Grote studie bij varkens onthult ernstige ontstekingsreactie door genetisch gemanipuleerd voer

Varken

Klik op de foto voor een
vermelding van de copyrights

Taal:Taal
VideoJa
Views:9864
Ingevoerd:
Geplaatst door:
Bron:Mercola

Gekoppelde categorieen
Gezondheid, Voeding, Genetische manipulatie, (Verborgen) nieuws, Dierenwelzijn, Ziekte

(Mercola.com | Dr. Mercola | vertaling voor Earth Matters door Joke Lochmans) Als je net als ik gelooft dat genetisch gemodificeerd voedsel onveilig is, vragen waarschijnlijk veel van je vrienden en familieleden waarom je die mening toegedaan bent. Dr. Judy Carman, een van de weinige onderzoekers ter wereld die uitgebreid en onafhankelijk onderzoek naar deze kwestie heeft verricht, kan je helpen de vragen van je vrienden en familie te beantwoorden.

Dr. Carman heeft zowel een graad in de epidemiologie als in de geneeskunde, en wel specifiek op het gebied van de biochemie van voeding en het metabolisme in relatie tot kanker. Haar onderzoek naar genetisch gemodificeerd voedsel geeft overtuigende argumenten waarom je dergelijk voedsel zou moeten vermijden als je gezondheid je lief is en je de gezondheid van jezelf en je kinderen naarmate ze opgroeien, wilt beschermen.

Dr. Carman heeft een achtergrond in oncologisch onderzoek en is werkzaam geweest als hoofdepidemioloog voor de Australische regering bij onderzoek naar epidemieën van verschillende ziekten. Op dit moment heeft ze een tijdelijke aanstelling als hoogleraar aan de Flinders Universiteit in Zuid-Australië en ze is eveneens directeur van het Institute of Health and Environmental Research (IHER).

Onafhankelijk onderzoek naar genetisch gemodificeerd voedsel kent veel en grote uitdagingen
Dr. Carman is een van de weinige onderzoekers die de effecten van gemodificeerde organismen bestudeert en ze is maar al te goed bekend met de uitdagingen die aan dit soort onderzoek verbonden zijn. De biotechnologie heeft een ingenieus en geraffineerd controlesysteem opgezet dat onafhankelijk onderzoek naar hun producten grotendeels verhindert.

" Ja, er zijn inderdaad een aantal problemen voor iedereen die op dit gebied onderzoek wil doen", merkt dr. Carman op. "Meestal hebben deze te maken met het verkrijgen van de fondsen om onderzoek mogelijk te maken... Maar je moet ook de producten zien te verkrijgen om onderzoek naar te doen. In dit geval gaat het om de zaden van genetisch gemodificeerde planten... Maar het is erg moeilijk om aan genetisch gemodificeerde zaden voor onderzoek te komen.

Als een boer zaden wil kopen om op zijn akkers te planten, dan moet hij een gebruikersovereenkomst tekenen, dat inhoudt dat het hem niet is toegestaan onderzoek aan deze zaden te verrichten. Hij mag ze ook niet aan iemand anders geven zodat deze er onderzoek naar kan doen.

Je moet dus een legale omweg zien te vinden - en dat is ons gelukt. Maar het heeft ons behoorlijk wat tijd gekost. Anders moet je je tot de industrie wenden en vragen: 'Mogen we alsjeblieft wat zaden hebben?' Dat hebben we overigens ook gedaan. De voorwaarden die verbonden waren aan het verkrijgen van de zaden hielden in dat we niet op een legale manier zaden van de meeste bedrijven konden proberen te verkrijgen."

Naast de hindernissen bij het verkrijgen van de genetisch gemodificeerde zaden, die door strenge patenten beschermd worden, moeten onderzoekers die zich op het gebied van genetisch gemanipuleerde gewassen wagen zich ook de persoonlijke en professionele schande die bij dit vakgebied hoort, laten welgevallen.

