Het digitale kinderdagverblijf, zegen of vloek?

Digitale speeltuin?

Klik op de foto voor een
vermelding van de copyrights


Eén derde van alle eenjarigen in de VS zijn al in de weer met computers voordat ze kunnen lopen of praten. In Duitsland is zeventig procent van de twee- tot vijfjarigen een half uur per dag bezig met een Smartphone. Facebook wordt al de meest gebruikte app van kinderen van 6.  Alle kleuters kijken tv, vaak veel langer dan een uur per dag.

Het lijkt erop dat de houding van veel volwassenen de overhand krijgt, nl. dat het wennen aan het digitale tijdperk op heel jonge leeftijd onvermijdelijk is, vooral omdat bekende onderwijs politici op het publiek indruk willen maken met grote investeringen op dit gebied. Nog ontstellender is het in welke mate de risico’s en neveneffecten van digitale informatie over het hoofd worden gezien. Hoe jonger het kind, des te ernstiger zijn deze  risico’s en neveneffecten. De plasticiteit van het brein is namelijk groter wanneer het kind jonger is – en dus is het brein veel gevoeliger voor onechte stimuli en verstorende invloeden.

© Patryk Kosmider - fotolia.com

Afb. 2: Dit is geen educatieve maatregel maar bevordert helaas dat het kind zich aanmerkelijk minder gaat bewegen, dat het kind de verkeerde sensorische stimuli krijgt, en dat het kind afgezonderd raakt van zijn echte omgeving.  Hetzelfde geldt voor kinderpotjes, waaraan een iPad bevestigd is. Men beweert, dat zo kleine kinderen hun kostbare tijd nuttig gebruiken om the leren (afb. 3 en 4). Maar het apparaat mist ook hier zijn doel, omdat het kind afgeleid wordt  van de op deze leeftijd zo noodzakelijk ervaring van het eigen lichaam.

Daarom zijn constructieve investeringen die een gezonde ontwikkeling bevorderen, en niet de digitale investeringen in het onderwijs, het meest belangrijk in de peutergroep en in de kleuterklas. Zij zijn ook nog zeer belangrijk in de basis school maar al minder effectief later, zoals de volgende illustratie aangeeft. Zo bevorderen bijvoorbeeld vingerspelletjes de rekenvaardigheden en de ontwikkeling van de voorhoofdskwabben van de hersenen, terwijl tablet computers dat niet doen. Dit is zo omdat cognitieve prestaties worden geleverd door delen van de hersenen die hun signalen ontvangen vanuit geactiveerde senso-motorische gebieden.

© Manfred Spitzer

Afb. 4: Rendement op investering (links) in verhouding tot leeftijd (kinderdagverblijf, basisschool, beroepsleven): De omgekeerde evenredigheid tussen leeftijd en leersnelheid, weergegeven als de afname van het rendement op investeringen door educatieve instellingen tijdens de levensloop van degene die onderwijs krijgt (zie Heckman, 2006). De grafiek laat zien hoe sterk de leersnelheid afneemt tijdens  een mensenleven. Wie ooit “Memory “ heeft gespeeld met een kind van vier heeft hier proefondervindelijk bewijs voor. Om deze reden willen zij die onderwijs geven intensief gebruike maken van de eerste drie jaar voor intensief leren. En waarom dan ook niet door het gebruik van media? Omdat dit precies is wat niet leidt tot constructieve investeringen in het onderwijs, zoals de volgende beschrijvingen laten zien.

Wat zijn constructieve educatieve investeringen?

Een van de belangrijkste resultaten van het breinonderzoek in de laatste decennia is het bewijs dat kinderen hun motorische behendigheid, lopen, praten en denken, het beste leren door hun eigen activiteit, letterlijk met vallen en opstaan, door het vrije spel en door nabootsing in het directe contact met anderen.
De televisie die aanstaat op de achtergrond verstoort de spraakontwikkeling, zoals ook elektronische boeken die zichzelf hardop aan de kinderen voorlezen, en verder het bezig zijn met andere digitale media. Het belangrijkste voor de taal- en begripsontwikkeling van een kind is de dialoog met een kind, zowel als hardop voorlezen  gecombineerd met een gesprek.
Hier is “Veel helpt Veel” van toepassing. Dus het verschil op de leeftijd dat een kind met school begint tussen de woordenschat van een kind uit de socio-economische toplaag en een kind uit de socio-economische onderklasse is dat het kind uit de toplaag 30 miljoen woorden meer gehoord heeft dan het kind uit de onderklasse (Hart en Risley, 1995). Dus hun spraakcentra zijn beter getraind en de toegang tot een academische carrière is gemakkelijker.

Afb. 5: © Tatjana Posavec

Over het algemeen kan men zeggen dat hersenen niet aan downloaden doen. Integendeel, zij veranderen veel  meer door actief gebruik, zoals observeren,  ontdekken, onderzoeken, luisteren, aanraken, ruiken,  proeven,  medeleven, medelijden en sympathie, denken, spreken en doen. Alles wat een mens doet, vooral onafhankelijk, gaat gepaard met constructieve hersenactiviteit. Dit benutten van de hersenen dient als stimulus voor de dagelijkse en verdere ontwikkeling.

