatst door:
Bron:Hart tot hart

Gekoppelde categorieen
Bewustzijn

Ze keek vertwijfeld naar het kleine venstertje waarin een roze kleur aangaf dat ze zwanger was. Ze zakte in elkaar en staarde in de verte. Het kon niet waar zijn! Een vlaag van paniek gierde door haar lichaam. In de biologieles was het haar duidelijk geworden dat je best van één keer zwanger kon worden en ze was  niet één keer met hem naar bed geweest. Maar wat was er dan fout gegaan? Ze had stiekem de pil gevraagd bij de huisarts, die nam ze trouw elke avond in. Hoe kon dat nou? Wanneer was ze nu voor het laatst ongesteld geweest? Ze was het ook zo onregelmatig. Was het nou in maart voor het laatst of toch nog in februari ? Ze rekende en rekende en kwam er niet uit. Ineens dacht ze aan de buikgriep die ze in de Voorjaarsvakantie had gehad. Jeetje, wat was ze kots beroerd geweest. Ze was daarvoor net ongesteld geweest, ja ze wist het weer.

Ze kroop onder de dekens en klappertandde. Ze realiseerde zich dat het moeilijk zou worden aangezien ze niemand had die ze in vertrouwen kon nemen. Haar ouders al helemaal niet. Ze zag het al voor zich dat haar vader aan zijn collega’s moest vertellen dat zijn dochter op haar 16de zwanger was. Haar moeder zou helemaal een rolberoerte krijgen. En hij…een golf van misselijkheid ging door haar heen.

Hij was de allerlaatste persoon die het mocht weten, daar moest ze voor zorgen.
Stel je voor dat..nee, niet aan denken, hij kwam het gewoon nooit te weten.
Het zou zwaar worden, en ze moest goed nadenken hoe ze het allemaal ging doen. Eerst maar eens naar de bieb en lezen wat haar te wachten stond. Zo lag ze daar op de zolder, ineengedoken op haar bed, en probeerde de angst weg te drukken.

Plotseling ging de etensbel. Papa had hem daar geïnstalleerd, omdat het anders zo’n geschreeuw werd van beneden naar boven. Het was een gebiedend geluid. Ze ging rechtop zitten en voelde zich duizelig worden. Even wachten voor ze ging staan. Tante Meta had vorig jaar een baby gekregen en ze herinnerde zich dat zij over haar misselijkheid had verteld. Hoelang had dat ook al weer geduurd? Iets van drie weken of was het drie maanden geweest. Ze wist het niet meer. Langzaam ging ze staan. De bel ging opnieuw. ‘ Ja ,ja’, mompelde ze in zichzelf ‘ Ik kom eraan, rustig’.

‘Waarom kom je niet als ik bel’,  zei haar moeder terwijl ze de pannen op tafel zette. Ze keek haar boos aan. Ze zweeg. ‘ Nou?’, ging haar moeder door. ‘ Laat nou maar Lena’, zei haar vader. ‘Ik heb trek’. Tim en Huib, haar beide broertjes, zaten te knoeien met de spaghetti. Ze glimlachte vanbinnen, want dat zou weer de nodige trammelant geven.
‘Hou op met prikken jongens’, zo begon haar moeder. Het prikken ging door dat wist ze wel, ze trokken zich er niets van aan.

De telefoon maakte een eind aan de ophanden zijnde scene. Haar moeder verdween in de studeerkamer die aan de zijkant van het huis was aangebouwd. Als advocate was ze voortdurend gekluisterd aan dat ding en at ze vaak na. Ze waren het gewend. ‘Wat eet jij weinig, Iris’, zei haar vader opeens. Ze schrok ervan, en nam haastig een grote hap spaghetti.’ Hoe ging wiskunde eigenlijk deze week?’ Ze kreeg het Spaans benauwd en trok wit weg. Haar vader was ondertussen naar de keuken gelopen om wat uit de koelkast te halen en zag niet hoe bleek zijn dochter werd.

“Nou?’ vroeg haar vader opnieuw, toen hij weer aan tafel zat. ‘Nog niet terug’, zei ze en stond op. ‘Ik denk dat ik griep krijg, mijn benen doen zeer en mijn keel. Ik ga naar bed. Als Sarah belt, wil je dan zeggen dat ik niet meega vanavond naar de film’. Weg was ze. De trap op en in de badkamer aangekomen gaf ze de hele maaltijd over. Boven de wasbak keek ze in de spiegel naar haar gezicht en zag haar met mascara doorlopen ogen. Het enige dat ze kon denken was: ‘wat moet ik?’

Het lukte haar twee dagen in bed te blijven. Gelukkig waren haar ouders bijna niet thuis, al sms-te haar moeder regelmatig, maar die beantwoordde ze nauwelijks. Sarah en Mirthe belden om de haverklap en wilden per se langs komen. Ze wimpelde het af. Zij wisten van niks en ze ging het hen ook niet vertellen. Wel lag ze maar steeds te denken wie ze in vertrouwen kon nemen. Ze kon niemand bedenken.