Een ieder die dit soort onderzoek doet, moet wel bijna een heilige zijn, omdat degenen die ongunstige onderzoeksresultaten publiceren, figuurlijk gesproken, 'met pek en veren besmeurd worden' als dank voor hun inspanningen. De meesten moeten persoonlijke aanvallen en lasterpraat weerstaan en velen zijn door dit werk hun hele carrière kwijtgeraakt.

Zo heeft dr. Carman bijvoorbeeld in de afgelopen zes jaar zes verschillende pogingen overleefd om haar uit haar verschillende posities aan de universiteit te ontslaan. Zoals ze later in dit interview zal zeggen, was ze voor een groot deel hiertegen 'beschermd', omdat ze voordat ze aan dit onderzoek begon, wist dat dit zou gebeuren en ervoor gekozen heeft geen salaris meer te ontvangen en niet betaald te worden voor haar werk.

Het verkrijgen van fondsen is uiteraard een ander groot probleem. Omdat de meeste landbouwuniversiteiten - de instituten die dergelijk onderzoek zouden moeten doen - hun fondsen verkrijgen van de bedrijven die deze zaden maken, zijn ze niet geïnteresseerd in onderzoek dat deze lucratieve relatie met de industrie in gevaar kan brengen. Het team van dr. Carman had het geluk dat zij het geld voor haar onderzoek kreeg van de overheid van West-Australië.

Waarom de industrie zelden de waarheid onthult over veiligheid
De meeste varkens op Amerikaanse varkenshouderijen krijgen tegenwoordig een dieet van genetisch gemodificeerd voedsel; meestal een mengsel van gemodificeerde soja en mais. Howard Vlieger, een van de coauteurs van het onderzoek, had verschillen ontdekt tussen varkens die een genetisch gemodificeerd dieet krijgen en varkens die een ander dieet krijgen. Hij was een van de mensen die het onderzoek initieerden. Dr. Carman legt uit wat hen op dit spoor zette: 

"Vlieger zag twee belangrijke dingen. Hij zag dat varkens die een gemodificeerd dieet kregen veel vaker darmproblemen hadden; ze hadden vooral meer maagontstekingen. Hij zag ook dat de darmwand dunner werd en dat er meer darmbloedingen optraden, waar een varken in ongeveer een kwartier aan kan overlijden. Verder zag hij dat de zeugen die gemodificeerd voedsel kregen moeilijker zwanger werden en dat ze een hoger percentage miskramen hadden. Op bedrijven in de VS die hun zeugen nog door beren laten bevruchten, zag hij ook een afname van het aantal biggetjes dat geboren werd."

Ze besloten deze verschijnselen goed te bestuderen. Dr. Carman heeft veel kritiek geuit op de protocollen die de industrie gebruikt om de veiligheid van genetisch gemodificeerd voedsel te bepalen en ze was dus erg voorzichtig met de opzet van haar eigen onderzoek. In het algemeen kan men stellen dat de veiligheidsprotocollen van de industrie in twee kampen uiteen vallen:

  1. Wat de industrie een 'onderzoek naar veiligheid' noemt, is in werkelijkheid niets anders dan een onderzoek naar hoe dieren gefokt worden, merkt dr. Carman op. Er wordt voor het onderzoek een voldoende groot aantal dieren gebruikt, waarvan een deel genetisch gemodificeerd voedsel krijgt en een ander deel krijgt niet-gemodificeerd voedsel.

    Maar de uitkomsten waar de onderzoekers in de industrie naar kijken, zijn meestal niet van belang voor de menselijke gezondheid. Deze onderzoeken worden eigenlijk alleen gedaan om de veeboeren ervan te verzekeren dat als ze hun vee bepaald gemodificeerd voedsel geven, de dieren lang genoeg zullen leven om verkocht te kunnen worden en voldoende winst op te leveren.