Voor het verwerken en opslaan van informatie is er, in tegenstelling tot een computer met modules, in het brein geen scheiding tussen verwerken en opslaan. Wanneer het brein informatie verwerkt, veranderen de verbindingen tussen de zenuwcellen – en deze zelfde zenuwcellen slaan de informatie op. Hoe meer een brein verwerkt heeft, des te meer heeft het ook opgeslagen, en daarom kan het zelfs weer beter verwerken. Hoe meer talen een individu spreekt, des te gemakkelijker wordt het om een nieuwe taal te leren. De spraakcentra raken niet “vol” – integendeel, hoe meer ze al opgeslagen hebben des te meer zijn ze in staat om nog meer op te slaan! Dit kenmerk van paradoxale opslag is waar in het algemeen. Hoe meer muziekinstrumenten iemand kan spelen, des te gemakkelijker is het voor hem of haar om een nieuw instrument te gebruiken of om nog een boek te lezen over hetzelfde onderwerp.

Afb. 6: © Kristin Gründler - fotolia.com | Afb. 7: © Tatjana Posavec

Individuele activiteit zorgt voor een gezonde ontwikkeling van de hersenen en van het lichaam. Het zich kunnen concentreren wordt vooral in het eerste levensjaar ontwikkeld, zoals de kinderen op deze foto’s laten zien.

Daarom is het zo belangrijk om in de kinderjaren en jeugd een brede opvoeding aan te bieden en om in het bijzonder de senso-motorische ontwikkeling te bevorderen.  Want er is niets minder geschikt voor het trainen van de senso-motorische gebieden van de hersenen dan het voortdurend heen en weer “swipen” over een glazen oppervlak zonder enige sensorische differentiatie.

© Urachhaus Verlag

Afb. 8: Vegen over een oppervlak zonder duidelijke kenmerken heeft geen senso-motorisch leren tot gevolg. En complexe conceptuele prestaties worden volbracht door gebieden van de hersenen die hun signalen ontvangen van sensomotorische gebieden, is complex denken daardoor door het wissen over een tablet van de vereiste voorwaarden beroofd.

© Urachhaus Verlag

Afb. 9: Als iemand een kind van vier vraagt om een naald, een potlood, een sleutel, een ei, een stok, of het handvat van een emmer vast te houden, dan zal het kind spontaan, zonder enige zichtbare inspanning, ingewikkelde handbewegingen maken die nodig zijn om zijn bewegingen aan te passen aan de verschillende gewichten, afmetingen, en eigenschappen van het oppervlak. Alle zintuigen zijn hierbij betrokken.

En zo worden sociale vaardigheden ook niet geoefend door een tablet te gebruiken, maar alleen door directe omgang met andere mensen, van wie elk individu uniek is en niet geprogrammeerd kan worden.

© Urachhaus Verlag

Afb. 10: Deze foto laat niet alleen de zelfstandig uitgevoerde activiteit van het kind zien, maar ook het feit dat een volwassene met interesse naar het kind kijkt: het kind “voelt zich gezien” en de zelfstandige activiteit wordt daardoor bevorderd.

Wat zijn de negatieve gevolgen van een te vroege gewenning aan digitale media?

Kinderen die veel tijd doorbrengen voor een beeldscherm en vaak digitale media gebruiken vertonen de volgende verstoringen en beperkingen:

  • Verstoringen in taalontwikkeling en aandacht/oplettendheid (Zimmerman et al. 2007)
  • Een duidelijk lager opleidingsniveau (Hancox et al. 2004)
  • Een neiging tot overgewicht (Hancox et al. 2004)
  • Neiging– op grond van antisociaal gedrag – tot crimineel gedrag (Robertson et al. 2013).
  • Gebruik van spelcomputers veroorzaakt aantoonbaar slechte cijfers voor lezen en schrijven en ook gedragsproblemen op de basisschool (Weiss & Cerankosky 2010).
  • Hoe meer tijd jonge mensen doorbrengen voor een beeldscherm, des te minder sympathie (empathie) brengen zij op voor hun ouders en hun vrienden (Richards et a. 2010).
  • Het gebruik van smartphones door jonge mensen veroorzaakt slechtere schoolprestaties, minder tevredenheid met het leven, meer depressie (Lepp et al. 2014), meer aandachtsstoornissen (Zheng et al. 2014), meer bijziendheid, slaapstoornissen en verslavingsgedrag. Meer dan 60 procent van smartphone gebruikers zijn bovendien bang om iets te missen en ook bang om van hun mobiel gescheiden te worden, om niet meer met hun netwerk verbonden te zijn. Zulke angsten ondersteunen op hun beurt het excessieve gebruik, dat dan gemakkelijk kan leiden tot verslaving.