De derde dag hees ze zich uit bed, kleedde zich aan en nam een haastig ontbijt.
Sarah belde of ze haar kon ophalen en ze stemde toe.In de klas was het een geroezemoes van jewelste. De biologieleraar riep om stilte en toen het niet snel genoeg stil begon te worden gaf hij een klap op het bord. Ze verstomden.’ Vandaag gaan we verder met erfelijkheid en genetische afwijkingen’ , zei hij. Ook dat nog.’ Neem jullie boek en zoek op bladzijde 55 eens naar het schema dat aangeeft welke afwijking door de vaccinaties bijna uitgeroeid zijn en welke afwijkingen er nog meer voorkomen onder de Nederlandse bevolking..’

Ze dwaalde voortdurend af met haar gedachten. Hoelang was ze zwanger? Kon ze het nog laten weghalen? En waar dan? Eerst maar thuis googelen dacht ze toen en veerde wat overeind omdat ze ineens een uitweg zag. Hij zat in zijn studeerkamer te mijmeren. Wat was hij gek op haar en tegelijkertijd wist hij donders goed dat dit te belachelijk voor woorden was.

Hij moest ermee stoppen. Toen dacht hij weer aan haar mooie lijf, haar lieve lach en hij wist dat hij er niet mee zou kunnen stoppen. Op kamp in het derde jaar had hij haar leren kennen. Dat was nu exact een jaar geleden. Hij was gebiologeerd door haar. Hij vond haar grappig, intelligent, gevat, open en spontaan. Ze had zich laten verleiden en zo was het begonnen. Als hij haar voor zich zag verscheen  er een grote glimlach op zijn gezicht.
Amanda riep hem beneden dat het eten op tafel stond. Hij rechtte zijn rug en liep de keuken in, gaf zijn vrouw een zoen op het puntje van haar neus en snoof de heerlijke etensgeur op; spagetti, zijn lievelingsmaal.

Thuis gekomen gaf Google de Rutger Stichting als mogelijkheid om naartoe te bellen. Ze pakte haar telefoon. Ergens diep in haar kwam een stemmetje naar boven dat zei; dan ben jij een moordenaar. Ze hadden bij biologie een 3d filmpje gezien van een foetus van drie maanden. Ze had er gebiologeerd naar gekeken, hoezeer het al een klein mensje was. Haar benen gingen trillen en ze had de neiging gehad om te gaan klappertanden. Ze schrok zo van haar gedachte om het weg te laten halen, dat ze haar telefoon liet vallen. Ze deed haar handen voor haar oren en kreunde hardop.

Wat wilde ze eigenlijk? Kon ze haar ouders maar in vertrouwen nemen? Wat zou haar moeder zeggen? Een jaar geleden had een nichtje van 20 aangekondigd dat ze per ongeluk zwanger was. Zij en haar vriend Tjeerd hadden besloten dat de baby welkom was. Haar moeder had naast haar zitten sputteren, zodanig dat ze zich dood gegeneerd had. Ze zaten er nota bene naast!

Toen ze uiteindelijk weg reden in de auto was de bom gebarsten en had haar moeder aangegeven dat ze het idee te belachelijk voor woorden vond. Je jeugd vergooien, je studie, wat toch het belangrijkste in je leven was, eraan geven. En dat terwijl je vandaag de dag heel netjes en zeer tijdig kon voorkomen dat zoiets een probleem werd. Dat ‘zoiets ’had ze met zo’n minachting uitgesproken. Brrrrrr. Iris had ineengedoken naast haar gezeten, niet wetend wat te zeggen. En nu was zij het die zwanger was en was het maar waar dat ze al 20 was, dan was ze in haar ogen oud genoeg.

Plotseling wist ze het zeker: ze liet het niet weghalen. Ze bedacht wel wat. Alleen, hoe kon ze het straks verbergen? Ze was, vond ze zelf, te dik, dat kwam dan nu goed uit. Misschien ging ze wel weinig eten, alhoewel de baby moest goed groeien. Het was chaos in haar hoofd. Gedachten vlogen binnen en zorgden ervoor dat ze hoofdpijn kreeg. Net op het moment dat ze 2 paracetamollen wilde innemen, bedacht ze ineens dat je geen medicijnen kon innemen als je zwanger was. Dat had de biologieleraar in de les verteld..

Na het eten sms-te hij haar of ze tijd had om hem te ontmoeten aan het einde van de dijk. ‘Ik verlang zo naar je’, schreef hij. Toen hij het berichtje wegstuurde kwam de zeurende stem uit zijn binnenste weer opzetten. ‘Minderjarig, strafbaar’, zei de stem. Zou hij er een bericht achteraan sturen dat het toch bij nader inzien niet uitkwam? Hij klapte zijn mobiel open, en begon de zin. Halverwege wiste hij alles. Ze kon ook zelf besluiten dat het niet meer ging.
Toch?