  1. Het tweede soort onderzoek dat gedaan wordt, zijn dierstudies om er achter te komen of een product schadelijk is voor de menselijke gezondheid. Dit soort onderzoek komt maar weinig voor binnen de industrie van genetisch gemodificeerd voedsel. In deze onderzoeken wordt over het algemeen maar een kleine populatie dieren gebruikt die vervolgens het gemodificeerde voedsel krijgen. Soms krijgen de dieren echter niet eens het gemodificeerde gewas waar onderzoek naar wordt gedaan. In plaats daarvan wordt soms alleen maar het 'actieve ingrediënt' gebruikt, of in dit geval een bepaald plantaardig eiwit dat in het genetisch materiaal van de plant is ingebracht.

    Een klein aantal dieren krijgt bijvoorbeeld een gemodificeerd eiwit en dan worden de effecten van een enkele dosis bepaald over een periode van zeven tot veertien dagen. Als het dier (meestal een rat) niet sterft, wordt al gauw aangenomen dat alles in orde is. Hoe krankzinnig het ook klinkt, dit is soms de belangrijkste veiligheidscontrole die de industrie uitvoert. Wat nog opmerkelijker is, is dat het eiwit dat getest wordt niet eens afkomstig is van de genetisch gemodificeerde plant zelf, maar van de bacteriën die genetisch gemanipuleerd zijn, zodat ze, zo hopen de onderzoekers tenminste, hetzelfde eiwit produceren. Zoals dr. Carman al opmerkte, zal dit soort onderzoek niet laten zien wat de gezondheidseffecten op de lange termijn zijn van het jarenlang of levenslang eten van genetisch gemodificeerd voedsel.

Op zoek naar statistische significantie
Het team van dr. Carman besloot varkens te gebruiken in plaats van ratten. Er zijn al schadelijke effecten gerapporteerd bij varkens die zijn opgegroeid met een gemodificeerd dieet en de spijsverteringsorganen van varkens vertonen veel gelijkenis met die van mensen. Ze besloten ook om de varkens lang genoeg een gemodificeerd dieet te voeren zodat ze daadwerkelijk de negatieve gevolgen konden waarnemen. Zodra de biggetjes gespeend waren, werd door het lot bepaald of zij een dieet van genetisch gemodificeerd voedsel zouden krijgen of een dieet van niet-gemodificeerd voer gedurende hun hele commerciële leven, dat ongeveer vijf maanden duurt.

Na die tijd werden de op dat moment volwassen (en zeer grote) dieren geslacht volgens de methoden die in de industrie gebruikelijk zijn. Het was een blind onderzoek, wat inhoudt dat niemand van het betrokken personeel, inclusief de dierenartsen die de obducties verrichtten aan het eind van de studie, van te voren wist welke dieren welk voer kregen. Twee jaar geleden toonde het allereerste onderzoek naar de levenslange voedingsinvloeden bij dieren aan dat dieren die genetisch gemodificeerde mais aten ernstige gezondheidsproblemen hadden, waaronder grote borsttumoren, lever- en nierschade en vroegtijdig overlijden. Dat onderzoek, geleid door Gilles-Eric Séralini, probeerde ook de effecten van glyfosaat (een zeer veel gebruikte onkruidverdelger - vertaler) te isoleren.

Om dit te onderzoeken kregen sommige ratten gemodificeerde mais die niet met glyfosaat bespoten was, terwijl andere ratten conventionele gemodificeerde mais kregen dat wel bespoten was. Een derde groep kreeg in water opgelost glyfosaat, maar geen gemodificeerd voedsel. Alle groepen hadden ernstige gezondheidsproblemen, hoewel de combinatie van glyfosaat en gemodificeerd voedsel de ernstigste problemen opleverde.

