Hebben varkens de pest aan ons gekregen?
| Taal: | ![]() |
| Views: | 1892 |
| Ingevoerd: | 12-07-2011 |
| Geplaatst door: | Marieke de Vrij |
| Bron: | Marieke de Vrij |
Gekoppelde categorieen
Spiritualiteit, Milieu, Dierenwelzijn, (Verborgen) nieuws, Vaccinaties, Wetgeving
(Marieke de Vrij) In de loop van 1997 heeft Marieke channelingen gedaan over de varkenspest. Dit deed zij in samenwerking met Forum Milieu & Natuur, Stichting Milieubewust¬zijn, Vereniging voor Biologisch-Dynamische Landbouw, Vakgroep ecologische Landbouw en maatschappelijk betrokkenen en deskundigen.
Van de teksten die Marieke op deze bijeenkomsten heeft doorgekregen is een boekje samengesteld. De titel van dit boekje is “Hebben varkens de pest aan ons gekregen?”.
HEBBEN VARKENS DE PEST AAN ONS GEKREGEN?
Inleiding
Op uitnodiging van verschillende, maatschappelijk bij de varkenspest betrokken, groeperingen heeft Marieke de Vrij zich afgestemd op het onderwerp 'varkenspest' en is via haar kennis vrijgekomen over de achtergronden hiervan. Zij heeft geen specifieke voorkennis over dit onderwerp.
Wie is Marieke de Vrij?
Marieke is al langdurig in staat, middels heldere bewoordingen, licht te werpen op levensvra¬gen van grote individuele en maat¬schappelijke beteke¬nis. Zij is, middels haar vele helderver¬mo¬gens, in staat het collectief bewustzijn aan te voelen en de potentie die hierin ligt. De kennis die op diverse terreinen vrijkomt, wil zij benutten ten gunste van velen. Zij wenst zich dienstbaar op te stellen om, door uitbrei¬ding van de be¬staande kennis via haar inspiratie, maatschap¬pelijke verande¬ring vorm te geven en ver¬nieu¬wing te initiëren op vele terreinen.
Dit doet zij onder meer door het geven van lezingen en andere activiteiten waar onder themagerichte samenwerkingen. Wij hopen dat de inzichten die middels haar heldervermogens worden doorgegeven uw inzicht zullen verruimen. Via Marieke komt o.m. kennis vrij over de volgende onderwerpen: diabetes, diergeneeskunde, euthana¬sie, incarna¬tieproblema¬tiek, lichaamsgerichte therapieën, lichame¬lijk gehandicapten, management, man-vrouwverhouding, orthopeda¬go¬giek, osteopathie, paranormale gaven, relatieproblemen, spirituele achtergronden van ziekten, vermoeidheids¬ziekten, vluchtelingenzorg, voeding, waterzuivering, zwakzin¬nigenzorg.
Veel mensen maken zich zorgen over wat de varkenspest op een dieper niveau te betekenen heeft. De ziekte roept veel vragen op. Zoals bijvoorbeeld: "Is de varkenspest een symptoom van onze manier van omgaan en denken over dieren?" en "Wat is de werkelijke spirituele oorzaak van deze ziekte ?" "Heeft deze ziekte een signaalfunctie?" "Welke stappen dienen gezet te worden voor de lange termijn?" "Is er verband met ziektes zoals BSE bij koeien en zoals AIDS bij mensen? Wat betekent het voor de varkens om zo opeengepakt te moeten leven? enzovoort, enzovoort."
Op al deze vragen komt vervolgens, via Marieke, informatie vrij m.n. over de fysieke veranderingen van het varken zelf en over de psychische belevingen en reacties van deze dieren.
Marieke: " Waarmee ik wil beginnen is het beeld dat als eerste spontaan opkomt namelijk dat door de meeste mensen varkens onooglijk worden geacht. Dus het dier zelf is niet zo zinnenprikkelend voor ons om aan te zien in wat wij een "esthetisch verantwoord" dier vinden. Collectief gezien is het een dier dat daardoor minder waardering oogst. Psychologisch betekent dit dat als een dier of een mens minder aantrekkelijk oogt voor anderen dat dit dier of deze mens zelf veel meer inzet moet hebben om de eigenwaarde te behouden puur op innerlijke eigenschappen, omdat het door het uiterlijk minder aantrekking ondervindt. Als je een collectief veld dieren hebt welke, zoals wel genoemd wordt, een minder hoog aaibaarheidsfactor heeft, dan zegt dat ook iets over onze relatie naar dit dier toe."
HOOFDSTUK 1: DE FYSIEKE TOESTAND VAN HET VARKEN
1.1. De ogen
Marieke: "Het oogbereik is minder soepel. Ze hebben een meer starende uitdrukking en zijn kortzichtig. Ingeprente beelden waar ze te langdurig naar gekeken hebben reizen als een soort vlekken mee op het oogbeeld. Dat betekent dat zij soms opgedane beelden niet direct kunnen afwerpen. Deze dieren reageren uiterst gevoelig op flitsende lichtinval, scherp licht aan-en-uit, vooral ook nerveus flikkerend licht, zoals bijvoorbeeld T.L.licht. Na verloop van tijd is dit zelfs zintuigprikkelenddodend en dus oogverzwakkend. Men dient rekening te houden met de lichtgevoeligheid van de ogen."
1.2 De oren ( zie klimaat in de stallen en antibiotica )
1.3 De hoefgesteldheid
Marieke: "De hoefgesteldheid van het varken ondergaat een verandering door een te eenzijdige druk op de hoef omdat zij geen natuurlijke bodemgesteldheid onder zich hebben. Dat is ongezondheidmakend voor hoefdieren op zich. De hoefvorming van varkens dient heel veel verschillende gesteldheid van ontberingen te ontvangen wil het hoefweefsel verhard actief blijven. Een enorme wisselvalligheid van de gesteldheid van de bodem, steentjes, vocht, harde ondergronden is hard-hoef-bevorderend.
Doordat men geen natuurlijke hoefontwikkeling voorstaat, zijn de randen om de nagels van de tenen zeer week. Zij liggen opgedrukt, wat rauwer, minder glad-uitstrekkend over het nagel-oppervlakte heen en de hoef is meer ingekerfd, op een onnatuurlijke weke manier, niet vanuit een harde substantie. Het hoefgebied is aan aantasting onderhevig, echt degenererend, wat zeer naarlastig is voor het dier. De zenuwuiteinden en de meridianen ( van galblaas en lever, maag en milt, nier en blaas ) die in de hoef uitmonden zijn door de degeneratie van de hoeven niet meer volledig actief. Dit heeft invloed op het spijsverteringsstelsel. Daarnaast verandert de normale stevige tastzin in een pijnlijke prikkelende nerveuze tastzin via de gedegenereerde hoeven. Deze verzwakking doet het hele dier-zijn in een hele primaire hoedanigheid aantasten. Ze kunnen daardoor minder-hardtastend het grondoppervlak bejegenen, met als gevolg dat langdurig stilstaan, zoals nu in de fokkerij voorkomt, zelfs het enkel-weefsel doet verzwakken.
Dat gekoppeld aan de verhoging van de heupstructuur, die ook al stroefheid te zien geeft binnen de bewegingsmotoriek maakt dat de poten als totaal niet meer gesteund worden door de uiteinden waar de beenderen hun basis in dienen te vinden."
1.4 De heupen en de waggelende gang
Marieke: "Het heupgedeelte boven op de rug aan de achterkant, daar waar het in de flanken overgaat, reageert heel stootgevoelig als er druk van bovenaf op het varken gegeven wordt. Varkens hebben geen zwenkbehendigheid. Met de huidige ontwikkeling van varkensfokkerijen is het zo dat doordat varkens te langdurig dicht opeengepakt staan, de heupbeenderen onnatuurlijk vervormd en omhoog gericht ontwikkeld zijn.
Dit is een pijnlijke aangelegenheid voor het dier, niet alleen omdat men met het opdrijven van varkens via de achterkant duwt maar ook door de zijflankbeweging van andere varkens naast het varken. Het kopgewricht van het heupbeen richt zich steeds meer omhoog.
Psychologisch trekken ze de heupen omhoog. Het gevolg is dat het heupgebeuren te strak gehouden wordt en zich minder schommelend beweegt omdat het een verstrakking in het bewegingsritme geeft. De heup beweegt zich, in vergelijking met het natuurlijk lopende varken waar geen fok op plaatsgevonden heeft, minder in de breedte. Daarnaast is de vleesontwikkeling boven het heupgewricht, ondanks de vetlaag, heel teergevoelig.
Het geeft ook heel veel psychologische belasting. Varkens zijn emotioneel geen flexibele beesten. Ze houden van gewoontegedrag, wroeten graag, gedragen zich graag luchtig en vrolijk; ze houden van een kwispelend leven. Maar doordat het ras een ontwikkeling van een verhoging van het heupbeen meemaakt, wat een pijnlijke aangelegenheid is, leidt dit daarnaast ook tot een grotere emotionele stugheid en stroefheid. Varkens proberen het te vermijden om hun pijngevoeligheid naar buiten te brengen. Daar zit een oud oergedrag onder. Als dier ben je prooi als je laat zien of laat horen dat je pijn hebt.
Wat ik verder zie is dat ze soms plompverloren met hun achterwerk naar beneden zakken, gewoon ineens het totale houvast missen."
Vrager : "Een soort heupdysplasie?"
Marieke: "Ja. Het beeld dat ik hier schets is dat, als ze echt hinder hebben van de heupen én de hoeven, zij soms vanuit pijnbelasting plompverloren met hun achter¬werk naar beneden zakken of gaan zitten. Dan heb ik het niet over het normale sociale gedrag waarbij ze ook wel op de grond gaan zitten, maar puur over het op de grond gaan zitten omdat ze onpasselijk worden van het gevoel van de lichamelijke pijnprikkels.
Daar ligt één van de eerste aandachtspunten. De oorspronkelijke bekkenstructuur dient niet te worden aangetast. Het heupgebied mag op den duur weer meer inzakken naar zijn natuurlijke proporties."
Vrager: "Zou dat betekenen dat je je fokbeleid daarop moet richten ?"
Marieke: "Het fokbeleid dient niet in te grijpen in de natuurlijke aarding van dit dier. De waggelende gang dient behouden te worden. Het is oorspronkelijk gedrag. Het waggelend voortbewegen heeft voor het dier zelf een plezierige functie. Door de waggelende gang is er een natuurlijke massage gaande naar het darmstelsel waardoor de verteringsprocessen bevorderd worden. Het dier voelt zich daardoor ook emotioneel gelukkiger.
Maar als het bekkengebied te vastgeroest moet bewegen, te nauw-gezet is, dan is de cadans van het bewegen verstoord. In het ras raakt hiermee evenzeer de emotionele gesteldheid verstoord, de blijmoedigheid vervalt. Wat ik dus zie is dat een varken in een natuurlijk klimaat in de gang van zijn loop een schommelend bekken heeft."
Vrager: " Wat u daar zegt geldt ook voor koeien. De in het wild levende herkauwers hebben een heel andere gang dan onze koeien van vandaag. Onze huidige koeien hebben ook geen soepele gang meer. Voor een deel is de verandering in het dier een gevolg van het feit dat ze gedomesticeerd zijn. We hebben die dieren veranderd. De fokkerij-inrichting van de laatste dertig jaar is heel wat anders dan de geleidelijke aanpassing in de honderden jaren daarvoor. Waar ik nou heel benieuwd naar ben is wat nu de bepaalde punten zijn waar we voorzichtig mee moeten zijn."
Marieke: "Met betrekking tot het varken vond ik het alarmerend dat, en dat geldt voor alle dieren die van nature een waggelende gang voorstaan, als het dier niet mag waggelen in zijn loop, er te weinig natuurlijke massage gaande is in het darmgebied en dat de natuurlijke uitstraling hiervan naar het maaggebied geblokkeerd wordt.
Het is al heel lang bekend dat het onderbewustzijn (op spiritueel gebied) grotendeels in het bekkenge¬bied verankerd ligt. Het is dan ook niet voor niets dat in de mens, als soort, de vrouwen meer heupen hebben en meer heupwiegend lopen. Het is een indirecte massage van het onderbewustzijn waardoor men aangesloten blijft op het gevoelsniveau, om zo de vrouw open en toegankelijk te houden. Een man is van oorsprong meer op de denk-energie aangesloten.