Ze keek op haar mobiel en zag het envelopje staan. Resoluut deed ze haar telefoon dicht. Als hij het was dan wist ze nu zeker dat ze niet meer wilde. Over en uit. Na een minuut of tien begon ze onrustig te worden. Ze had net haar Frans erbij gepakt en was een tekst aan het vertalen. Ze keek toch wie het was. Misschien wel Floor die zo bezorgt om haar was. Nee, hij was het. Klap dicht, deed ze de telefoon.’ Hij bestaat niet meer voor mij ‘, dacht ze.


Op de achtergrond hoorde ze Marco Borsato het lied ‘De bestemming’ zingen. Ze huiverde.’ Wat was in vredesnaam haar bestemming?’

Ze kon niet van de chocolade repen afblijven. Elke dag na schooltijd fietste ze langs de winkel om voldoende in te slaan. Ze voelde dat ze groeide. Ze had wat slobbertruien gekocht en hele grote sjaals. Zo kon ze haar groeiende buik verstoppen.

Haar moeder vond de vele wikkels van de chocolade op het moment dat de hulp haar vertelde wat ze had aangetroffen toen ze het bed had verschoven. Ze werd op het matje geroepen: ‘Je bent al te dik Iris, dat weet je’, begon de preek van haar moeder. ‘Wees nou een verstandige meid en laat die chocolade staan. Neem een gezonde appel of banaan’. Ze beloofde het plechtig en zat ondertussen na te denken waar ze de repen kon verstoppen en dat ze de wikkels ergens anders moest gaan weggooien.

‘Zullen we binnenkort eens gezellig samen naar de sauna gaan’, vroeg haar moeder ineens. Ze schrok zich een hoedje. Dat kon echt niet.’ Nee, niet de sauna’ zei Iris op klaaglijke toon. Kunnen we niet naar de film of zo?’ ‘ Ook goed’ antwoordde haar moeder. Er gebeurde vervolgens niets, want die plannen hadden ze al zo vaak gehad. Haar moeder had een druk bestaan en dan kwam het er toch niet van. ‘Mij best’, dacht Iris, van mij hoeft het ook niet.

‘Ze ontloopt me’, dacht hij bij zichzelf. ‘Wat is er gebeurd dat ze me mijdt?’ Hij piekerde zich suf. Had ze iemand in vertrouwen genomen. Waren haar ouders erachter gekomen? Hij werd gek. Hij moest haar zien. Hij besloot de dag erop de gangen te bewaken en haar gewoon aan te speken. Kijken hoe ze reageerde.

Iris liep door de gang van de school op weg naar Frans. O, wat had ze daar een hekel aan. Sarah liep al babbelend naast haar. Toen ze de hoek omkwamen stond hij tegen de muur geleund te praten met Priscilla, één van haar vriendinnen die in een andere klas zat. Ze schrok, wilde rechtsomkeert maken maar durfde het niet vanwege Sarah.’ Hé, Iris,’ zei hij opgewekt. Lang niet gezien. Hoe is het?’

Ze voelde dat haar wangen rood kleurden en baalde daarvan als een stekker. Hij stapte naar voren, zodat hij voor haar kwam te staan. Zijn ogen priemden zich in de hare. Plotseling ging de bel. Ze duwde hem lichtelijk aan de kant en stevende recht op het lokaal af waar ze naar toe moest. Ze plofte op een stoel en trilde. ‘Wat heb jij ’ vroeg Sarah haar. ‘Jeetje kan je niet wat vriendelijker doen!’ ‘Ik mag hem niet’ zei ze resoluut. ’ Hé en je was altijd zo weg van hem!’ ‘Ik ?’ zei Iris verbaasd.’ Hoe kom je daarbij. Ik vind hem een eikel!’

Hij was er totaal niet bij toen hij de scheikundige formules op het digibord schreef. ‘Hé meneer, dat klopt niet hoor’, riep Marvin. Hij keek om, keek opnieuw naar het bord en veranderde de formule.’ Goed opgelet Marvin’ zei hij breed lachend. Toen de klas aan het werk was zat hij een poosje met zijn hoofd in zijn handen. Hoe kon hij zo in de ban zijn van zo’n meisje, vroeg hij zich af. Wat kon hij doen om haar te spreken te krijgen? Ineens veerde hij op en bedacht dat hij eens met Sarah moest gaan praten. Ja dat was het! Misschien kon hij haar in de pauze opzoeken en kijken of Iris ergens anders zat, zodat hij even kon praten. Er gloorde weer een beetje hoop aan zijn horizon.