De  bovengenoemde effecten zijn wetenschappelijk onderbouwd en worden dagelijks met zorg geconstateerd  door ouders, opvoeders  en leraren van jonge kinderen. Daar tegenover staan geen wetenschappelijk betrouwbare gegevens als we spreken over de zogenaamde positieve resultaten van het omgaan met digitale informatie technologie op de emotionele, spirituele of fysieke ontwikkeling van kinderen. Kortom, de schadelijke effecten zijn bewezen, de vermeende voordelen niet!

Afb. 11: © fotolia, Mina Stefanovic

Wij staan niet vijandig tegenover technologie; het gaat er ons veeleer om, om ruimte te waarborgen voor de ontwikkeling van onze jonge kinderen, om hun welzijn, om de mensenrechten van kinderen, zo dat jonge mensen en volwassenen competente gebruikers van technologie kunnen zijn – daar waar het op zijn plaats is.

Het goede voorbeeld van Zuid Korea.

Kinderartsen in de VS hebben al jaren gewaarschuwd tegen de bovengenoemde risico’s en bijwerkingen. Zij eisen een volledige afwezigheid van digitale media voor kleine kinderen en voor oudere kinderen een duidelijke vermindering van de tijd waarin zij blootgesteld zijn aan deze media.
In Zuid Korea treden politici die zich bezighouden met het onderwijs nu dienovereenkomstig op. Zuid Korea is het eerste land waar de regering - al sinds 2015 – begonnen is om de jongere generatie te beschermen tegen de ergste gevolgen van de nieuwe technologie.

Afb. 12: © xxxxxxx - fotolia.com

Jonge mensen onder de 19 die een smartphone kopen moeten daar software op laten installeren die
(1) toegang tot geweld en pornografie blokkeert;
(2) het dagelijks gebruik registreert en een bericht hiervan naar de ouders stuurt; en
(3) de verbinding met game-servers onderbreekt na middernacht.
In dit digitaal uitermate ver ontwikkelde land heeft men begrepen dat de komende generatie beschermd moet worden tegen de risico’s en bijwerkingen van deze technologie. Want Zuid Korea is het land met de meest geavanceerde digitale infrastructuur en produceert de meeste smartphones ter wereld. Het resultaat is dat 90% van alle kinderen tussen de 10 en 19 bijziend zijn, en meer dan 30% van alle kinderen en jonge mensen verslaafd zijn aan de smartphone

Willen we wachten totdat het hier in Europa net zo is?

Op ons allen wordt een beroep gedaan actief te zijn!

Wij kunnen de gezondheid en opvoeding en het onderwijs van de volgende generatie, en daarom van onze toekomst –de hoekstenen van onze vrije democratische samenleving – niet overlaten aan de economische belangen van de rijkste bedrijven in de wereld. Daarom moeten onze scholen, en in het bijzonder de crèches en kinderdagverblijven, vrij blijven van de duidelijk negatieve invloeden van digitale producten op onze kinderen.
Het gaat hier om niets minder dan de verdediging van de basale waarden van onze samenleving tegen een allesoverheersende economische lobby. Als wij ons hier niet mee inlaten dan handelen wij onverantwoordelijk tegenover de volgende generatie voor wie wij al genoeg problemen achterlaten – schulden, conflicten, en een bedorven planeet.

Afb. 13: © Tatjana Posavec

Wij danken ...

iedere actieve deelnemer in onze samenleving, elke expert, elke instantie die deze oproep ondersteunt. Met hoe meer wij zijn, met des te grotere druk kunnen wij onze uitgangspunten onder ogen brengen van de politici die verantwoordelijk zijn voor ons onderwijsbeleid.

Wij beginnen onze actie in het eerste kwartaal van 2017.
Met hartelijke groet en in de hoop dat deze oproep tot actie zal leiden voor de bescherming van het jonge kind en hun waardigheid –

Prof. Dr. med. Dr. phil. Manfred Spitzer, Dr. med. Dr. hc. Michaela Glöckler, Dr. med. Silke Schwarz, Elisabeth von Kügelgen, Dagmar Scharfenberg, Beate Wohlgemuth, Oliver Langscheid, Michael Wetenkamp, Frank Linde, Johannes Stüttgen, Helga Kühl, Angelika Fried

en de 600 deelnemers aan het congres “The Right to Childhood” van de Association of Waldorf Kindergartens, gehouden op 19 november 2016 te Hannover.

Bron: Eliant


Geplaatst door Redactie Earth Matters




Laatste artikelen in deze categorie


Lees alle artikelen in deze categorie


Dit artikel delen





Print artikelArtikel als PDF

Tip iemand over dit artikel:


Quote

Het belangrijkste gedeelte van leren wat je in het leven moet doen, is afleren wat niet waar is.

Antisthenes, Grieks filosoof











Bij de verkeerde Earth Matters belandt? Klik op onderstaand logo om naar Earth Events te gaan.