"Naar mijn mening had hij meer dieren moeten onderzoeken om statistisch significante bevindingen te verkrijgen", zegt dr. Carman. "Dat hebben wij gedaan in ons varkensonderzoek. We zorgden ervoor dat we een groot aantal varkens hadden, zodat het zichtbaar zou zijn in de statistieken als er iets gaande was dat biologisch van belang was. We hadden 168 net gespeende varkens. We verdeelden ze in twee groepen: de ene groep kreeg gemodificeerd voer, de andere kreeg niet-gemodificeerd voer. Elke groep bestond uit 84 varkens. Dat maakte nogal wat verschil uit. We konden uitgebreider statistisch onderzoek doen en konden zelfs een aantal hypothesen onderzoeken binnen de statistische gegevens die we gebruikten."

Studie bij varkens toont significante maagontstekingen aan
De trieste werkelijkheid is echter dat varkens niet een enkel genetisch gemodificeerd gewas per keer gevoerd krijgen. Zoals al eerder gezegd krijgen ze combinaties van gewassen, meestal genetisch gemodificeerde soja en mais. Dr. Carman gebruikte soja die gemodificeerd was om resistent te zijn tegen het onkruidverdelgingsmiddel Roundup (Roundup-ready genaamd), zodat het middel alleen het onkruid doodde, en combineerde de soja met een aantal verschillende gemodificeerde maisrassen.

"Het kwam erop neer dat we drie gemanipuleerde genen en de eiwitten die deze genen produceren tegelijkertijd aan deze varkens voerden", legt ze uit. Dit werd mede gedaan om het dieet van de gemiddelde Amerikaan te simuleren die, net als varkens die opgroeien in een conventionele varkenshouderij, verschillende typen genetisch gemodificeerde mais eet en niet maar één specifieke soort per keer. Behalve dat er verschillende typen gemodificeerde gewassen bestaan, zoals gewassen resistent voor Roundup of die gemanipuleerd zijn met de bacterie Bacillus Thuringiensis, bestaat meer dan 37% van de genetisch gemodificeerde gewassen die in de VS verbouwd worden uit zogenaamde ´gestapelde´ gewassen, wat inhoudt dat ze niet alleen resistent zijn voor Roundup, maar tegelijkertijd ook een of twee genen van Bacillus Thuringiensis in zich hebben. In het Amerikaanse standaarddieet zal je dus altijd voedingsmiddelen aantreffen die twee of meer gemanipuleerde genen bevatten.

"Deze varkens aten het Roundup-ready-gen, het eiwit dat dit gen produceert, twee genen van de bacterie Bacillus Thuringiensis en de eiwitten die deze produceren, die ontwikkeld zijn om insectendodende stoffen te produceren. Ik vermoed dat de interactie tussen de eiwitten die de dieren aten de reden was dat we zulke ernstige maagontstekingen zagen", zegt ze.

Aan het eind van de studie stelde het team van dr. Carman vast dat het aantal maagontstekingen bij de varkens die gemodificeerd voedsel kregen significant was toegenomen. In totaal kwamen er bij varkens die een gemodificeerd dieet kregen 2.6 maal meer ontstekingen voor dan bij dieren die een niet-gemodificeerd dieet kregen, en mannelijke varkens waren er slechter aan toe dan vrouwelijke. Zeugen kregen 2.2 maal zo vaak een ernstige maagontsteking als zij een genetisch gemodificeerd dieet kregen, mannelijke varkens hadden een vier maal zo grote kans.

"En als ik 'ernstig' zeg, dan heb ik het over een maag die opgezwollen is en dieprood van kleur over bijna het gehele oppervlak. Dat is beslist niet het soort maag dat jij of ik zou willen hebben", zegt ze.

Op GMOJudyCarman.org kun je zelf de onderzoeksresultaten bekijken. De baarmoeder van zeugen die een gemodificeerd dieet kregen, was ook 25% zwaarder. Beide bevindingen waren biologisch en statistisch significant. In hun paper bespreken dr. Carman et al op welke ziekten deze vergroting van de baarmoeder kan wijzen.