Sarah pelde een banaan in de kantine. Iris was naar huis gegaan, omdat ze hoofdpijn had. ‘ Weet jij wat er aan de hand is met Iris’, vroeg ze Mirthe, die net 2 boterhammen in de afvalbak gooide. ‘Huh’, zei Mirthe, wat bedoel je?’

‘Nou gewoon, ze is zo sacherijnig de laatste tijd, ze wil niets meer afspreken en ze ziet trouwens bleek, net een vaatdoek’ antwoordde Sarah. ‘Ze kan totaal niet met haar ouders opschieten’, zei Mirthe, zal dat het niet zijn. Heb jij haar moeder weleens gezien?’ Ze wachtte niet op antwoord en zei: ‘ Echt zo’n kak advocaat. Ik kan me niet eens voorstellen dat ze de moeder is van Iris!’. Sarah knikte: ‘ haar vader is wel aardig, maar hoe vaak ziet ze die eigenlijk? Die is toch altijd weg?’ het was even stil, ze zaten beiden verzonken in gedachten. Net toen Sarah iets wilde zeggen zag ze De Geus aankomen. ‘Hé, Mir, daar komt De Geus aan. Het lijkt wel of hij ons moet hebben’. Met een brede glimlach stond De Geus voor hen. ‘ Zo dames, hoe gaat het?’ Mirthe en Sarah keken elkaar aan. Wat had die man? ‘Oh goed’, mompelden ze beiden. ‘ Sarah’,  begon De Geus ’kun je even meekomen, ik wil je wat vragen’.

Schoorvoetend ging Sarah mee. Aan de andere kant van de kantine waar het wat rustiger was, stond De Geus stil.’Ik maak me wat zorgen om Iris’, zei De Geus. ‘ ‘Is er wat bijzonders met haar soms?’ Sarah keek hem aan en dacht ondertussen na over wat ze zou zeggen. Had Iris gespijbeld bij Scheikunde? Wat was er aan de hand? De geus ging door’  Ik heb altijd leuk contact gehad met Iris, ze is zo’n gezellige babbelkont en de laatste tijd ontwijkt ze me en dat zit me echt een beetje dwars. Heeft ze soms moeilijkheden thuis?’

Sarah besloot eerlijk te zijn. Puur omdat ze zelf ook wel zag dat het niet goed ging met Iris. ‘ Ik weet ook niet wat er aan de hand is. Ze is sjacherijnig de laatste tijd en ze zegt telkens af als we iets samen zullen doen. Heel vreemd’. ‘Aha’, zei de Geus, ‘dus zo raar is het niet dat ik het ook zie’. Hij tuurde in de verte. Zij keek naar haar mobiel. ‘ Ik ga,’ zei ze toen, ‘ik heb een wiskunde proefwerk’ en weg was ze. Hij hoorde het lawaai in de kantine, maar vooral het bonken van zijn hart.

Het zat hem niet lekker. Er was wat, dat voelde hij aan z’n klompen aan. Maar wat? Hoe kwam hij met haar zelf in contact als ze zijn sms-jes niet beantwoordde. Haar ouders bellen? Nee, die gedachte verwierp hij direct. Ze had geen goed contact met haar eeuwig werkende ouders, dat had ze al gezegd. Waar fietste ze ook nog maar langs als ze naar school ging? Waarschijnlijk langs de molen en dan de Boerendijk op. Ik ga haar opwachten morgen besloot hij. Dan kan ze me niet meer ontlopen.

Iris lag op haar bed. De tranen stroomden over haar wangen. Haar hand lag op haar buik. De bewegingen van de baby waren nu zo duidelijk dat ze ervan moest huilen. ‘Ik wil je houden’ fluisterde ze tegen de kleine. ‘Ik wil je niet kwijt’.

Plotseling hoorde ze de stem van haar moeder:’ Iris kom je beneden, Sarah is er!’
Snel boende ze haar gezicht schoon, deed een duik naar haar geurtje, spoot een lading om zich heen, deed haar wollen vest aan met de grote fleurige sjaal en ging de trap af.
‘ Hoi’ zei ze tegen Sarah. ‘Hoi’ zei Sarah op haar beurt. Ze grijnsden beiden. ‘Wil je cola vroeg Iris haar. Sarah knikte bevestigend. Terwijl Iris naar de keuken liep zei Sarah: ‘ De Geus vroeg naar je’. Iris voelde een paniekgolf omhoog komen, maar kon dat verdoezelen doordat ze net de koelkastdeur openzwaaide en Sarah niet aan hoefde te kijken. Ze herstelde zich. ‘ Wie?’ vroeg ze toen, terwijl ze de cola inschonk. ‘ De Geus’ van scheikunde. Hij maakte zich zorgen over je!’ ‘Nou, wat heb je gezegd? Dat het prima met me gaat. Kan niet beter’ zei Iris toen. ‘Die eikel moet zich met zichzelf bemoeien’ vulde ze aan. ‘Iris!,’ zei haar moeder gebiedend’ ,zo praat je niet over een leraar!’ ‘Zullen we naar boven gaan’ zei Iris abrupt en liep richting de trap. Sarah snelde haar achterna.