Het mannelijk en het vrouwelijk principe is zowel in de man als in de vrouw actief. In de lichamelijke uitbeelding is het dus heel zichtbaar dat, in het algemeen gesproken, er bij vrouwen meer gevoels-kracht actief is en bij mannen meer gedachten-kracht.
Dus bij dieren die een waggelende gang hebben dien je er rekening mee te houden dat het onderbewustzijn van het dier veel meer primair actief is en openligt.
Als je daar lichamelijk veranderingen in gaat aanbrengen, breng je ook veranderingen aan in de onderbewust¬zijnsstroom van het dier. Dus een te strakke bekkenstructuur is ook een inperking van de primaire driftbeleving, maar ook het aanvoelende vermogen wordt daarmee ondermijnd."
1.5 Het halsgebied
Marieke: "Een ander beeld dat ik krijg heeft met het halsgebied te maken. Daar wordt te langdurig onnatuurlijke rek voorgestaan. De wangzakken hebben te langdurig te lijden van voedseloppakkingen die het varken toegediend worden maar wat het niet greetlustig wenst te verteren. Het heeft te maken met oververzadiging, weerstand tegen, bijna een soort voedselallergie en onbewust aanvoelend weten, dat wat men toedient niet diervriendelijk bedoeld is. Er is een overspannenheid gaande in het bovenste gedeelte van de hals. Normaal is het voor dieren heel ongewoon om zich te overeten. Dat is een onnatuurlijk gelag.
Ze hebben gewoon spierpijn. Ze zijn vermoeid van het op een bepaalde manier, te eenzijdig, hun hoofd te moeten houden om voedsel op te moeten nemen. Ik heb de indruk dat men nu dieren te gemakkelijk voedsel in de mond brengt zonder dat het dier zich náár de aarde behoeft te bewegen zoals het dat gewend is te doen vanuit zijn natuurlijke ritmegevoeligheid.
Het dier houdt zijn hals te strak, niet voorover gebogen. Hoe eten varkens nu in vergelijking met vroeger?"
Vrager: "Ze eten vanuit troggen. Daar zit krachtvoer in met hoog eiwitgehalte en het gaat helemaal vanzelf. Ze mogen geen extra beweging maken want dat kost energie."
Marieke: "Vandaar dus dat die wangzakken uitgerekt zijn. In feite wordt het keelchakra qua energie verzwakt, de flexibiliteit wordt eruit gehaald, met als gevolg dat het heiligbeenchakra, dat daar complementair mee verbonden is, nerveus over geactiveerd wordt. Dat houdt dus ook in dat alle organen die in het bekken liggen en die met het heiligbeenchakra te maken hebben óók van nerveuze energie voorzien worden."
Vrager: "Dus ook de voortplantingsorganen?"
Marieke: "Ja."
1.6 Het auraveld, het natuurlijke territorium en de staart
Marieke: "Het auraveld van een varken heeft een veel compactere gesteldheid dan het auraveld van mensen, dat veel ijler en meer flexibel is en waardoor men meer en verder van zich af kan voelen. Bij het varken treedt door het compacte auraveld een heel compacte gewaarwording en beleving op. Hun zintuiglijk systeem is niet een verfijnd soort radarsysteem.
Doordat zijn auraveld strak en compact om hem heen ligt ervaart het dier dat als een verlengstuk van de uiterlijke huid en dient het heel voorzichtig benaderd te worden.
Aanraking van de huid van het dier heeft op het dier zelf een dranggevoelige emotionele inwerking. Dat wil zeggen dat varkens zich niet zo eenvoudig laten aanraken.
Een aanraking resulteert bij hen heel snel in een gevoel van belevingsonvrijheid. Voor het dier is gestreeld worden een nerveuze beleving omdat er geen gemakkelijk aaibare beweging tot stand komt. Een varken heeft een veel dikkere vetlaag en trilt bij aanraking veel nerveuzer dan dieren met een dunner huidoppervlakte en minder vetlaag eronder. Dit is emotioneel ook minder aantrekkelijk voor ons omdat wij ook een heftige gevoelsprikkeling in onze handen kunnen ervaren bij het strelen van dit dier.
Energetisch is ook te zien dat er een sterke hang is naar een natuurlijk territorium met, voor het volwassen dier, een afbakening van +/- 20 cm. Dit is zover als hun compacte auraveld reikt. Alleen de eigen familie, de verwanten waarmee zij letterlijk zijn opgegroeid, kunnen naderen zonder afgestoten te worden. Dit geeft dus een crisisgevoeligheid aan van waar zij letterlijk mee te maken hebben als ze dicht-opeen-gehoopt met elkander moeten leven, want dat is territorium-verstorend. Dit ervaren zij als een zware aantasting."
Vrager: "Kunt u in dat verband ook iets zeggen over de staart ?"
Marieke: "Het beeld dat ik krijg is dat de staart kortstompig gehouden wordt. De zenuwuiteinden in de staart zijn niet zo gevoelig. Maar de staart is voor een varken wel een territorium-aangelegenheid. Ook met reukgeuren uitzetten is het soms zo dat natuurlijk levende varkens bewust hun staart bevuilen of door mest halen. Dus ook hier wordt het dier in zijn territorium aangetast.
1.7 De neus
Marieke: "Verder is het zeer onnatuurlijk voor het varken dat hem het wroeten met zijn neus in de aarde en mede daarmee zijn fijnzintuigelijke tastzin ontnomen wordt.
Wat de neus betreft, daar zitten heel veel zeer fijngevoelige tastzintuigen in en wroeten heeft een hele bijzondere uitwerking op het dier zelf. Net zoals wij met vingertoppen heel lang sensitief iets bevoelen. Wanneer je dus het varken geen kans geeft om met zijn neus wroetend substanties te verkennen, dan is dat hetzelfde als dat wij geen vingertoppen-gevoeligheid meer zouden kennen. Dat is ook een hele grote aantasting voor het dier zelf.
Bij het fok-varken is, in de loop van de tijd, de neus steeds korter geworden. Het dier mag zelf niet meer of anders sterk onvoldoende in de aarde wroeten.
Er is versmalling van het neusgebied ontstaan. Vroeger was het een uitwaartse trechter, nu, als je niet oplet, wordt het bijna een inwaartse trechter. Even zwart-wit uitgedrukt. Zoals het varken lang geleden ontwikkeld was, waren ze bijzonder gevoelig voor de kleinste oneffenheden. Een blaadje aan een struik dat langs hen streek gaf een diep prikkelend effect binnen hun hele gestel.
Net alsof je een steentje in het water gooit en de kringen uitdijen, zo sensatie-gevoelig waren ze. Zoals het varken zich nu ontwikkeld heeft en wellicht nog gaat ontwik¬kelen als deze processen niet tijdig herzien worden, is de kans groot dat wanneer het met zijn neus tegen een redelijke tak van een struik op loopt dat dat al niet meer die sensatie-gevoelige prikkel geeft zoals vroeger een blaadje alleen al kon bewerkstelligen. Verder wordt de neus steeds vocht-gevoeliger en het zou me niets verbazen als ze regelmatig verkouden zijn. Bestaat dat bij varkens? Ik zie dus dat ze vocht-gevoeliger zijn en dat ze vocht, zoals wij snot, produceren. Ik heb het idee dat dat oorspronkelijk zelden voor¬kwam."
Vrager: " Ze niezen ook en neusuitvloeiingen is ook één van de symptomen van varkens¬pest."
Marieke: "Verder zie ik ook dat in de neusholte de haren kort-hariger worden. Je kan je voorstellen dat als je minder lange haren in het neusgebied hebt staan dat de sensitieve prikkeling minder sterk ervaren wordt. Dat is een verarming van hun systeem."
Vrager: " Ik las dat varkens nogal wat ademhalingsoppervlak in de neus verloren hebben wat onder andere gevolgen heeft voor de lichaamstemperatuur-regeling. Ze bezitten een zogenaamde kotterneus die minder breed is en minder uitgerekte neusschelpen bevat. Daarmee is er een geweldig stuk ademhalings-oppervlakte verloren gegaan."
Marieke: " Wat u benoemt is dat er een soort insufficiëntie gaande is, een soort degenera¬tieproces in de neusholte. Er is veel vermoeienis gaande rondom het longgebied."
1.8 Het klimaat in de stallen
Vrager: "Door de manier waarop ze gehouden worden heb je heel veel longproblemen bij de varkens."
Marieke: " Ik zie dat het klimaat in de stal tot long¬problemen bij varkens kan leiden omdat op verschillende hoogtes in de stal de luchtstromen anders van aard is. Net zoals je bij mist verschillende lagen kan zien. Als ik dat zou moeten beschrijven in een varkensstal dan zijn er bepaalde gebieden in de ether van de stal vocht-gevoeliger dan andere gebieden. Net alsof er vlagen van een nevel-structuur zijn. Kan iemand dat bevestigen?"
Vrager: "Onder de roosters, bij de ventilatoren..."
Marieke: "Ik zie dus luchtverplaatsingen met een ander gehalte aan vocht."
Vrager: "Er zijn allemaal verschillende situaties die heel belangrijk zijn. Er zijn bijvoor¬beeld plafonds die lucht doorlaten. Er zijn ook systemen waarbij eigenlijk een hele rustige luchtstroom ontstaat. Luchtstroom in een stal geeft eigenlijk altijd longproblemen.
Een varken kan absoluut geen tocht hebben. Als hij rust, moet het tochtvrij zijn. Hij heeft echt een hol nodig. Als dat niet aanwezig is, als er geen luchtstilstand is dan is hij in no time ziek. Dat is heel belangrijk bij de inrichting van de stal!
In de gangbare landbouw hebben ze allemaal systemen in het gangpad, die daar die lucht omhoog drukken en waar de frisse lucht zich dan verspreidt en waar dan weer lucht wordt weggezogen. Er is dus de koude lucht die de hokken binnengelaten wordt en die, de warme lucht die wegge¬zogen wordt, verdrijft. Je hebt dus inderdaad verschillende niveau's waarvan de warme lucht altijd vochtiger is."
Marieke: "Dus de vochtgesteldheid is op verschillende plaatsen anders georiënteerd. Verder kan ik zien dat de grootste gevoeligheid ligt in de luchtstroom die uitkomt op de hoogte van de oren van het varken.
Een wisselvallige luchtstroom die uitkomt bij de poten kunnen ze nog wel "lijden". Boven hun hoofd ook, maar op de hoogte van de oren ligt dat gevoeliger.
En dan ligt het er ook nog aan welke maat varken je hebt. Het allerbelangrijkste is het oorgebied in relatie tot luchtverplaatsingen, in combinatie met vochtgevoeligheid. Op dat niveau moet de lucht een bepaalde verzadiging aan vocht hebben. Het is alsof men daar nog geen rekening mee houdt. Men is dus wel bezig met het hele luchttransport, maar voor het varken is vooral stabiliteit in luchtverplaatsingen op oorhoogte nodig. En dat houdt natuurlijk ook neus- en ooghoogte in. Het gaat natuurlijk niet alleen om het letterlijke oor, het gaat onder andere ook om de buis van Eustachius. Het gaat er om dat in mijn beeld het oor opmerke¬lijk zichtbaar is in relatie tot die luchtverplaatsingen. Misschien heeft iemand er ooit een gedetailleerde vraag over."
Vrager: "Als je nou de twee belangrijkste soorten varkens in Nederland neemt, dat is het Groot Yorkshire-varken en het Nederlands landvarken. Het Yorkshire heeft zijn oren rechtop staan en bij het Nederlands landvarken hangen de oren als flappen voor z'n ogen..."
Marieke: "Ik zie rechtop staande oren. Dus dat varkenssoort zal daar extra gevoelig op reageren. Ik vermoed dat het te maken heeft met in contact staan met bepaalde luchtstro¬men en de buis van Eustachius. Dat is een fantasie van mij, dat kan ik niet bevestigen, maar iemand die van varkens afweet zou kunnen registreren hoe dat daar ligt."
Vrager: "Of het is heel direct, omdat het oor op de hoogte van de neus ligt en hij die lucht inademt, òf het is heel anders."
Marieke: "Ja. Dat durf ik dus niet te garanderen. Wat ik zie is die luchtverplaatsing op oorhoogte en het varken dat ik zie heeft rechtopstaande oren."
Vrager:"Het is wel grappig dat het verschil tussen die twee soorten varkens zo enorm groot is in de oorbouw."
Marieke: "Hebben jullie ook het gevoel dat het éne varken een grotere longproblematiek heeft dan het andere? Want dan zou het interessant worden om naar de oren te kijken."