"De twee belangrijkste dingen waar het hier om gaat, en de twee belangrijkste dingen die Howard Vlieger als problemen benoemde - dingen die hij bij vee zag, in het bijzonder bij varkens - waren allebei dingen waarvan we zagen dat ze statistisch significant waren: ten eerste problemen met het spijsverteringstelsel, vooral maagontstekingen, en ten tweede problemen met de voortplanting. In dit geval hebben we ontdekt dat de baarmoeder zwaarder is", zegt ze.

Kan de geest nog terug in de fles?
Ik geloof werkelijk dat als mensen gedurende een voldoende lange tijd aan genetisch gemodificeerd voedsel worden blootgesteld, we een enorme toename van ziekten zullen zien. Mijn werk is er volledig op gericht het aantal mensen dat hierdoor getroffen wordt, te beperken. En mijn advies is duidelijk: vermijd genetisch gemodificeerd voedsel, en zo lang er niet verplicht een etiket op deze etenswaren zit, kun je ze vermijden door biologische producten te kopen. Zonder etikettering is dit de enige manier die je ter beschikking hebt.

Zoals dr. Carman duidelijk heeft gemaakt, doet de chemische industrie onvoldoende om de veiligheid te waarborgen voordat ze hun genetisch gemanipuleerde producten in de voedselketen introduceren. Helaas zijn al honderden miljoenen mensen aan deze producten blootgesteld. En ze hebben, zonder dat ze het wisten, dag in dag uit gemodificeerd voedsel, waarvan de veiligheid dubieus is, aan hun kinderen voorgezet. Misschien al wel jarenlang.

Hebben genetisch gemodificeerde gewassen bijgedragen aan de toegenomen incidentie van chronische ziekten in de VS, vooral bij kinderen? Terwijl de industrie 'absoluut niet' zegt, geloof ik dat het bewijs iets anders laat zien. We moeten in gedachten houden dat een mens ongeveer tachtig jaar oud wordt en dat dit enorme experiment met genetisch gemanipuleerd voedsel pas zo'n twintig jaar geleden echt van start is gegaan -korter geleden zelfs wanneer je begint te rekenen vanaf het moment dat gemodificeerde producten op grote schaal gebruikt gingen worden in bewerkte voedingsmiddelen. Het kan daarom nog decennia duren voordat de statistieken met menselijke slachtoffers duidelijk worden. Dit is de reden dat lange-termijn dieronderzoek zo belangrijk is, omdat ratten en varkens een veel kortere levensduur hebben dan mensen.

Wetenschappers het zwijgen opleggen
Het onderzoek van zowel dr. Carman als van Seralini suggereert duidelijk dat we het voorzichtigheidsprincipe moeten hanteren en deze voedingsmiddelen moeten vermijden. Het is overbodig om op te merken dat de chemische en technologische bedrijven die deze producten gecreëerd hebben hun zaken willen beschermen en uitbreiden en niet van plan zijn hun bedrijven vrijwillig te sluiten. Ze hebben al laten zien dat ze bereid zijn om heel ver te gaan om hun winst te beschermen. Het ruïneren van de reputatie en het werk van een wetenschapper betekent, gezien binnen het grotere geheel, niets voor een gigantische multinational als Monsanto.

De Corbett Report video hierboven bediscussieert een aantal van de niet zo nette methoden die de industrie gebruikt om dissidenten het zwijgen op te leggen - vooral in het geval van wetenschappers wiens werk niet in overeenstemming is met de bevooroordeelde beslissingen van de bedrijfstak. De lijst van slachtoffers - onderzoekers die testresultaten hebben gepubliceerd die schadelijk zijn voor de industrie - is lang en groeit nog elke dag.