Boven gekomen zei Iris:’ Jeetje, moet je dat nou zeggen waar mijn moeder bij is?’ ‘ Sorry, niet bij nagedacht’,  zei Sarah. ‘ maar is er wat? Je doet zo vreemd de laatste tijd Ier’. ‘Ik denk dat ik met school ga stoppen’, antwoordde Iris. Sarah keek haar met grote ogen aan:’ Wat??????????? ‘riep ze toen. Mag dat van je ouders? Oh sorry, die weten het dus niet. Jeetje, stoppen, hoezo dan, waarom dan?’

Iris keek haar doordringend aan toen ze zei: Ik kan er niets over zeggen  ok? En mijn ouders mogen het niet weten. Kun je je mond houden?’ Sarah knikte. ‘ Ik moet even wat uitzoeken. Als het zover is hoor je het als eerste. Maar niets verklappen hoor. Doe je dat echt niet Saar?’  Toen Sarah weg fietste naar huis had ze een raar gevoel in haar maag. Wat was er met Iris? Iris lag weer op haar bed. De kleine bewoog. ‘ Ik laat je nooit in de steek. Beloofd! ’zei ze zachtjes. Waar moest ze eigenlijk naar toe?

Hij stond verscholen achter een brede struik toen hij haar zag komen aanfietsen. Haar haren wapperden in de wind. Ze fietste langzaam, alsof het haar moeite kostte. Plotseling kwam hij tevoorschijn en versperde hij haar de weg. Hij zag dat ze schrok. ‘ Ik ga niet eerder aan de kant lieve Iris, dan dat ik weet wat er met je aan de hand is en waarom je me ontloopt,’ zei hij. Ze was ondertussen afgestapt en probeerde haar ademhaling onder controle te krijgen. Hij had haar de doodsschrik aangejaagd. ‘ Niets’,  antwoordde ze en keek hem strak aan. Behalve dan dat ik je nooit weer wil zien’. Hij liep naar haar toe, maar ze weerde hem af.’ Niet doen ’, zei ze op luide toon. ‘ Ik begrijp er echt niets van Iris. We hebben het hartstikke fijn samen, niets aan de hand en dan opeens doe je alsof ik niet besta. Dat vind ik niet eerlijk’. ‘Ik heb nou eenmaal een ander besluit genomen en ja dat heb ik best plotseling gedaan’,  zei Iris toen. Kan ik nu gaan?’ Ze wilde op haar fiets stappen , maar hij pakte het stuur vast zodat ze niet weg kon gaan.’ Alsjeblieft Iris, je weet wat ik voor je voel, doe dit niet’ De blik die ze hem toewierp was koel en afstandelijk. Hij schrok ervan en stapte abrupt aan de kant. Ze reed weg met een ongekende snelheid. Hij bleef in verbijstering achter.

Ze maakte een omweg naar huis. ‘Niet meer naar school, geen denken aan’. Thuisgekomen dook ze haar bed in dat ze nog geen anderhalf uur geleden verlaten had. Ze dommelde weg. Niet lang erna sms -te Sarah: ’Waar blijf je?’ Ze klapte haar telefoon weer dicht en dook opnieuw onder de dekens. Ze werd wakker, omdat de baby schopte. ‘Stil maar’, zei ze, het komt allemaal goed. Ik ga gewoon voor je zorgen’

Plotseling dacht ze aan Evelyn, haar nichtje. Ze had samen met Tjeerd, haar vriend, een zoontje gekregen. David. Zij wist wat ze doormaakte. Zou ze naar haar toe gaan? Haar bellen? Ze wist het niet. Kon ze haar vertrouwen? Zou ze haar ouders inlichten? En dan……moest ze dan haar baby afstaan? Nee! Dat nooit. Maar wat dan? Ze wist niet eens hoever ze was. Iets van 7 of misschien zelfs wel 8 maanden of zo. Het werd steeds moeilijker om haar dikke buik weg te stoppen. Gelukkig was het winter en droeg ze grote grof gebreide truien en grote sjaals.

De volgende ochtend was ze er uit. Ze ging dit weekend naar Evelyn in Rijswijk. Ze zou gewoon aanbellen en dan zag ze wel wat ze zou doen. Ze voelde zich voor een moment opgelucht.

‘’Ben je ziek of zo’,  vroeg zijn vrouw die zaterdagochtend toen hij stilletjes en uitgezakt op de bank zat. ‘ Inderdaad’,  zei hij ik voel me beroerd’. Ze keek hem opmerkzaam aan. ‘ Wat mankeert je dan?’ Hij wilde in een opwelling zeggen dat hij liefdes verdriet had, maar hij hield zich nog net op tijd stil.’ Last van mij maag. Zeker iets verkeerds gegeten’. ‘ Werk je niet te hard’ zei ze toen’. ‘ Nee, dacht ik niet, ik heb er plezier in en het gaat goed’,  antwoordde hij neutraal. Ze haalde haar schouders op en liep naar de keuken. Hij liep de tuin in, haalde hout uit de schuur en pakte de hakbijl. Even later sloeg hij de bijl in het hout met forse slagen. Het hielp om zijn gedachten te verdrijven.