Vrager: "Het is wel zo dat het staande oor dominanter vererft dan het hangende oor.
Bijna overal komt een mix van deze twee vormen voor."
Marieke: "Misschien dat er een licht verschil is bij de ene oorconstitutie of de ande¬re, maar in eerste instantie gaat het om de oorhoogte. Beide varkenssoorten zijn gevoelig voor luchtverplaatsingen. Als je de lucht op die hoogte wat constanter zou kunnen houden is dat al heel behulpzaam."
Marieke: "Ik zal nog naar de warmte in de stallen kijken. Ik ben het er natuurlijk niet mee eens hoe die varkens nu gefokt worden. Ik krijg wel beelden te zien wat je kan doen om dat op te lossen bijvoorbeeld. De beroerdigheid is alleen dat je dit dan in stand houdt.
Hetzelfde is dat je nu de staarten coupeert terwijl het niet natuurlijk is en nu kan je wel een oplossing vinden voor de ammoniak en zo kan je wel elke keer nieuwe oplossingen vinden, maar het punt is dat er natuurlijk een heel ander beleid voorgestaan moet worden. ( Om die reden houdt Marieke op met spreken t.a.v. uitvindingen, die zij waarneemt, op dit gebied. Het is haar angst dat dergelijke oplossingen indirect weer tot verlenging van dierlijk lijden aanleiding geven.)
Vrager: "De manier van varkens houden is ook te warm, hè? Ze kunnen die warmte niet goed kwijt. Ze kunnen niet transpireren en moeten dus vooral via de ademhaling regelen dat er afkoeling optreedt.
De hokken worden verwarmd voor de jonge dieren en in de winter ook voor de mestvarkens. Varkens hebben normaal een temperatuur van 38,5C en mestvarkens 39C. Dat is al vrij hoog en ze verwarmen dan dus zichzelf. Als dan ook nog eens de zon op die daken schijnt raken ze wel eens oververhit. Dan moeten die daken echt gesproeid worden om ze een beetje te koelen."
Marieke: "Ik zie dat de warmte in jullie vraagstelling gekoppeld is aan de vermoeidheid van het dier. Er is een soort vermoeidheids-belasting. Veel dieren die weinig haarbegroei¬ing hebben kunnen bij hitte wat gaan trillen om een soort luchtverplaatsing, die hun huid beroert te bewerkstelligen. Kleine schokkende beweginkjes die dienen als een soort verkoelingssysteem. Het varken is vaak te vermoeid als de hitte toeneemt om dat nog teweeg te brengen."
Vrager: "Een varken transpireert niet, daarmee kan hij zich dus niet afkoelen."
Vrager: "Jawel, er is gewoon convectie via de luchtstroom en dan de normale afkoeling door verdamping. Ik zou proberen de varkens te bevochtigen als het te warm is, of zij graven zichzelf een halve meter de grond in, waar natte grond of koude grond is, of zij gaan in hun eigen mest liggen, of zij gooien hun drinkbak om, ook al is dat een betonnen bak. Als zij maar af kunnen koelen. Het is heel belangrijk voor hen."
Marieke: "Nu is de concrete vraag of ik iets weet wat behulpzaam is, als niet-natuurlijk-levende varkens het in hun beleving te heet hebben om zich behaaglijk te voelen. Deze varkens hebben bijvoorbeeld ook niet de beschikking over een waterbak die ze om kunnen gooien. Wanneer ik kijk naar hun vermoeidheid, hoe het puur lichamelijk voor hen voelt ... zoals ik dat van binnenuit voel, dan voelt het alsof er een druk op het kruinchakra ofwel schedeldak komt te staan. Dan zie ik dat ze dat echt lamlendig naar beneden laten zakken, dan is het ook alsof ze hun nek tussen de schouderbenen laten hangen en die schouderbenen daar wel, vermoeid houden, maar de puf is eruit. Het maakt een hele matte indruk. Stoeigedrag valt natuurlijk helemaal niet meer te verwachten. Het geeft voor mij een beeld van totale lam-lendigheid. En dan is lam-lendig-heid hier echt letterlijk èn figuurlijk bedoeld. Ze vallen gewoon stil.
Die warme temperatuur wordt soms óók, deels, bewust veroorzaakt doordat men over¬zichtelijk met varkens overweg wil gaan. Wanneer dieren zich iets rustiger bewegen is dat voor de fok-boer een gunstig iets omdat er dan minder onrust in de stal is. Het is er altijd 1/2 tot 2C hoger dan dat ze behaaglijk vinden. Dat is een natuurlijk kalmeringsmiddel.
Zij denken dan dat het beest zich misschien prettiger voelt, maar als hij lam-lendig staat kan dat onder andere te maken hebben met een te grote warmte-overdracht."
1.9 Longproblemen/ammoniak
Marieke: "Ik krijg nu spontaan beelden: het is alsof de longblaasjes versneld dichtklappen doordat de zuren die in ammonia hangen (ik heb geen scheikundige achtergrond) het vlies van de longblaasjes doet aantasten en mat doen maken. Het beeld dat ik krijg is dat het vlies schrompelt, ijl wordt en daardoor breek-gevoelig is. Zo'n heel fijn dun vlies dat, net zoals dat glazige weefsel van eieren dat rimpelig wordt en over elkaar heen trekt en verhardt. Zo zie ik ook dat de longblaasjes zich naar binnen trekken en dan scheuren.
Wat ik zie is dat ammoniak een verzwaarde materie is als je dat in lucht ziet hangen. We hebben het net over vochtverplaatsingen gehad; ammoniak heeft de neiging om neer te slaan. Ammoniak is een zwaardere substantie die bij voorkeur zich ergens aan hecht.
Dat houdt in dat ammoniaklucht heel makkelijk neerslaat in neus¬holtes tijdens het transport van lucht door de neus naar binnen. Indien er al opslag is van ammonia in de neusholte dan transporteert, ammonia ammonia door, en glijdt het dieper naar binnen. Dus de eerste opvang van ammonia is in de neusholte. Als er dan al aan¬hechting van ammonia heeft plaatsgevonden dan is er wel een bepaalde verzadigingswaar¬de voordat het niet meer opgenomen wordt, maar daarna glijdt het intern door en komt het ook in de luchtpijp en de longen uit. Ik ga kijken wat er dan gaat gebeuren. Wij mensen krijgen daar een prikkelende hoest van. Als ik mijn innerlijke beelden waar¬neem krijg ik de neiging om te zeggen dat ze ook slikproblemen krijgen, alsof de ammo¬niaklucht "slik-gevoeligheid" activeert. Het slikken gaat dus minder spontaan.
Doordat ammonia te veel gewicht van zichzelf heeft geeft het een soort verklevings-effect in de longen. In mijn beelden doet ammonia iets met het longweefsel waardoor het zich plakkerig vastzet en de vochtgevoeligheid in de wand van het longweefsel af doet nemen, alsof hij het bijna opslurpt. Heeft iemand ooit met ammonia gewerkt?"
Vrager: "Ik kan het niet helemaal plaatsen, maar het is de dagelijkse zorg. Daarvoor hebben we heel gecompliceerde ventilatiesystemen en temperatuurregeling. Daar heeft u al wat over gezegd. Dat is om dit soort problemen te voorkomen. Op zich is het heel bekend.
Maar behalve ammoniak is er ook nog H²S, zwavelwaterstof, of één van die vervelende gassen."
Marieke: "Aan de andere kant ben ik het er niet helemaal mee eens. Het is waar wat u zegt maar wat ik ook zie is dat de concentratie van de ammonia-resten in het lichaam van het varken bovenmatig veel is. Dus wat u al doet is onvoldoende."
Vrager: "Ik heb niet gezegd dat het voldoende zou zijn "
Marieke: "U bedoelt dat het onderzoek daarnaar gaande is?"
Vrager: "Daar streeft men naar omdat men weet dat als het te gek wordt er problemen zijn."
Marieke: "Wat mijn advies zou zijn, gewoon milieu-technisch, is iets in die ruimte neer te zetten wat heel gevoelig is voor ammonia-opslag en het rechtstreeks af te voeren."
Vrager: "Stro, water".
Marieke: "Wat ik zie is dat die ammonia in de longen het vocht uit de celwanden zuigt. Daardoor verschrompelen ze. Het wordt zo'n rimpelig vliesje."
Vrager: "Daarom zijn die longen ook gevoeliger voor bacteriën, ze zijn constant aange¬tast. Daarom krijgen varkens constant anti-bioticum. Ammonia is toch dezelfde stof waarmee je oppervlakten ontvet? Als je een lichaamsopper¬vlak ontvet dan verandert de gevoeligheid voor vocht toch enorm! Als de vettigheid eruit is, is het veel eerder nat en droog en de rek raakt eruit."
Marieke: "Wat ik innerlijk zie is dat ammoniak "kleverig" is. Het is al kleverig als je het in de neusvleugels hebt, maar het wordt ook kleverig in de longen zelf. Het onttrekt inderdaad het water uit de wanden."
Vrager: "Het zou eenzelfde soort effect moeten hebben op de boer die daar de hele dag in werkt, ook al heeft hij dan een masker op."
Marieke: "Het is nu te kort tijd, maar je kan je voorstellen dat ik eens kan kijken welke grondmaterialen er nodig zijn om de ammoniak op een natuurlijke manier naar elders af te voeren zodat het steeds verwijderd kan worden uit het hok."
1.10 Anti-biotica
Vrager: "Wat doet anti-biotica?"
Marieke: "Het beeld wat ik zie is dat als voor dieren antibiotica gebruikt wordt, dat levens verlengend is, met als doel te verbloemen welke klachten zichtbaar zouden worden zonder anti-biotica gebruik en die zeer ernstig van aard zijn. Wanneer anti-biotica plotseling gestopt zou worden dan is het weerbaarheidsmechanisme ook gelijk ernstig aangetast.
Een zeug die zwanger is brengt anti-biotica-resten over naar haar nazaten en die komen al ter wereld met een bepaalde anti-biotica-resistentie. Het is al een deel van hun normale organisme geworden. Met als gevolg dat dat een voortdurende cyclus is van groter wordende resistentie, want hùn nageslacht is nog weer resistenter.
Verder dien je anti-biotica te zien als een soort glijmiddel (ik heb er geen ander woord voor), waardoor er minder flexibele impulsen in het menselijk of dierlijk weefsel gaande zijn.
Anti-biotica maakt dat er een versnelde afvoer plaatsvindt (daarom noemde ik misschien ook het woord glijmiddel) van nadelige stoffen. Echter niet alleen nadelige zaken zoals ziektekiemen worden afgevoerd maar er wordt ook een soort vereffeningsproces op gang gezet, bijvoorbeeld zoals je een weg kan plaveien. Hierdoor neemt de natuurlijke gevoeligheid voor stress af. Dat betekent dat als je één maal anti-biotica gehad hebt dat je sneller verplicht bent het wéér in te nemen want je normale afweermechanisme is te weinig geprikkeld. Het is immobiel gemaakt. Bij een gezond afweermechanisme is het alsof de ziektekiemen over een niet geasfalteerde weg hun weg zouden moeten vinden. Dan ontmoeten ze natuurlijke obstakels die ze tegenhouden en kunnen zij niet zo makkelijk door glijden naar dieper liggende mechanismen.
Na antibioticagebruik is de weg geplaveid en kunnen de ziektekiemen dieper in het organisme door dringen."
Vrager: "Met uw woordgebruik kan ik me niet voorstellen dat u niet hier al langer over nagedacht hebt en als dat niet zo is dan is dit toch wel heel apart."
Marieke: "Dit is gewoon een helder-vermogen, een hele fijn-zintuiglijke begaafdheid op een aantal onderwerpen. Verder zie ik dat anti-biotica niet alleen resistentie teweeg brengt, maar ook in bepaalde organen resistentie versterkt. Ik zie dat de onderkant van de long-"zakken" een soort opvang-reservoir hebben voor anti-biotica-opslag. De longen zijn bij het varken uitermate inklap¬baar door de "energetische gewichtigheid" (dat zal je letterlijk nooit kunnen meten). Dat zal misschien te meten zijn aan het zware afval van de anti-biotica-resten in de onderkant van de longen. Hogerop in de longen is het minder.
Een ander gebied wat ik zwaar belast zie is het gebied aan de binnenkant van het borstbeen, ik vermoed de aorta.