Zoals al eerder genoemd sloegen de uitkomsten van de studie van Séralini in als een bom. Séralini volgde dieren hun hele leven lang, en de onderzoeksresultaten zijn gepubliceerd in het peer-review blad van Elsevier genaamd 'Food and Toxicology'. De resultaten die dit onderzoek opleverde horen nog steeds tot het beste bewijs dat er is, namelijk dat genetisch gemodificeerde voedingsmiddelen giftig zijn. Het is van groot belang dat de studie van Séralini liet zien dat de meeste ziekten pas echt duidelijk werden in de dertiende maand van het onderzoek, wat sterk aantoont dat de onderzoeken die door de industrie gefinancierd worden eenvoudigweg niet lang genoeg duren om problemen op het spoor te komen. Bekijk het eens op deze manier: als 24 maanden voor een rat overeenkomen met 80 jaar voor je kind, dan ligt de grens van dertien maanden voor je kind op de leeftijd van ruim 40 jaar.

De industrie begon zich onmiddellijk te verdedigen. Uiteindelijk trok de uitgever (Elsevier) de studie terug, in een laatste wanhopige poging om van dit koppige, belastende onderzoek af te komen, met als enige reden dat de uitkomsten niet doorslaggevend zouden zijn. Maar dat bevindingen niet doorslaggevend zijn, is nog geen reden om de studie terug te trekken... Deze actie van Elsevier riep veel verzet op en heeft ongetwijfeld menigeen de ogen geopend voor de realiteit dat 'ongewenste' onderzoeksresultaten gecensureerd worden. Zelfs de National Institutes of Health zijn tegen Elsevier uitgevaren in een redactioneel artikel met de titel: ´Bevindingen niet doorslaggevend: zo zijn ze er, zo zijn ze weer weg!'

Pesterijen, dat is wat je kunt verwachten
Tyrone Hayes is een ander goed voorbeeld van een onderzoeker die tot het uiterste getergd is; zijn onderzoek naar Atrazine maakte van zijn leven een paranoïde nachtmerrie. Rachael Aviv vertelde dit verhaal in een artikel in het blad de New Yorker van 10 februari. Aan het eind van de jaren '90 deed Hayes experimenten met dit onkruidverdelgingsmiddel in opdracht van de producent ervan, Syngenta. Aviv rapporteerde: 

"...toen Hayes ontdekte dat Atrazine de seksuele ontwikkeling van kikkers zou kunnen beïnvloeden, werd zijn relatie met Syngenta bemoeilijkt en in november 2000 beëindigde hij zijn relatie met het bedrijf. Hayes ging zelfstandig door met het onderzoek naar Atrazine en hij raakte er al snel van overtuigd dat vertegenwoordigers van Syngenta hem volgden naar conferenties over de gehele wereld. Hij maakte zich er zorgen over dat het bedrijf een campagne opzette om zijn reputatie te vernietigen."

Twee jaar geleden werden op basis van de resultaten van zijn onderzoek naar Atrazine door 23 gemeenten in de VS twee rechtszaken aangespannen tegen Syngenta, waarin het chemisch-technologische bedrijf beschuldigd werd van het vervuilen van het drinkwater en 'het verhullen van de werkelijke gevaren van Atrazine'. Documenten die tijdens deze rechtszaak boven water kwamen, onthulden dat de vermoedens van Hayes juist waren - Syngenta had hem inderdaad net zo diepgaand bestudeerd als hij hun giftige onkruidverdelger al vijftien jaar bestudeerde.

Wat volgde was zo griezelig dat niemand het ooit zou moeten hoeven meemaken - en zeker niet een wetenschapper die de waarheid probeert te achterhalen en te publiceren over een veelgebruikte chemische stof die in staat is om de natuur en ieder mens afzonderlijk te beschadigen. Aviv schrijft:

"Het PR-team van Syngenta had een lijst opgesteld met vier doelen. Het eerste was 'Hayes in diskrediet brengen'. De communicatiemanager van Syngenta, Sherry Ford, schreef in een notitieboek, waarin ze naar Hayes verwijst met zijn initialen, dat het bedrijf 'kon voorkomen dat de gegevens van TH werden geciteerd, door bekend te maken dat hij onbetrouwbaar is...' Syngenta zocht naar manieren om 'de fouten en problemen van Hayes te exploiteren.' 'Als TH verwikkeld is in een schandaal, zullen milieubeschermers hem laten vallen', schreef Ford. Ze merkte op dat Hayes 'was opgegroeid in een wereld die hem niet accepteerde', 'graag opgehemeld werd', 'nauwelijks slaapt' en 'voor het leven getekend' was. Ze schreef: 'Wat drijft Hayes? -basale vraag."