‘Iris’ riep haar moeder vanuit de kamer, terwijl ze aan de keukentafel zat. ’ Schat, je ziet zo bleek en ik snap het niet, je eet veel te weinig en toch kom je aan!’ Iris verschoot van kleur en zakte iets verder weg onder de tafel. ‘ Misschien dat ik toch teveel chips eet, ik zal er op letten mam’ antwoordde ze kalm. Heupwiegend kwam haar moeder binnen met uiteraard een telefoon aan haar oor. Iris zuchtte en liep naar de trap. Terwijl haar moeder een gesprek door de telefoon begon gebaarde ze dat ze moest blijven zitten. Daar had ze nou helemaal geen zin in. Nee, gebaarde ze terug en liep naar boven. Onder de douche bekeek ze haar bolle buik. Een klop op de deur en de deurkruk die naar beneden ging en de stem van haar moeder.’ Hé toe Iris, dat ben ik niet van je gewend hoor, waarom moet de deur dicht. Vrouwen onder elkaar toch’ Ze sloeg een handdoek om zich heen er riep:’ Ik kom zo’ en ze haalde opgelucht adem toen ze het geklak van haar moeders schoenen op de trap hoorde.

Zachtjes sloop ze de zoldertrap op en hoopte dat haar moeder beneden bleef. Maar nee, een ‘ Iris’ klonk op gebiedende toon. Zuchtend hees ze zich de trap af en probeerde alle oogcontact met haar moeder te vermijden. Net toen de preek zou beginnen ging echter de mobiele telefoon van haar moeder opnieuw. Ze keek er geërgerd naar en gebaarde dat Iris kon gaan. Schijnbaar was het een belangrijk telefoontje. Was zij even blij.

Toen ze weer boven kwam probeerde ze via internet aan het telefoonnummer te komen van Evelyn. Ze vond het. Nu nog bellen dacht ze. Op het moment dat ze het nummer intoetste deed ze de telefoon echter resoluut dicht. Ze was bang. Wat moest ze zeggen? Ze kenden elkaar alleen van familiefeestjes. Opnieuw deed ze de telefoon open. Het moet! Ze had het nummer ingetypt en bijna direct hoorde ze de stem van Evelyn. Op de achtergrond hoorde ze een baby huilen. Met een klap deed ze haar telefoon opnieuw dicht.

Ze wachtte nog een week en zorgde ervoor dat ze alleen lessen volgde waarbij ze  zeker was dat ze hem ontliep. Thuis wendde ze veel hoofdpijn voor. Haar ouders waren er gelukkig weinig en als ze er waren ging de aandacht naar haar beide broertjes, die er beiden op school een potje van maakten. Een keer zag ze hem uit de verte lopen op school. Zijn houding was anders, alsof hij zichzelf meesleepte of zo. Even ging er een schok door haar heen. Voelde hij iets?

Hij sleepte zich door de lessen heen als een soort robot. De directeur had hem op het matje geroepen en had hem aangegeven dat leerlingen klaagden over zijn desinteresse. Hij had beleefd geantwoord dat er privé spanningen waren, dat het weer voorbij ging. De directeur had geknikt en gevraagd of het niet verstandig was zich ziek te melden. Dat had hij aangenomen. ‘ga een week de hei op, De Geus’’ , had de directeur gezegd, ‘maak je hoofd leeg’. Nou leeg was exact het juiste woord, dacht De Geus en fietste naar huis.

Twee weken later probeerde Iris het opnieuw om Evelyn te bellen. Dit keer ging ze door toen ze haar aan de telefoon kreeg: ‘ Hé Evelyn, met je nichtje Iris, ’ zo begon ze het gesprek. ‘ Hé iris’,  zei Evelyn, ‘ dat jij belt, wat leuk zeg!’’ Ze vroeg naar David en naar hoe het ging. Evelyn was erg enthousiast, maar vertelde spontaan dat het veel zwaarder was dan ze gehoopt had.’ Och joh, die voedingen ’s nachts, ik ben een dweil bij tijden. ‘ mag ik eens naar David komen kijken’ vroeg Iris toen. “Ja prima hoor, wanneer kun je?’ Ze spraken een weekend af over 3 weken, eerder lukte gewoon niet. Nog drie weken wachten dacht Iris toen ze de telefoon dicht deed.  Hoe hou ik het uit?