Ik zie een pijp die aan de onderkant als het ware bezwangerd is met afvalresten, alsof er aanhechtende energieën zijn die een versnelde krimping van die pijp teweeg brengen. Net alsof hij plasticiteit mist en alsof hij nog slechts te ver¬zwakt kan resoneren in, in- en uitgaande bewegingen en de natuurlijke souplesse mist.
De andere organen zijn ook belast, maar allemaal wat minder.
Bij het blaasgebied zie ik hetzelfde als bij de longen. Normaal is de blaas een heel doorspoelend orgaan maar het is net alsof de blaas ook een gebied heeft waar gruis blijft hangen. Dus anti-biotica heeft een soort afval-reser¬voirs opgebouwd aan de onderkant van de organen. Het wordt dus niet gelijkelijk verspreid. Als daar ooit nog gedetailleerdere vragen over komen dan kijk ik daar verder naar."
Vrager: "De anti-biotica komen heel moeilijk in de blaas. Dieren met blaasontsteking moet je hele specifieke anti-biotica geven omdat ze meestal door de nieren weggevangen worden en in het lichaam blijven circuleren en niet via de urine de blaas in komen."
Marieke: "Volgens mij is het niet dat de anti-biotica niet in de blaas komen. Wat ik zie is dat de anti-biotica neerslaat in het blaas-orgaan omdat een blaas geen opname-systeem heeft. Veel organen hebben een "in- en uitademend" effect ofwel een opname- èn een uitscheidingsmechanisme in de wanden van de organen, terwijl de blaas slechts een uitscheidingsorgaan is. De anti-biotica die in de urine in de blaas komt wordt niet door de cellen van de blaaswand opgenomen."
Marieke: "Op de één of andere manier wordt ik ook innerlijk geleid om naar de oren te kijken in verband met anti-biotica.
Indien dieren lang achter elkaar anti-biotica toegediend krijgen hebben ze minder weer¬stand tegen bepaalde ooraandoeningen zoals bijvoorbeeld wratvorming in de oorschelp of dat ze heel veel moeite hebben om de zure luchtstromen te verdragen in de oorschelp (want daar heb je natuurlijk ook dat aanklevingsgebeuren t.g.v. de ammonia)."
Marieke: "Ik vermoed dat de kans op misgeboorten groter gaat worden des te langer het fokken doorgaat, omdat de resistentie tegen anti-biotica steeds sterker wordt. Je moet dan een steeds sterker "glijmid¬del" neerzetten. De normale sensitieve gevoeligheid voor ziektekiemen in het lichaam en hoe daar weerstand naar betoont wordt, wordt helemaal afgeleerd. Dus ik verwacht grote ongelukken in de toekomst."
Vrager: "Ik heb gelezen dat er al anti-biotica, dat bij dieren gebruikt wordt, in menselijke organen zijn gevonden."
Marieke: "Het is misschien heel belangwekkend om toch nog even naar te kijken, al is het maar dat we een waarschuwing af kunnen geven. Dan kijk ik naar de invloed dat anti-bioticum, dat aan dieren in het algemeen verstrekt wordt, op dit moment al heeft op de mens die dagelijks vlees nuttigt. Wat betekent dat in relatie tot de toekomst?
Het eerste beeld dat ik krijg is dat de slijmvlieshuishouding in mensen en ook de klierstof¬wisseling aangetast worden. Psychologisch houdt dit in dat er steeds meer prikkeling van buiten af nodig is om zich emotioneel verzadigd en bevredigd te weten."
Marieke: "Het "glijmiddel-effect" van anti-biotica maakt dat je minder sensitief-geprikkeld wordt dan zonder anti-biotica. Het wordt te luchtig, te makkelijk doorgevoerd.
Als je anti-biotica dus veelvuldig in hele kleine aangelengde mate toegediend krijgt wordt de lichamelijke en emotionele weerstandsgevoeligheid uiteindelijk ondermijnd. Daarom ben ik ook zo bang voor afwasmiddelen, er blijft altijd iets aan je bord zitten, dat doet iets met ons mechanisme. Het zijn steeds van die kleine speldeprikjes, maar die brengen een groter proces in beweging.
Op het emotioneel niveau heeft anti-bioticum een uitwer¬king van emotionele vervlakking. Dat houdt in dat, omdat een mens nu eenmaal als mens toch sensitief geprikkeld wil worden, men een steeds sterkere prikkel nodig heeft om sensatie te voelen. Mensen die geen anti-biotica gewend zijn kunnen met lichte prikkeling eenvoudiger al sensatie ervaren. Normaal is een ziekteproces sensatie-makend, want je voelt nogal wat, zowel psychologisch als lichamelijk.
Je huid voelt ineens anders aan en je voelt dat je koortsig bent; je hebt allerlei gevoelens die je normaal niet registreert op een ervaarbaar niveau van lichamelijk contact hebben met jezelf.
Anti-biotica is dus zowel psychologisch als lichamelijk verzwakkend op het sensitieve systeem in de mens. Er zijn steeds sterkere prikkels nodig voor dezelfde sensitieve gewaarwordingen.
Aan de andere kant, dit is pas één kant van de medaille. Ik moet opnieuw kijken want ik voel dat er ook een tegenhanger is. Door die verzwakte natuurlijke prikkeling is er een hoge oproep naar sensatie-drang, maar de sensatie-drang die vervolgens opgeroepen wordt kan niet meer goed getraceerd worden. Anders verwoord: anti-biotica maakt het voor het lichaam minder eenvoudig om andersoortige sensaties, maar ook ziektekiemen, àls ze al herkend worden, tijdig naar de goede plaats af te voeren. Dus dat loopt lichamelijk en psychologisch samen. Een mens die grotere sensaties wil voelen om zich geprikkeld te weten, weet niet hoe hij deze sensaties goed kan afvoeren middels zijn lichamelijke en psychologische mechanisme. Daarover kan dan weer een soort doolhof-effect ontstaan. Je raakt overvol aan ervaringen maar hebt geen uitweg om ze te ontladen.
Het is dus belangrijk voor ons om te weten, te kunnen achterhalen, te traceren waar een sensatie of de drang naar sensatie mee te maken heeft en als dat niet meer goed kan, levert dat verwarring op."
Vrager: "Daardoor kan je dus in een soort psychische nood kan komen?"
Marieke:"Ja. Bijvoorbeeld kinderen krijgen nu een overmaat aan mentale prikkeling zonder dat er lichamelijke integratie plaatsvindt van wat ze geleerd hebben. Dat houdt in dat ze steeds grotere prikkelingen nodig hebben om zichzelf licha¬melijk, sensatiegericht te ervaren. Dat zien we nu dan ook gebeuren bij de grote geluidsoverlast of bij de muziek met een dreunend effect. Daardoor komen die prikkelingen dieper binnen.
Mensen die gewerkt hebben met gongen en klankschalen weten dat elke geluidstrilling iets doet met organen. Klanktherapie kan heel genezend zijn. Maar je kan ook van geluid ontzettend ziek worden.
Als er steeds sterkere prikkelingen binnenkomen kunnen de organen het hele transport van die trillingsfrequentie van dat geluid niet meer goed "distilleren". Als er dan bijvoorbeeld een afgescheidenheid ontstaat tussen geest en lichaam dan kan je bijna niet meer verwachten dat het afvoermechanisme nog op elkaar afgestemd is. Dus er vindt te weinig afvoer plaats omdat het op bepaalde organen blijft hangen. Zo werkt anti-bioticum dus ook.
Is er eenmaal te veel anti-bioticum opgenomen (met één of twee keer in een leven is dat echt nog wel te doen), dan begint die oververzadiging plaats te vinden en wordt het natuurlijke afvoermechanisme langzaam geblokkeerd. Steeds sterkere prikkels zijn dan nodig om activering te bewerkstelligen en dat verdoezelt de bijwerkingen."
1.11 Preventieve geneeskunde/inentingen
Vrager: "Kunt u iets over de preventieve geneeskunde zeggen? Als zeugen worden "opgelegd", zo heet dat, dan krijgen ze wel zeven of acht preventieve inentingen tegen van alles en nog wat. Werkt dat verstorend naar hun eigen aura?
En wat doet het bloed-tappen? Dit zijn wij tegenwoordig wettelijk verplicht te doen? Dat vind ik zelf een vreselijke ingreep bij varkens. Ik heb zelfs drie à vier weken later nog het gevoel dat ze nog steeds terugdeinzen als ik in het hok kom. Zo van: "O jé, daar heb je d'r weer!"Marieke: "Wil je even iets van dat bloed-tappen vertellen, want dat ken ik niet?"
Vrager: "Het is een handeling die we verplicht zijn te doen om één of andere ziekte te kunnen constateren, òf dat ze daar vrij van zijn, bijvoorbeeld de blaasjesziekte.
Dan moet een varken met z'n bovenkaak in een ijzeren strop, die wordt dan aangetrokken en daar gaat hij dus aan hangen. Dan wordt de hals dus helemaal gestrekt en dan wordt er zó'n lange naald in een ader geprikt om daar bloed uit te halen. Zo'n varken schrééuwt dan moord en brand. Heel het hok is dan onrustig door die doodsschreeuw en ik heb het gevoel dat ze dat heel lang daarna nog weten. Soms gaan ze ter plekke van de stress dood. Iedere vier maanden worden er dus in Nederland bij 250.000 varkens op die manier bloed getapt. Per bedrijf moeten er twaalf varkens geprikt worden. De grootte van het bedrijf maakt niet uit, alleen de hele kleine bedrijven mogen minder varkens prikken.
Marieke: "Ik kijk energetisch en zie dat varkens zo'n ongelooflijk geblokkeerd keelchakra hebben. Het zijn déze halsspieren die zo uit balans en opgerekt zijn. Ik kan me ook voorstellen dat het ontstaat als je hier, in het hals-borstgebied, een prik krijgt en door de wijze van voedselopname."
Vrager: "Er dient schuin aangeprikt te worden in een zij-ader in de nek en het is een vreselijke ingreep zowel om te krijgen en als om te doen. Het prikken op blaasjesziekte is noodzakelijk om de dieren naar het buitenland te mogen vervoeren."
Marieke: "In mijn beelden heb ik gezien dat varkens zo'n moeite hebben met het dichtbij komen van anderen die niet tot de eigen familie behoren. Een bioloog vertelde mij later dat, omdat varkens zich om die reden zo moeilijk laten vervoeren, de slachterijen zo dicht mogelijk bij het varken geplaatst worden. Toen dacht ik: "Maatschappelijk wordt daar dus blijkbaar al op gereageerd." Maar waar ik me dan weer zo over verbaas is als ik dan weer hoor dat ze toch levend vervoerd worden naar allerlei landen (net zoiets als Auschwitz). Dat lijkt me dan zo onlogisch. Ze weten hier in Nederland hoe vreselijk die dieren het vinden en brengen de slachterijen steeds meer in de buurt van de fokkerijen. Hoe kunnen ze het dan bedenken om die dieren in veewagens ik weet niet waar naar toe te brengen?"
Vrager: "Nederlandse varkens gaan naar Italië en worden daar geslacht en dan krijg je Parma-ham. Het is gewoon een economisch plaatje. Maar ze moeten wel in Italië geslacht zijn.
En dan de castratie van de jonge biggen!! De Italianen willen gecastreerde biggen hebben want ze zijn bang voor de berenlucht. De Italiaanse gedachte is, dat als een vrouw vlees eet van een ongecastreerde beer dat ze dan minder vruchtbaar zou zijn. Daarom worden alle biggen hier gecastreerd op een jonge leeftijd. Terwijl ze geslacht worden als ze vijf maanden oud zijn, dan heb je nog helemaal geen beren-lucht! Maar toch worden ze allemaal, allemaal, allemaal gecastreerd! Zonder verdoving ...!!"
Vrager: "Dat zijn wel problemen van de biologische landbouw. Bij ons is het castreren van de varkens echt nodig omdat ze dus allemaal wèl geslachtsrijp zijn op het moment dat ze geslacht worden. Ik heb wel eens een "stinker" op mijn bord gehad .... nou, die eet je dus niet op. Dat is dus ook niet te verkopen. Door dat idee-fixe van de Italianen worden de jonge biggen toch gecastreerd en dat is compleet onzin. Alhoewel er ook rassen zijn die eerder geslachtsrijp zijn."
Vrager: " De varkens zijn ook twee maanden eerder geslachtsrijp dan gewoon. Wat is de invloed van voer-versnellers hierop?"