Naar wie luister je: het grote geld, of een wetenschapper die voor een hongerloontje werkt?
Het is inderdaad de vraag wat iemand ertoe beweegt om werk te doen waarvan hij zeker weet dat het hem van zijn collega's zal vervreemden, dat zijn persoonlijke en professionele goede naam zal aantasten en misschien zelfs zijn financiële toekomst zal ruïneren. In het geval van dr. Carman was het een passie voor de waarheid, evenals grote betrokkenheid bij haar medemens - waaronder jouw kinderen en ongeboren kleinkinderen. Zij is een geweldig voorbeeld voor ons allemaal, omdat ze haar inkomen heeft opgegeven en zich op professioneel vlak beschimpingen heeft laten welgevallen omwille van de waarheid.

Ze was slim genoeg om de risico's van een dergelijke onderneming te kennen. Ze wist dat mensen in dit arbeidsveld meestal hun baan kwijtraken nadat ze negatieve resultaten hebben gepubliceerd. Veel van deze wetenschappers worden publiekelijk aan de schandpaal genageld, vinden geen werk meer en kunnen daardoor geen verder onderzoek meer verrichten. Om dit alles te voorkomen nam dr. Carman een aantal proactieve maatregelen om ervoor te zorgen dat zulk verzet haar niet zou dwingen haar werk op te geven.

"Het was al vroeg duidelijk dat er eigenlijk geen geld was. Je kon niet naar een fondsenverstrekker gaan en om geld vragen om onderzoek te doen op dit gebied. Ik maakte me zorgen over de mogelijkheid dat zich bij mensen gezondheidsproblemen voor zouden doen. Ik besloot dat ik daar meer over te weten moest komen. Ik moest gedegen dieronderzoek doen om er achter te komen of er bij dieren negatieve effecten te zien waren die ook bij mensen zouden kunnen optreden.

Ik was me ervan bewust dat ik dit alleen maar kon doen als ik geen betaalde baan zou hebben. Ik krijg geen geld voor mijn onderzoek. Ik was 45 en ik had genoeg inkomsten uit investeringen om op dit gebied zonder salaris aan het werk te kunnen gaan en ik had er ook heel weinig geld voor nodig. Ik leef nu al een tijd in povere omstandigheden. Maar ik moest dit onderzoek gewoon doen; de brandende vraag leefde in mij of het veilig was voor mensen om genetisch gemodificeerd voedsel te eten...

De meeste mensen zouden waarschijnlijk liever voor hun gezin zorgen dan dat ze door zouden gaan met dit onderzoek. Niet alleen is het erg moeilijk om geld te krijgen om dit onderzoek te doen, maar je moet ook in staat zijn om de beschimpingen te weerstaan die je daarna naar je hoofd krijgt en de bedreiging van je broodwinning. Het is zelfs zo dat veel mensen die op dit gebied werkzaam zijn, geen betaalde baan meer hebben omdat, zoals al eerder opgemerkt, niemand hen meer kan dreigen met het verlies van hun inkomen."

Achter het geld aan...
Sinds de introductie van genetisch gemanipuleerde zaden zo'n twintig jaar geleden heeft de markt voor deze gewassen, die zeer afhankelijk zijn van chemicaliën, zich ontwikkeld tot een miljardenindustrie. De fondsen voor het ontwikkelen van meer varianten van gemodificeerde gewassen zijn hoofdzakelijk afkomstig van de pesticidenindustrie zelf, die onderdeel uitmaakt van de privésector. In de afgelopen vijftien jaar is het aantal conflicten in de wetenschap exponentieel toegenomen, en op dit moment is het overduidelijk dat financiële belangenverstrengelingen een grote rol spelen bij het bepalen welk onderzoek gedaan wordt, welke uitkomsten gepubliceerd worden en welke niet.