De weken ertussen hadden haar ouder het beredruk en dat was nu helemaal oké. Ze was het gewend. De zolder was haar plek om ongestoord haar buik te bekijken en met haar handen de schopjes van de baby te voelen. Ze dronk liters melk en kauwde voortdurend op liga koeken. Toen ze de weegschaal uit de badkamer haalde en erop ging staan sloeg ze een hand voor haar mond; ze was 11 kg gegroeid. Was dat wel normaal? Een baby is toch nooit zo zwaar? Ze werd bang en zocht op internet naar antwoorden. Gelukkig kwam ze erachter dat het normaal was.

Het werd uiteindelijk de zaterdag van vertrek naar Kampen. Haar vader en moeder waren een dag uit zeilen met vrienden. Ze nam de trein van 10.30 uur en had uitgezocht welke bus ze daarna moest nemen. Tegen 12 uur stond ze voor de deur. Bij de boekwinkel had ze een boekje laten inpakken van Dick Bruna. Evelyn zwaaide de deur open. Ze begroetten elkaar met drie kussen.  Ze hoorde David al huilen en slikte. Tjeerd zat binnen op de bank met de kleine David op schoot. Ze pakte zijn minuscule handje en lachte naar hem. ‘Wat bijzonder dat je komt Iris’,  zei Evelyn toen ze haar een kopje thee had gegeven. ‘Ik ben zwanger’,  zei Iris plompverloren, en niemand weet ervan’.

De ogen van Evelyn leken net schoteltjes, zo groot waren ze. Ze sloeg haar hand voor haar mond. ‘ Jeetje’ , zei ze met een lange uithaal. ‘Je meent het’ , zei Tjeerd. Het werd even helemaal stil in de kamer op de kleine murmelende geluidjes van David na. ‘En nu?’ vroeg Evelyn. ‘ Precies’ , zei Iris,’ wat nu? Ik weet het niet, maar ik wil het houden en dat mag vast niet van mijn ouders’. Zo, het hoge woord was eruit.

‘Maar’, zei Evelyn en  je kon de verbazing in haar stem horen, ‘dan ben je dus ook niet bij een verloskundige geweest!’ Iris haalde haar schouders op. Zo zaten ze met z’n drieën bij elkaar. Iris ineengedoken. Evelyn vol verbazing en Tjeerd behoorlijk ongemakkelijk. ‘Wil je hier een poosje blijven?’ vroeg Evelyn en keek vervolgens naar Tjeerd.’ Als jij het goed vindt dan hè’. ‘Maar dat lost toch niet echt iets op’, antwoordde Tjeerd. ‘Dan komt de baby, en dan? Hoe zie jij de toekomst Iris. Je bent minderjarig, dus je ouders moeten meebeslissen wat er gaat gebeuren’. ‘Je hebt gelijk’  zei Evelyn, en knikte naar Tjeerd.’ Als ik nou eens met je ouders praat? En je blijft hier zolang het niet duidelijk is wat er moet gebeuren. Wat vind je daarvan?’

Evelyn had gebeld met haar ouders. Ze waren sprakeloos geweest en ontzet. Haar moeder had tranen met tuiten gehuild aan de telefoon, zo vertelde Evelyn. Haar vader had het gesprek overgenomen en wat zakelijke vragen gesteld. ‘Kunnen we Iris spreken?’ had haar moeder gevraagd, maar Iris had nee geschud, toen Evelyn haar met de telefoon in de hand het gebaar van ‘jij ook?’ had gegeven.

Hij leidde een zwervend bestaan in de weken dat hij ‘ziek’ thuis zat. Zijn vrouw wist van niets en dat hield hij ook liever zo. Hij zag elk restaurant vanbinnen en dronk menig kopje koffie of thee. De bibliotheek werd zijn vaste stek ’s middags. Verscholen achter een enorme plant las hij de krant of althans hij deed een poging ertoe. Het lukte niet om zijn gedachten op orde te krijgen. Schuld, eenzaamheid, verlangen, het spookte in hem om. En telkens de vraag die zich opdrong: ‘Wat had hij verkeerd gedaan dat ze hem was gaan mijden?’. Hij kreeg het niet helder.

Iris staarde voor zich uit. Wat was haar leven een puinhoop geworden. Toen de baby echter schopte besefte ze dat het niet alleen maar ellende was. Ze aaide over haar buik. Evelyn was lief voor haar en beloofde haar dat ze de spullen van David mocht gebruiken. ‘Gek, daar had ze nou helemaal niet aan gedacht!’ Haar moeder belde dagelijks met steeds dezelfde vraag: kom je weer thuis, je hoeft de baby niet af te staan, echt niet. Lieverd, we missen je zo, alsjeblieft kom terug. Evelyn had voor donderdag een afspraak met de verloskundige gemaakt. Iris zag er als een berg tegenop. Toen ze in de wachtkamer zaten brak het zweet haar uit. Ze voelde zich misselijk en beroerd en liep maar rondjes.