Marieke: " Dit vraagt een heel lang antwoord, dus dat kan ik in dit tijdsbestek niet even doen." (Gekozen wordt om met andere vragen door te gaan)
1.12 Kwaliteit van het vlees van een bio-varken en een B.D.-varken
Vrager: " Wat is het verschil tussen vlees van het gangbare varken en dat van het BD-varken?"
Marieke: " Ik heb eerder gekeken naar de groenteteelt. Wat ik zie is dat de normale groenteteelt veel "pafferiger" van structuur is. Dat houdt in dat de celwanden van al het voedsel veel minder stevig zijn. Ze hebben geen normale begrenzing meer en zijn ijler. De BD-groenten hebben een stevige celwand. Dat betekent dat de vitaminen en mineralen die in de cel opgeslagen zijn een begrenzing ervaren en niet zo snel verijlen. De pafferige groenten die nu normaal overal versneld gekweekt worden, hebben veel minder celwand-structuur en hebben een veel ijler "perspectief", d.w.z. dat de vitaminen en mineralen daar versneld uit loslaten. Met als gevolg dat, als je altijd uit gewone winkels groenten en dergelijke haalt, je ook pafferiger van structuur wordt. Dus je eigen celwandstructuur wordt uiteindelijk ook ijler. Op het psychologische niveau betekent dit dat je steeds minder "ik-begrenzing" zal ken¬nen. Ieder mens moet een gezonde ik-individualiteit hebben. Als, lichamelijk dus, je celwanden te ijl worden kan je minder onderscheiden wat buiten is en wat binnen je plaats vindt.
Met betrekking tot de letterlijke milieuvervuiling houdt dat in dat je veel gevoeliger bent voor allerlei stoffen en dat je daarnaast ook veel gevoeliger bent voor emotionele indringing van anderen. Dus de hele BD-groenteteelt is behulpzaam voor een gezonde ik-identificatie en een normale begrenzing tegen invloeden van buitenaf.
Dan ga ik nu kijken naar het eten van vlees van dieren die natuurlijk geleefd hebben en die natuurlijk voedsel hebben gehad en van dieren die in het groot opgefokt en niet-natuurlijk gevoed zijn. In wezen is bij vlees hetzelfde principe geldig als bij de groente, met dien verstande dat vlees een veel "compactere" voedselsoort is, dat de mens ook com¬pacter doet bewegen. Groente en fruit hebben een ijlere energetische structuur dan vlees.
Ik ga kijken wat BD-varkensvlees of gewoon varkensvlees met ons doet en ik zal probe¬ren het verschil te omschrijven. Ik zie dat het gaat om "af-zet-gebied". Kan je je herinneren dat ik het eerder had over hoeven die zich afzetten?
Het eten van varkensvlees bevordert op psychologisch niveau "het kritisch weerstand bieden aan/het afzetten tegen". Soms kan dit ongegrond zijn en kan het zelfs een beetje drammerig in je doorwerken dat je iets niet wil. Dit is dus puur een emotionele uitleg van dit thema.
Op het lichamelijke niveau kan het inhouden dat het te veel consumeren van varkensvlees maakt dat bepaalde organen in het menselijk lichaam logger van structuur worden.
Var¬kensvlees heeft dus een soort verzwarende emotionele uitwerking op de ijlgevoeligheid van de mens. Ons vlees heeft een andere energiefrequentie dan het vlees van het varken. Als we regelmatig vlees van het varken nuttigen verzwaart dat eigenlijk de trillingsfrequentie van onze lichaamsopbouw. De trillingsfrequentie neemt wat af. Energe¬tisch worden wij logger, minder flexibel. Het voedende element van varkensvlees, eiwitten en vetten, is kortdurend te gebruiken; het heeft geen langdurige verbrandingswaarde. Als je het vergelijkt met eiwitten en vetten die voortkomen uit plantaardig materiaal, dan is het verbrandingsmateriaal daarvan fijngevoeliger, ook wel snel-verbrandend, maar veel luchtiger van aard, het verspreidt zich over het hele menselijke mechanisme. Wanneer varkensvlees geabsorbeerd wordt vindt er een "kort-dadige" neerslag plaats en het geeft maar een tijdelijke bevrediging, die vaak ook nog een beleving van zwaarte achterlaat. Een hypochonder die varkensvlees zou gebruiken zou zich daar, zwart-wit gezegd, sneller depressief door voelen. Bijvoorbeeld, een paard heeft een iets luchthartiger karakter. Het verteren van paardevlees doet mensen niet depressief worden. Mensen die aanleg hebben voor depressie en veel var¬kensvlees nuttigen verzwaren de omvang van de depressie.
Door de constitutie van het BD-varken lost de verzwarende uitwerking op het emotionele vlak, van het varken naar de mens, sneller op omdat het BD-varken iets luchthartigs heeft. Die heeft mogen leven. Ondanks hun energetische verzwaring voor ons lost dat sneller op omdat ze emotioneel een aantrekkelijker leven hebben gehad. Het varkensvet dat van een BD-varken af komt wordt "luchtiger" verteerd."
Als ik dan kijk naar het normale varkensvlees, afkomstig van varkens die zich niet hebben mogen bewegen en geen keuze-vrijheid hebben gehad ten aanzien van hun voedsel, dan wordt de emotionele kwaliteit in ons verzwaard zonder die luchthartigheid daar nog in te beleven. Dat vlees prikkelt eerder zwaarmoedigheid, zonder van: "nou, het valt toch wel een beetje mee". De neerslag van hun vetten is langduriger in ons aanwezig.
De vetabsorptie lijkt door ons veel langer zwaarwichtig meegedragen te worden."
Vrager: " Vroeger waren varkens veel vetter en aten de mensen hele vette varkens. Tegen¬woordig slachten we alleen maar vlees. Aan de varkens zit haast geen vet meer omdat de mensen dat niet meer eten. Heeft dat een specifieke werking?
Marieke: "Vet is voor consumptie geschikt als mensen veel brandstof-aanvoer nodig hebben omdat ze echt met het lichaam werkzaam zijn. Voor mensen die lichamelijk niet veel-arbeidend zijn leidt vet tot overgewicht maar ook tot dichtslibbing van de celwanden van organen. Het vet van het BD-varken geeft minder aanleiding tot dichtslibbing omdat dit makkelijker oplosbaar is dan het vet van een dier wat zelf weinig beweeglijkheid heeft kunnen betrachten. Het is zo logisch als wat. Er zit bijna geen trillingsresonantie van flexibiliteit in het vet van een varken wat te stil heeft moeten staan. Terwijl bij het BD-varken, waarvan het vet meer beweeglijk is, het gewoon is dat als het in een verteringsproces komt, om sneller uiteen te vallen."
Vrager: "Eigenlijk zouden we dus moeten concluderen dat iemand die een depressieve aanleg heeft geen gangbaar varkensvlees zou moeten eten.
Marieke: "Dat klopt. Hij zou beter, als hij vlees wil eten, vlees van een ander diersoort kunnen nutti¬gen. Hij kan bijvoorbeeld vis gebruiken, dat is een beweeglijk dier dat zich makkelijk door water verplaatst (water is ook het element wat bij emotie hoort).
Dus vis-voedsel is dan veel geëigender, paardevlees zou ook geschikt zijn.
Maar heb je bijvoorbeeld een "over-luchtig" mens, misschien een gek taalgebruik, iemand die overdadig opgewekt is en niet in balans, die kan wel eens varkensvlees nodig hebben om vanuit een manisch stuk in te zakken en in balans te komen. Ik kijk natuurlijk maar heel kort en het vervelende is dat je dan misschien te zwart-wit bent in je uitdrukkingen. Maar energetisch is dat het verloop.
HOOFDSTUK 2: VRAGEN UIT DE GEÏNTEGREERDE EN ECOLOGISCHE LANDBOUW
2.1 De bodemgesteldheid in relatie tot het varken
Vrager: "Er speelt een heel scala van problemen ronde de intensieve veehouderij. Er bestaan verschillende definities over wat goede mest is. De authentieke landbouw spreekt over mest met veel organische stof, dat een positieve bijdrage levert aan een geïntegreerde landbouw van plantaardige en dierlijke produktie. Ik wil wel een lans breken voor verantwoorde, efficiëntere dierlijke produktie omdat ik denk dat het problemen geeft als de dierlijke produktie er uitgenomen wordt. In de varkenshouderij en veehouderij is de milieuproblematiek niet primair een stikstofproblematiek, maar een fosfaatproblematiek. Ik denk dat het varken neergezet is op een manier dat het niet meer positief inter acteert met zijn bodem. Mijn vraag is, als je een varken weer op een positieve manier wil neerzetten in een Nederlandse context, in een bodem-plant-diersysteem, hoe doe je dat dan? En hoe zou dat een positieve uitwerking kunnen hebben op het ontstaan van ziekten? Want varkens is natuurlijk één, maar er is veel meer."
Marieke: "Een normale onderlaag van aarde zou een enorme verbetering zijn. Als ik puur kijk naar wat een varken als genot ervaart in relatie tot bodemgesteldheid dan zie ik dat zij heel erg houden van aarde met een bepaald vochtigheidsgehalte zodat dat een kleverige substantie aan de hoeven afgeeft. Een beetje half glijerige bewegingen, dat vinden zij heerlijk. Dat is iets anders dan uw vraag, maar mijn beelden beginnen soms in een andere volgorde dan dat de vraag aangeeft. Dat houdt in dat zij bepaalde zandgrondlagen, die niet snel tot een kleverige substantie gebracht worden als er watertoelating plaats vindt, niet echt de behaaglijke grondsoort voor zichzelf vinden. Op zandgronden, die zich dus gemakkelijk kunnen verbinden met vocht, voelt het varken zichzelf emotioneel behaaglijk. Dan krijg je dus ook een natuurlijke uitwisseling van de dieren met de aarde.
Aarde-substantie is ook noodzakelijk om de degeneratie van de neus tegen te gaan en om ademhaling en zintuigprikkeling via de neusgaten open te houden. Het varken ontwikkelt veel van zijn tastzin middels de neusontwikkeling.
Zoals zij nu gehouden worden kunnen zij niet op een natuurlijke manier de neus fijnzintuiglijk inzetten om die tastzin te bevorderen. Zij hebben ook steeds minder de gesteldheid dat zij met de neus kunnen wroeten en korrelige oneffenheden gewaar zijn. Verder zie ik dat ook de haargroei in de neusgaten aan het afnemen zijn en ook daarvoor is normale aarde om in te wroeten uiterst zinvol.
Het beeld dat ik nu krijg is dat het varken er in wezen van geniet om zijn uitwerpsels op de aarde los te laten, dat mee te nemen, bijna in een soort spel, om van zand en uitwerpselen een glijmassa te maken. Varkens zijn bij uitstek geschikt om hun uitwerpselen te mengen met aarde en dat vinden zij een plezierige omstandigheid, daar hoef je ze niet voor op te leiden, dat doen zij zelf. Maar, en nu komt het, zij willen daar wel glijdende bewegingen mee maken. En zij hebben niet de neiging, zoals andere diersoorten kunnen hebben, om openingen in de aarde te krabben en de uitwerpselen in een kuiltje te doen en het dan weer dicht te gooien. Nee, zij willen de uitwerpselen eigenlijk wel uitstrijken over de aarde. Nou, dat is heel goedgunstig als je het hebt over bemestingsstrategiën, want het varken doet dat van nature. Die heeft de neiging om gelijkmatig mest te verspreiden en hoe meer mest hoe liever, als de zandbodem maar glijdt. Dat is een restrictie en hij kan het niet op alle zandlagen doen."
Vrager: " Wat is het profijt voor de mens van de relatie tussen varkens en bodemgesteldheid ?"
Marieke: "Het profijt ligt daar niet voor alle planten, maar voor specifieke planten en het gaat om planten die hoog boven de aarde uitschieten, maar een weinig diep wortelgestel in de aarde behoeven. Een wortelgesteldheid die gelijk in de breedte gaat. Als je dat weet aan te passen op varkens, die best wel territoriumdrift hebben en die je niet zomaar kan verplaatsen maar wèl, met een beetje beleid, in de loop van de seizoenen over een groter terrein heen kan laten rennen en modderen, dan zou je elke keer een deel kunnen afperken waar die bemesting plaatsgevonden heeft en daar kortdurende snelgroeiende planten op neerzetten met weinig wortelvorming in de diepte, maar in de breedte. En het terrein moet energetisch voor hen overzichtelijk zijn. Zij hebben een bepaald beperkt gezichtsvermogen, maar zij hebben wel een gevoelige zintuiglijke afstemming op een gebied. Dus voorbij het zien hebben zij nog een soort radarsysteem van: "dat hoort bij ons". Het terrein zal een bepaalde afmeting moeten hebben waar dat natuurlijk systeem van territorium nog gaande is. Doe je dat niet, dan zie ik dat zij gelijk hun hakken in de aarde zetten en veel meer kluiten op gaan werpen in plaats van glijdend mest te bewerken. Dan worden zij een beetje narrig van aard en schopperig met de poten."