Vrijwel al het onderzoek naar genetisch gemodificeerde organismen wordt verricht door de industrie zelf of door wetenschappers die direct of indirect door de industrie betaald worden door middel van beurzen voor landbouwuniversiteiten. Daarom zijn de uitkomsten voorspelbaar. Er zijn maar weinig onderzoekers die zowel de juiste kwalificaties hebben als de bereidheid om 'het kruis te dragen', als het ware, dat er blijkbaar bij hoort wanneer je als onafhankelijk onderzoeker genetisch gemodificeerde organismen onderzoekt.

Mijn oprechte dankbaarheid gaat uit naar dr. Carman, omdat zij zich persoonlijke offers getroost heeft om dit zo belangrijke werk voor elkaar te krijgen. Zonder zulk onderzoek zouden we geen idee hebben wat deze voedingsmiddelen op de lange termijn met ons zouden kunnen doen. Maar met dit onderzoek kunnen we beter inschatten wat de werkelijke gevolgen zullen zijn van dit enorme, onaangekondigde experiment op de mensheid en zo kan iedereen voor zichzelf uitmaken of hij daaraan wil deelnemen of niet. Mijn advies? Vermijd dit voedsel zoveel mogelijk.

Je kunt dagelijks stemmen met je portemonnee
Recent heb ik de GMA (de Grocery Manyfacturers Association, een Amerikaanse overkoepelende organisatie die voor de belangen van de voedselindustrie opkomt – vertaler) de meest kwaadaardige organisatie ter wereld genoemd. De reden is dat de organisatie hoofdzakelijk bestaat uit producenten van pesticiden en junkfood die heel ver gaan om een aantal basisrechten van ieder mens aan te tasten. Ze zorgen er gewoon voor dat gesubsidieerd, genetisch gemanipuleerd junkfood, dat van allerlei chemicaliën afhankelijk is en in hoge mate bewerkt wordt, de norm blijft.

Het is nu werkelijk veel te gek geworden. Het is tijd dat we ons verenigen en terugvechten, en daarom moedig ik iedereen aan om alle merken die aangesloten zijn bij de GMA te boycotten, ook als het gaat om natuurlijke en organische merken. Amerikaanse burgers kunnen meer te weten komen over deze boycot en de merken die daarbij betrokken zijn op The Boycottlist. (Informatie over de Nederlandse situatie is te vinden op de website van de rijksoverheid. In het kort komt het erop neer dat als er meer dan 0,9% gemodificeerde ingrediënten in een product zit, dit op het etiket moet staan. Er zijn verschillende Nederlandse en Europese instituten betrokken bij het beoordelen van de veiligheid. Bovengenoemde site van de rijksoverheid biedt ook vele links naar meer informatie over biotechnologie – vertaler.)

Ik moedig Amerikaanse burgers ook aan om een donatie te schenken aan het Organic Consumers Fund. Deze donaties helpen de rechtszaak te bekostigen die tegen de GMA plaatsvindt in de staat Vermont en kan eraan bijdragen dat het in november in de staat Oregon verplicht wordt om genetisch gemodificeerde ingrediënten op verpakkingen te vermelden.

Bron: Mercola.com


Geplaatst door Redactie Earth Matters




Laatste artikelen in deze categorie


Lees alle artikelen in deze categorie


Dit artikel delen





Print artikelArtikel als PDF

Tip iemand over dit artikel:


Quote

Uiteindelijk bepaalt wat we ons over de dood voorstellen de antwoorden op alle vragen waarmee het leven ons confronteert.

Dag Hammarskjöld, Zweeds secretaris generaal van de VN











Bij de verkeerde Earth Matters belandt? Klik op onderstaand logo om naar Earth Events te gaan.