Eindelijk gingen ze naar binnen. Ze had Evelyn meegevraagd. De verloskundige was aardig en stelde allemaal vragen. ‘Zo’, zei ze ‘zullen we maar eens even kijken?’
Iris zag dat ze schrok toen ze zich had uitgekleed van boven en de verloskundige haar buik zag. Toen ze lag en het voelen van haar buik begon zei ze’ Iris, ik ga toucheren, dat betekent dat ik van onderen ga voelen of de baby al geboren gaat worden. Je bent veel verder dan ik gedacht had’.

Daarna was alles in rep en roer. ‘Je hebt al 5 centimeter ontsluiting dus de baby komt eraan’, zei de verloskundige en greep de telefoon. Iris begon te huilen. Evelyn streelde haar voorhoofd en zei’ Stil maar Iris, het komt goed’. De ambulance kwam en op het moment dat ze wegreden kwam de eerste pijnscheut die haar de adem benam. De verpleegkundige stelde haar gerust en deed voor hoe ze moest ademhalen.  ‘ Goed zo!’ prees ze.

Op de verloskamer gekomen nam Evelyn haar bij de hand. ‘We doen het samen Iris’.
Later kon ze alleen maar denken aan de enorme pijn die in golven door haar heen ging. Zo erg dat ze het uitschreeuwde en riep dat ze niet meer wilde. Nog geen drie uur later werd  de baby geboren. Het was een meisje. Ze legden de baby op haar buik. ‘ Kijk eens’ riep de verpleegkundige ’Is het geen dotje?’

Ze durfde haar ogen eerst niet open te doen. De pijn was weg, maar het voelde zo onwezenlijk allemaal. Evelyn fluisterde zachtjes: ‘ Jouw baby Iris, kijk eens, van jou’. Opeens werd ze wakker en keek ze naar het hoopje mens op haar buik. Tranen stroomden over haar wangen. Het kleine meisje gaapte luid, deed haar kleine oogjes open en keek rond alsof ze dacht: ‘Hé waar ben ik nu beland?’ Iris voelde een warme gloed in haar hart. ‘Sophie’, zei ze.’ Mijn kleine Sophie’.

De rector opende de vergadering met wat algemene mededelingen. Hij was de dag ervoor weer begonnen met lesgeven. ‘Kun je het weer aan?’ had de rector hem gevraagd. Hij had bevestigend geknikt. Nu zat het hele lerarenkorps in de benauwde lerarenkamer. Hij hoopte dat het snel voorbij zou zijn.

‘Ik wil jullie meedelen’, zei de rector, dat er in 4D iets gebeurd is. Het werd helemaal stil. Iedereen dacht na wat dat zou zijn. ‘ Iris Verstraaten’, is gisteravond bevallen van een dochter. Het was bij haar ouders nog maar een week bekend. Ze heeft het verzegen omdat ze bang was dat ze het kind moest afstaan.

Een golf van misselijkheid ging door hem heen. Gelukkig zat hij vlakbij de deur. Hij strompelde naar de gang en rende naar het dichtst bijzijnde toilet. Daar gaf hij zijn hele ontbijt over. Hij rilde en trilde als een rietje. Toen er niets meer kwam zakte hij letterlijk door zijn knieën en bleef versteend tegen de muur zitten. Er galmde een stem door zijn hoofd: ‘Dat was het, dat was het!

Een klop op de deur en de stem van een collega: ‘Gaat het Simon?’ Hij veegde zijn mond af en zei: ‘Geef me nog even de tijd Michiel, ik kom zo’ Terwijl hij voor zich uit staarde flitste alles als een film in hem voorbij. Hij hoorde haar lachen. Zag haar stralende blik. Voelde haar hart op de zijne. Zag de boze laatste blik. Hij kreunde. Toen hij probeerde op te staan ontvouwde er zich een andere gedachte in hem: hij was vader geworden. Maar zou nooit vader zijn.

Bron:

www.harttothart.nl


Geplaatst door Isabelle Hofstra

Isabelle Hofstra

In 1992 kreeg ik van iemand het boek : ‘Luisteren naar kinderen ‘van Thomas Gordon. Ik was direct gefascineerd door de praktische benadering die hij heeft naar communicatie en omgang met kinderen.

Balans in de relatie ontstaat door de grondtoon van deze methodiek: ik ben belangrijk, jij bent belangrijk...


Bekijk alle artikelen en de volledige beschrijving van Isabelle Hofstra



Laatste artikelen in deze categorie


Lees alle artikelen in deze categorie


Dit artikel delen





Print artikelArtikel als PDF

Tip iemand over dit artikel:


Quote

Peace is not won by those who fiercely guard their differences, but by those who with open minds and hearts seek out connections.

-- Katherine Paterson











Bij de verkeerde Earth Matters belandt? Klik op onderstaand logo om naar Earth Events te gaan.