2.2 Het effect van voeding op het varken zelf en op de kwaliteit van de mest
Vrager: " Wij komen eigenlijk tot de conclusie dat als je de dierlijke produktie milieu-verantwoord, qua welzijn et cetera, wilt opzetten, binnen de milieunormen van de regering, dat je het milieu-technisch niet rond krijgt. Als je er nu voor zorgt dat er vooral geen nitraat bij het bodemwater komt, bijvoorbeeld via diepstro-systemen en alle andere voorzieningen en je produceert gezond voedsel, en dat is wat ander voer dan dat wij denken dat het beste voer is voor de varkens, dan..."
Marieke: "Ik zal nog even kijken in hoever het mestverhaal nog een kloppend verhaal is, want het punt is: nu leveren varkens mest, maar zij leven in hele ongewone niet-dier- vriendelijke omstandigheden en zij worden eenzijdig gevoed.
En niet om een normaal gezond verteringssysteem op gang te zetten, maar om het snel vetmesten van het varken teweeg te brengen. Dat houdt in dat alle organen op dit moment zo benaderd worden dat de organen zelf verstoppen. Dus als ik orgaantechnisch, als je dat zo mag noemen, naar het varken kijk, zoals het nu functioneert binnen een varkensmesterij, dan is het eerste dat mij opvalt, dat alle organen uitbollen.
De organen hebben te veel spankracht, zij worden van binnenuit buitenwaarts gedrukt. Dat geeft in het dier ook emotioneel een onvrij gevoel. Door die enorme spanning in lever, milt en nieren verloopt het gehele verteringsmechanisme een beetje plompverloren. De mest van de in het wild lopende varkens is een natuurlijk meer glijdende substantie dan de "plompverloren" ontlasting van de varkens uit een varkensmesterij. Het is dranggevoelig; het heeft te maken met oponthoud en ongecontroleerd vrij laten. Het voelt in het varken zelf aan alsof alle organen aan diarree en obstipatie tegelijk lijden. Dat kan natuurlijk niet, maar symbolisch gesproken voelt het zo aan. Het maakt ook dat de hele huidgevoeligheid van het dier zelf heel naarlastig beleefd wordt. Je moet je dat voorstellen dat alsof er aan de binnenkant van je huid steeds een drang staat, net alsof je hele lijf stuwt en de organen liggen er gestuwd in."
Vrager: "Dus ze hoeven niets anders te doen dan te eten en wij denken dat goed is?"
Marieke: "Er is zoveel overspanning gaande en dit heeft hele grote consequenties. Als een varken niet natuurlijk kan wroeten, niet natuurlijk kan eten van een hoogte zoals hij het zelf verkiest, niet in eigen tempo kan verteren en als een rolmopsje volgepropt wordt en het hele vegetatieve stelsel daardoor aangetast wordt dan kan hij nooit gezonde mest afgeven.
Als je niet ergens bij die bodemgesteldheid begint en het varken geen gezonde voedselproduktie aanbiedt om gezonde mest af te voeren en vervolgens die mest te gebruiken voor de teelt van snelgroeiende planten met een brede wortelgesteldheid met een vrij ijle structuur en een lange steel, dan krijg je geen balans. Als je hun mest gebruikt voor heel andere planten dan schikt dat gewoon niet."
Vrager: "Bij die snel groeiende hoge planten dacht ik nog aan graan."
Marieke: "Dat behoort tot de mogelijkheden, ja."
Vrager: "Als je nou een bedrijf als organisme ziet, met koeien, kippen, varkens en misschien paarden en akkerbouw en tuinbouw, welke plaats hebben de varkens daar dan in?"
Marieke: "Ik ga eens kijken. Wat de verschillende soorten mest betreft dan zie ik dat koeiemest veel ruiger van substantie is en ook veel afdekkender is als je daar mee werkt. Verder is het alsof koeiemest niet zo lang werkt. Ja, ik ben echt een leek, dus jullie fluiten mij maar terug, maar dit zijn de beelden die ik zie. Terwijl varkensmest een langduriger doorwerking heeft dan koeiemest maar niet zo diep de bodem pakt. Als ik dan naar kippenmest kijk dan is die behoorlijk scherp en ruikt die vermoedelijk ook scherp. Kippenmest maakt de gewassen direct ontzettend schraal. Het lijkt een soort uitbijtende, niet erg voedende substantie. Dus waar kan je kippenmest wel voor inzetten? Wellicht onkruid te verdelgen! Waar wordt kippenmest nu voor gebruikt?"
Vrager: "Even een stoot "groeikick". Het is heel scherp, maar het is heel makkelijk oplosbaar. Het ligt het dichtst bij kunstmest."
Marieke: " Dat werkt? Het lijkt alsof kippenmest een soort werking heeft zoals azijn. Azijn heeft ook een heel verhelderend aspect in zichzelf. Door op zoveel liter water een scheutje appelazijn te doen wordt een halfedel-steen bijvoorbeeld weer heel fris en helder van uitstraling."
Vrager: "U zegt ook dat die mestkwaliteit dus erg afhangt van die voerkwaliteit en de voerhoeveelheid, als ik het goed begrijp."
Marieke: "Ik ben helemaal niet bekend met varkensvoer, dus ik weet er echt niets van, ik kijk alleen maar met innerlijke beelden, maar wat ik zie is dat een varken voer nodig heeft met oneffenheden daarin; een stukje tak of vezel van blad, of bijna rauwe dingen, als het maar niet helemaal glad is. De hapklare brokken, zoals ze dat nu krijgen, hebben niet de normale prikkelende gesteldheid van oneffenheid van vezelrijk voedsel die door de slokdarm heen dient te gaan en die dan ook de maag op een speciale wijze prikkelt zodat er een heel andere reflexvorming in de maag plaatsvindt."
Vrager: "Meer structuurrijk voer?"
Marieke: "Dat zou zeker helpend zijn en dat laxeert ook. En dan zou je ook nog heel erg moeten kijken welke structuren, want wat ik zie is dat een varken een natuurlijk aanvoelingsvermogen heeft voor wat laxeert en wat niet. Het varken zal niet snel planten nemen met een overactiviteit in laxeervermogen. Dat komt vrij nauw. Intuïtief weten zij wat zij kunnen eten en wat zij niet kunnen eten. Een paard kan heel wat vezelstructuren aan, maar het varken niet. Het komt heel nauw met welke vezels je dan gaat werken. Dus dat vraagt eigenlijk nog wat onderzoek en ik wil daar best bij helpen door één voor één in te voelen en te zeggen "dit wel en dat laten".
Vrager: "Maar u kunt ook de varkens zelf gebruiken om te selecteren. Dat zij het zelf selecteren omdat zij het zelf redelijk goed weten."
Marieke: "Ja, zij voelen het goed. Maar de moeilijkheid is dat je dan met gezonde varkens moet werken om het te testen. Want het normale mestvarken haalt dat er niet meer uit. Dus je moet dan echte B.D.-varkens hebben die nog die natuurlijke alertheid hebben omdat zij vrij rondgelopen hebben en geen voorgemaakt voedsel gekregen hebben. Anders is die sensitiviteit niet meer alert."
2.3 Hoe het ook kan
Vrager:"Bij Biddinghuizen zit een boer die een heleboel dingen met zijn varkens doet die jij nu zegt ."
Marieke: "Ja, ik ga al innerlijk naar hem en zijn onderzoek kijken. Het leuke is dat ik zie dat daar een heel opgewekte stemming is in dat bedrijf, op alle niveaus. Het is heel luchtig, plezierig en gelijkmatig en men geniet gewoon nog. Ik ga ook kijken bij het onderzoek... Het is ook bijna alsof hij handmatig het varken iets aanbiedt. Ik zie gewoon die beweging die naar een snuit gaat. Ook met vezel strukturen in de hand en ik zou bijna zeggen dat het varken ook terug knipoogt. Er is echt contact in uitwisseling. Ik denk dat deze man zeer helpend zou kunnen zijn, want hij verstaat het varken haast op een natuurlijke manier, net een soort maatjes. Zoals wij vriendschappen hier kunnen hebben, zo beweegt hij zich tussen de varkens. Ik denk dat hij zeer persoonlijk contact met ze onderhoudt. En het is net alsof ik iets speciaals zie, er iets met zijn waterafvoersysteem of afvoersystemen rondom water. Hij doet het heel leuk, een heel plezierige stemming."
Vrager: "Hij laat de varkens ook aardappels rooien of narooien. Dat is daar een groot varkensfeest. Het is dus echt vreselijk leuk."
Marieke: "Moet je nagaan ik heb de laatste weken dus al die beelden gehad van varkensmesterijen en dan krampte mijn hart. Als ik hier naar kijk dan springt mijn hart op.
Het hele wonderlijke is dat als varkens meer bewegingsruimte hebben dan gaan ze ook meer cirkelmatig lopen. Dat is een beeld wat ik er bij krijg en dan doen ze iets met hun hoeven en de grond waardoor de grond daarna heel eenvoudig bewerkbaar is, met name voor waterdoorlating. Zij hebben iets in dat hoevengestel en de manier waarop zij die neerzetten. Op grond die onvoldoende waterrijpheid heeft, die niet de opname-capaciteit heeft om water op te nemen en langer te conserveren, kan je andere gewassen kweken nadat je daar een tijdlang varkens op hebt gehad. Bepaalde grond is niet zo water absorberend, maar varkens hebben zoveel inzet om grond water-absorberend te laten worden. Ze doen er iets mee, met hun hakken, met hun ontlasting en ze blijven in beweging tot die aarde lekker sappig wordt. Dus je kan je voorstellen dat bepaalde grondlagen die, qua water opnamevermogen, net niet zijn wat ze moeten zijn, dat als daar varkens een tijd op bewogen hebben dat die grond daardoor een andere constitutie heeft gekregen. Ik weet niet of je er wat aan hebt?"
2.4 Varkensmest op zandgrond, klei of gras?
Vrager: "Ik denk dat je het hebt over bepaalde zandgronden. Laatst sprak ik met een boer die alleen nog varkensmest van een varkensboer gebruikte. Hij zei dat dat niet zoveel zoden aan de dijk zette op die schrale zandgrond. Dat heeft er waarschijnlijk mee te maken dat de mest die de varkens produceren niet de goede mest meer is?"
Marieke: "Ja, maar je kan ook zeggen doordat de varkens er niet zelf op lopen. Als de varkens de mest produceren op het land zelf en met hun eigen hoeven erin brengen dan gebeurt er iets, zie ik. Dat is een heel ander iets dan dat je mest op de aarde legt."
Vrager: "En met hun neus, met hun gevoel. Dat is natuurlijk niet alleen met hun hoeven.
Maar hoe zie je dat bij klei? Besmeert dat niet enorm, varkenshoefjes en klei?
Marieke: "Als je op klei een varken neerzet of dat niet erg besmeert? Ja, dat besmeert."
Vrager: "Dan kan je met plantjes niet zo heel veel meer. Maar waar ik met name aan zit te denken is dat je zoveel mogelijk het jaar rond, de bodem bedekt wilt hebben. Maar er is nogal wat huivering om dierlijke mest bijvoorbeeld in het najaar te geven. Alhoewel ik mij afvraag of je dat bij een beter functionerende bodem en bij een goede mest best wel zou kunnen doen. Je zegt verder dat die bodembedekking ontzettend belangrijk is, als systeem in het algemeen. Maar je zou je kunnen voorstellen dat, eens in de zes jaar varkens over een bodem, en een keer een winter of een herfst de bodem niet bedekken maar doorwerken, al iets heel anders is. Het is natuurlijk een vraag van afstemmen, van wat die varkens nu te brengen hebben en dat invoegen in een eigenlijk groot produktiesysteem. Of rotatie; eens in de 5 à 6 jaar laat je de varkens daar en dan heb je steeds 1/6 van de oppervlakte beschikbaar voor varkens."
Marieke: " Het hele gekke is dat ik steeds een soort rond terrein zie. Blijkbaar vinden varkens een rond terrein prettig en dat zie ik in vier kwarten ingedeeld worden en dan moet ik innerlijk gaan kijken wat dit mogelijkerwijs kan betekenen. Ik zie hier een cirkel in vier kwarten verdeeld en ik zie dat je de nestplek ergens in het midden moet centreren. Daar maak je een soort omheining waar zij beschutting vinden en dat is dan de centrale plek. Dan hebben zij zelf wel voldoende flexibiliteit om die parten steeds als eigen terrein te kenmerken, omdat de nestplek in het midden ligt. Dan heb je met de mest, die zij dan op zo'n kwart van zo'n terrein neerleggen, misschien een kwart van een jaar ook nodig ter mixing van een grond en dan gaat het erom dat je met je zaaigoed een opbouw weet te bewerkstelligen dat juist op de goede momenten met elkaar harmonieert."
Vrager: "Maar dan nog die varkens op de klei?"
Marieke: " Varkens op de klei is iets minder geschikt als je dat ook als landbouwgrond wilt exploreren, dan ben je beter af met grondsoorten die wel waterigheid opnemen, maar geen totale verzadiging daarin kennen."
Vrager: "Ja, dat komt heel precies als je daar ook landbouw wilt houden. Als je ook varkens op dat terrein wilt houden kom je meer op een permanent systeem waar je dus geen akkerbouw bij kunt hebben ".
Marieke: "Ja, dat is heel moeilijk."
Vrager: " Kan het wel met gras?"
Marieke: "De combinatie varkens en gras zou kunnen als je een graslandschap hebt waarin je steeds kleine onbegrasde zones in de grond maakt. Als de grasmat te stevig van aard is en daar valt mest op dan heeft de grasmat toch een soort beschermende werking naar de onderlaag en dan is er te weinig doordringing mogelijk. Dus een grasmat mag niet een behoorlijke stevige compactheid hebben of een te dikke laag van waaruit het gras groeit want dan is dat een afschermend mechanisme. Als ik naar het varken kijk, die vindt het gras een beetje onzin, daar draait het bij hen niet om."
2.5 Wat kan een varken in een geïntegreerd bedrijf betekenen?
Vrager: "Als wij ons nou een geïntegreerd bedrijf voorstellen met meerdere dieren en meerdere gewassen, wat voor andere taken of functies, anders dan voor de bodem, ziet u dan nog voor het varken weggelegd?"
Marieke: "Ik krijg een beeld, maar ik ben daar wat huiverig in omdat ik het niet helemaal goed kan traceren. Ik zal het wel benoemen, maar ik durf daar geen zekerheidswaarde aan te geven. Wat ik zie, het kan ook iets zijn wat in het verre verleden met het varken al wel gebeurd is, is dat je een varken aanlijnt aan bijvoorbeeld een hoge paal met, horizontaal, een soort wieken van hout. Dan kunnen de varkens aan het eind daarvan in de rondte lopen en het mechanisme draaiende houden. Dan is het maar net wat je moet uitvoeren met zo iets, maar varkens zien er op de een of andere manier niet echt tegenop om in de rondte te lopen. Ja, ik moet zeggen ik vind het niet zo'n aantrekkelijk systeem als ik dus zo'n beeld zie.
Vrager: "Het is misschien een metafoor voor dat ze aandrijvingen kunnen zijn."
Marieke: "Het zou een aandrijving kunnen zijn voor iets, maar het heeft met cirkelwerking te maken. Ik ga gewoon wat langer kijken.
Varkens vinden het genoeglijk om achterelkander aan te scharrelen. Er zit ook iets van groepszin in en zij hebben ook een bepaalde vorm van concurrentie-ijver in lieftallig elkander bewroeten en daar de beste in te zijn. Dus als je ze in een bepaalde volgorde, die hiërarchisch door de groep zelf al bepaald is, cirkelvormig laat lopen voor een bepaalde tijdsduur die weer niet nadelig voor het varken zelf is, dan vindt daar toch een hele spontane uitwisseling gaande op het emotionele vlak in het elkaar zo bewroetend achterna lopen. Nou, welk doel kan dat hebben voor de boer?
Dan zou je haast in oude systemen moeten kijken hoe men vroeger in de rondte iets deed."
Vrager: "Malen hè, pompen, karnen."
Marieke: "Het zal mij ook niet verbazen dat zij bepaalde hegbegroeiingen, die ze lekker vinden om aan te zitten, op een natuurlijke manier kortwieken zodat dat geen onderhoud meer vraagt."
Vrager: "Wat voor soort, kan je daar ook wat meer specifiek in zijn?"
Marieke: "Dat vind ik moeilijk, ik zie iets groenigs, maar wat het precies is durf ik niet te zeggen, daarvoor zijn de beelden niet scherp genoeg."
Vrager: "Dan zou je de namen moeten noemen van die soort waar je aan denkt."
Marieke: "Misschien dat zo'n man die jij kent daar ook al wel bij behulpzaam kan zijn.
Maar ik vermoed dat als je terug gaat in de oude landbouw-methodes, dat nog zichtbaar moet zijn wat voor soort heggen zij vroeger om varkenslanderijen hadden."
Vrager: "Bestonden er voor varkens ronddraaiende mechanismen in die oude systemen? Wat de heggen betreft is er misschien wel iets van op te speuren, iets van beukenhaagjes?"
2.6 Afname herseninhoud van huisdieren gedurende domesticatie
Vrager: "Het is ook bekend dat de herseninhoud van huisdieren sterk afneemt gedurende domesticatie, kunt u daar iets over zeggen?"
M: "Dat had ik nog niet gehoord, maar ik wil er graag naar kijken. Dus wat jij eigenlijk zegt is dat het hersengedeelte van het varken aan het verkleinen is?"
Vrager: "Überhaupt, ook al misbruik je ze niet, inderdaad. Zij leven binnen een sterk verschraalde omgeving, ze hoeven alleen maar te vreten en dat zet waarschijnlijk zo wie zo minder hersenactiviteit aan die nodig is om te overleven."
Marieke: "Vanwege het hele afstompingsmechanisme! Het is in ieder geval zeer juist dat de hersenformatie aan verandering onderhevig is waardoor de fijnsensorische activiteit in de hersenen veel minder uitdijing in reflexen krijgt dan dat het voorheen kende.
Inkrimping in het hersengebied is daar een natuurlijk gevolg van. Ik zie innerlijk dat het een algemeen natuurbegrip is. Je kan je voorstellen dat een mens gevangen gezet wordt in een inrichting en de rest van zijn leven in een isoleercel verblijft. Als die persoon geestelijk niet voldoende krachtig is om paranormale vermogens aan te spreken dan zie je een zelfde slinkmechanisme optreden.
Dus als dieren niet de kracht hebben om binnen een beperking andere fijnsensorische kanalen open te zetten dan is inslinking van het hersengebied daarvan het gevolg. Het is dus wat anders als bij een blinde beter gaat horen en als bij iemand die doof is en beter gaat zien. Daarbij worden op een ander niveau prikkelingen ingezet waardoor die hersencapaciteit wel eenzijdig lijkt, maar anderzijds zich verdiept in waarnemingssystemen. Bij het varken is het zo dat de inslinkcapaciteit van de hersens te maken heeft met een te kort aan prikkeling. Daarnaast is de prikkeling die men wel ervaart zo dodend in activiteit dat ook de fijnsensorische prikkeling afneemt. Een dier, zoals dit varken, krijgt in een varkensmesterij niet dat aangeboden om die fijnzintuiglijke gave te ontwikkelen.
Vrager: "Als je dan in oogmerking neemt dat er op een heel andere manier tegen de varkenspest aangekeken wordt in onze samenleving en dat er een oplossing uit voortkomt die eigenlijk niet ter zake doende is, dat betekent dat dus dat dit proces verder gaat op de een of andere manier. Het varken zal zich steeds meer verzetten tegen de manier waarop het ge- c.q. misbruikt wordt."
Marieke: "Ja, en ik denk dat het niet bij dit diersoort blijft. Dat is al gaande in mijn beleving.
Het is zo dat als één dier pijn heeft dan zendt het een fijnstoffelijk signaal uit dat door de diersoort wordt opgenomen. Van één dier is dat nog niet zo'n punt, maar als een collectief veld met dieren pijn lijdt dan is dat groepsbewustzijn bezwangerd met pijnprikkels en thema's als onverzettelijkheid etcetera zijn daarin actief. Dat wordt opgevangen door andere diersoorten en dat geeft een heel onveilig gevoel. Maar dat houdt ook in dat de normale ether hier in Nederland bezwangerd is van die pijnprikkels."
Vrager: "Die wij zelf ook opvangen?"
Marieke: "Die wij ook opvangen, maar waar wij niet allemaal gevoelig genoeg voor zijn om dat te kunnen registreren. Baby's en kinderen, stervenden en mensen die paranormaal begaafd zijn, zijn daar gevoelig voor. Maar daarover heb ik eerder al iets gezegd."
Vrager: "Doet dat ook iets constructiefs in ons zelf, zodat wij ons daar misschien kritischer tegenover stellen of hoe moet ik me dat voorstellen?"
Marieke: "Ik zou zeggen dat de grote massa nu niet uit is op kritisch-open-zijn. Wij zijn te gemakzuchtig en ik zou bijna zeggen: " St. Nicolaas komt iedere dag bij ons langs". Wij vinden het doodnormaal om iedere dag vlees te eten en wij staan er niet bij stil dat wij vlees eten van dieren die pijn hebben gehad. Want wij maken ons zelf wijs dat als het daar bij de "súpermarkt" ligt dat het alleen maar een mooi plakje vlees is."
2.7 Wat kan er gedaan worden? Hoe hard hebben wij het varken nodig?
Vrager: "Wat zouden wij vooral kunnen doen in de ecologische landbouw?"
Marieke: Wat ik op dit moment eigenlijk vooral zie is dat het collectief bewustzijn aangescherpt moet worden. Ik probeer dat te doen via mijn lezingen en jullie kunnen dat via jullie werk doen. Prioriteit nummer één is het collectief bewustzijn wakker maken. Zolang men geen inzicht heeft in wat de ether met ons doet, is men heel vervlakt met dit soort zaken bezig.
Wij weten dat als wij op een bepaalde frequentie afstemmen dat wij geluid uit de radio of uit de t.v. krijgen. Maar dat als dieren in nood zijn en pijn lijden en hoogfrequente signalen uitzenden, dat verstaan wij niet. Zolang er één gezond levend varken is zullen andere varkens ergens in hun innerlijk systeem weten wat gezondheid is. Als er geen B.D.-varkensfokkerijen meer zijn en er zijn geen natuurlijk levende varkens meer, dan sterft het natuurlijke besef, te weten wat nog gezondheid is, uit omdat zij geen referentiekader meer hebben."
Vrager: "Wat is de invloed van de bio-industrie naar de ecologische landbouw toe? Zoals je zegt zenden die dieren wat uit en de gezonde varkens vangen dat dus zeer zeker op. Kunnen ze daar wat mee en wat doet dat bij hun?
Ecologische landbouwers zijn meestal wel redelijk vriendelijk tegen hun dieren en gaan met respect met ze om. Maar is dat voldoende? Worden die dieren op een gegeven moment ook gewoon ziek van alle zieke dingen die in de ether zitten?"
Marieke: " Je vraag is dus, in hoeverre kunnen de gezonde landbouw en de gezonde veeboeren hun dieren en het land nog gezond houden in relatie tot het collectief bewustzijn van mens en varken? Want dat kan je toch eigenlijk niet van elkaar scheiden?
Ik bedoel als de mens positief over het varken voelt en denkt, dat het bewustzijn van het varken zich dan ook positiever kan ontwikkelen. Het antwoord is:"heel moeizaam."
Dat is hetzelfde voor mensen die heel fijnzintuiglijk aangelegd zijn, zij botsen voortdurend tegen het collectieve veld op en heel veel mensen die heel fijnzintuiglijk aangelegd zijn raken in psychiatrische inrichtingen verzeild of hebben allerlei vermoeidheidsklachten of hebben sneller orgaanziekten. Hun hele energiefrequentie ligt veel hoger dan het algemeen gemiddelde en botst daardoor tegen een grovere energiestructuur op."
Vrager: "In de domesticatie zijn de varkens uit de wildernis bij de mensen gekomen. Maar er zijn altijd mensen die zeggen dat de varkens eigenlijk weer terug zouden moeten, de natuur in. Daarnaast zijn er mensen die zeggen dat dat niet moet omdat wij, als mensen ook iets samen met de varkens hebben. Wat is onze toekomst nu eigenlijk? Wat wil het varken met de mensen?"
Marieke: "Ik zal gaan kijken waarin een evenwicht gevonden zou kunnen worden. Daar zijn wij op dit moment heel ver van af. Jullie zouden voorbeeldfuncties kunnen scheppen. Dat is, denk ik, de taak die jullie hier hebben. Als ik dan kijk wat natuurlijk levende varkens zouden kunnen betekenen voor de natuurlijke landbouw dan is hun mest een toevoeging voor het landbouwbedrijf en niet zo als wij er nu naar kijken een belasting. Zij kunnen behulpzaam zijn, door hun hoefgesteldheid bij de voorbereiding van de grond, bij snelgroeiende planten. Dan hebben zij, vooral in het verleden, ook een duidelijke betekenis gehad voor mensen die met koude, barre wintermaanden te maken kregen omdat het vlees van het varken, door de vetwaarde, dagen geschikt is voor overleving. Zoals wij nu leven hebben wij niet echt varkensvlees nodig. In principe hebben wij überhaupt weinig vlees nodig. Als ik puur kijk naar hoe hard wij varkens nodig hebben dan zie ik dat het maar gaat om een hele kleine groep varkens en dan meer voor de bodemgesteldheid en voor de mest. En dan houdt het op."
Vrager: "Het is wel zo dat in bepaalde delen van de wereld men traditioneel al sinds tienduizend jaar veel varkens eet. Uit de grijze oudheid is bekend dat men in deze contreien voor een belangrijk deel van varkens leefde. Heeft dat ook een bepaalde betekenis?"
Marieke: "Voor de koude en ook als voorbemester. Ook werden ze in de winter vaak binnen gehouden voor de warmte. Ik zal er wat dieper naar kijken. Het wonderlijke is dat ik varkens in die tijd dieper zie wroeten dan nu. Nu is het gewroet veel gelijkmatiger. Dan zie ik ze echt kuilen scheppen en ook, in al die glibberigheid, een soort aalachtige wormpjes naar boven halen. Volgens mij werden die toen soms ook gegeten door mensen. En op een of andere manier was het varken in die tijd ook heel erg geliefd voor het vlees, dat droop van het vet. Met dat vet deed men ook heel andere dingen dan eten. Ik denk ook leerbewerken enz."
Vrager: " Over welke tijd heeft u het nu ongeveer? Middeleeuwen of nog langer geleden?" Marieke: "Ook daarvoor."
Vrager:"Zou u kunnen zeggen over wanneer en waar ongeveer het varken gedomesticeerd is? Wanneer is het ingelijfd in de menselijke landbouw?"
Marieke: "Ik kan dat getalsmatig niet zeggen. Ik heb zelf de indruk, maar daar mag je mij niet op pinnen, maar puur intuïtief welt omhoog dat het 1200 jaar voor onze jaartelling was."
Vrager: "En dat wordt dan restverwerker genoemd? Elk gezin had vroeger wel een varken om daar de restjes en de schillen aan te voeren."
Marieke: "Dat was een gunstige uitwisseling. Want het varken werd daar dikker en vetter van en ook logger in zijn bewegingen. Een log varken dat over de grond loopt doet meer.
Het laat ook meer mest achter en bewerkt de grond ook steviger. Dus dat was een heel natuurlijk iets."
Vrager: "Maar zou dat ook nu nog een functie kunnen hebben?"
Marieke: "Ja zeker, het zou nog steeds een gunstige functie zijn. Het enige is dat wij niet meer zo'n koud klimaat lijken te hebben als vroeger en dat wij onszelf bij koude beter van warmte kunnen voorzien. Dus wij hebben het vlees wat minder hard nodig. Maar dan zou je nog kunnen overwegen om het vlees uit te voeren naar landen waar veel kou is."
2.8 Varkens en bossen?
Vrager: "Vroeger vraten de varkens ook eikels, in de bossen. Dat geeft natuurlijk ook een heel andere fysieke kwaliteit en misschien ook een andere spirituele kwaliteit?"
Marieke: "Ja, dat is ook zo. En dat is ook wat ik straks zei dat de ontlasting van het varken toen heel anders was dan nu."
Vrager: "Maar als je nu bijvoorbeeld schoon GFT-afval hebt en een varken kan gewoon scharrelen en zelf uitkiezen wat het eet?"
Marieke: "Het fruit is minder geschikt voor het varken. Dat heeft een laxerende werking.
Maar je bedoelt als jij het gemixt aanbiedt? Als het vanaf de aanvang heeft mogen scharrelen dan heeft het nog een instinctief vermogen om zelf voedsel uit te kiezen, daarna zie ik het somber in."
Vrager: " Er is een bedrijf in Frankrijk met varkens en bos. Als wij daar nou met eikels beginnen, zouden daar varkens kunnen leven? Zo ja, hoeveel? Dat bos is deels een redelijk open bos, een stuk of 3 hectare."
Marieke: "Ik heb zeker het gevoel dat dat kan en ik denk dat als je begint met twintig of vijfentwintig varkens dat dat het maximum is op dit moment."
Vrager: "Wat zal het de vegetatie doen?"
Marieke: "Veel, want het zijn wel rouwdouwers op zijn tijd. Dus dan moet je wel in overleg handelen of men dat wil. Maar voor het varken zelf....."
Vrager: "In Denemarken is zo'n soort bedrijf en daar hebben zij ook een tijd varkens in het bos gelaten. Daar ging de jonge aanplant toch te sterk achteruit, dus daar zijn zij van teruggekomen. Het geeft ook erosie. Sommige varkens bleken ook krengen en die gingen ook echt wraak nemen als ze boos over iets waren. De hele tijd zijn ze dan op de hellingen omdat men weigert te denken aan definitieve systemen. Dat is heel wat anders dan dat je ze eens een paar maanden wat op die hellingen laat klooien. Wat de eikels betreft die zijn er niet het hele jaar. Dus als je ze alleen in de eikelperiode op die hellingen eikels laat halen dan kunnen ze die hellingen niet echt stuk maken."
Marieke: "Ik voel dat het rouwdouwers zijn. Zij nemen het er dan van en kunnen dan snel vanuit genoeglijkheid meer terreinen innemen."
Vrager: "Maar zou je kunnen zeggen dat je de varkens vooral in de herfst in het bos kan laten?"
Marieke: "Ja, dat zou heel gunstig zijn. En in het voorjaar ook. Omdat hun hoefgesteldheid dan weer bevorderd wordt door alle vernieuwinkjes die in de grond gaande zijn en zij dat weer voelen. De hoeven hebben veel structuurafwisseling nodig en zijn bijzonder gebaat bij wisselende gesteldheden."
Vrager: "Hoe is dat eigenlijk voor de varkens? Want ik kan mij voorstellen dat je als varken ergens een tijdje geweest bent en dat is plat gelopen en dan word je in zo'n bos gezet. Ik kan me voorstellen dat je daar niet meer uit wilt. Hoe krijg je ze er dan in Godsnaam weer uit?"
Marieke: "Dat snap ik ook erg goed, dat je daar geen zin in hebt. Ja, hoe doe je dat. Hoe sluit je ze in?"
Vrager: "Ze ontsnappen ook altijd, daar zijn ze ook berucht om."
Marieke: "Dat snap ik helemaal. Dan moet je ze echt zó omheinen en wegvoeren."
Vrager: "Er zijn van die elektrische omheininkjes. Maar ook daarin drukken zij elkaar in een hoek. En op een gegeven ogenblik weten ze daar toch doorheen te komen of de andere dwingen er eentje om er doorheen te komen. Zij ontsnappen altijd!"
HOOFDSTUK 3: HET ( COLLECTIEVE ) BEWUSTZIJN VAN HET VARKEN
3.1 BSE, Varkenspest en AIDS
Vrager: "Is er verband tussen de verschillende ziekten BSE, de varkenspest en aids?"
Marieke: "Tussen de vormen van de ziekten zitten onoverbrugbare verschillen maar de gesteldheid waaruit de ziekte zich individueel ontwikkelt komt voort uit een wankelmoedig gemoed, gebaseerd op een tekort aan wezenlijke natuurlijke zelfbevestiging, gedurende eeuwen vorm gegeven. Dus het heeft een hele langdurige psychologische aanloop wat leidt naar ziektes gebaseerd op degeneratie. Onder dat hoofdstuk kan je ze samenvatten.
Periodieke cycli van dieren-onderwerping kan leiden tot een collectieve geestuitbreking. Hieronder wordt verstaan dat het leed de enkeling doet overstijgen. Dat geschiedt wanneer het collectieve veld bezwangerd wordt door ontoelaatbaar gedrag, het diersoort werkelijk in essentie aantastend. Vanuit eigenwaan misbruiken wij het diersoort en willen dat het nederig voldoet aan onze eisen. De varkensziekte is een ziekte die, collectief eigenlijk, in de geest van het dier opgeroepen wordt, door de psychische en lichamelijke pijnoverbelasting, waardoor het diersoort, collectief, zichzelf onaantrekkelijker wenst te maken, afstotende reacties of verschijnselen wenst op te roepen in de hoop, en daar schuilt uiteindelijk ook de hele teleurstelling van het diersoort in, met rust gelaten te worden. Het collectieve pijnbewustzijn van deze dieren tast zo het collectieve auraveld aan. De ziekte is een soort collectieve waarschuwing vanuit het dierenrijk. Wat hier ook duidelijk wordt is dat het onooglijk ervaren worden van deze dieren door ons, een gevolg is van onze eigen houding naar hen toe.
Het punt is dat het dier op een geestelijk collectief niveau, opzettelijk verstoring bewerkstelligt, voorbij het individu, zodat de buitenwereld daar niet ongemerkt aan kan voorbij gaan. Het gaat niet om het individuele varken meer.
Het collectieve veld is eigenlijk bezwangerd met onvrede en met de te grote emotionele pijn van het ras "varken" en dat leidt er toe dat ziektekiemen enkelingen of individuen onder de varkens kunnen aantasten."
Vrager: "Leidt dat er dan bij ons toe dat wij collectief veel meer varkens afmaken dan die
letterlijk ziek zijn. Dat loopt in de miljoenen op dit moment. Welke boodschap zit daar achter?"
Marieke: "Net als met oorlogen. Men hoopt middels een schrikbewind te voeren dat men collectief kan overheersen. Het is nog steeds dwangmatig voortkomend uit de behoefte aan onderwerping. Begaandheid in gedrag te tonen naar het individuele varkensleed toe is een veel bewogener en doeltreffender middel om varkenspest te voorkomen. Dus zieke dieren isoleren en goed verzorgen zou energetisch in het collectief veld van het varken opgenomen worden als waardering hebben voor de pijn die zij lijden."
3.2 Het collectief bewustzijn van het varken
Vrager: "Kan je iets zeggen over het collectief bewustzijn van het varken?"
Marieke: "Ik zie dat vooral als een soort groepsgeest waarin het individu van het dier samenkomt. Wanneer één dier pijn heeft en de rest van de dieren is redelijk gezond, dan kerft die pijnreactie van dat ene dier niet zo diep in de groepsgeest in, maar als er heel veel dieren lijden dan wordt de groepsgeest haast bezwangerd door lijden en onwel¬willendheid. De offerbereidheid vervalt dan ook totaal.
Zo'n groepsgeest heeft dan veel meer kracht naar het collectieve veld, de collectieve ether die om de aarde hangt en die veel verder reikt dan het collectieve veld van het varken. Het seint ook uit naar andere diersoorten. Het seint uit naar de algemene ether waar wij in leven.
Als er collectief leed gaande is, of dat nu in mensen of in dieren is, het is leed en het heeft een energetische uitwerking in het actieve geheugen van het etherveld dat om de aarde hangt. Dus wanneer er in het dierenrijk zo collectief geleden wordt geeft dat een energetische verzwaring voor alles wat in dat etherveld leeft. M.n. voor die leefvormen die zich etherisch al meer open gedragen. Bij mensen geldt dit met name voor jonge kinderen, langdurig zieken en stervenden en ook voor mensen met weinig psychische en zintuiglijke weerbaarheid. Hun auraveld is menigmaal al ijler en daarmee meer doorlaatbaar voor invloeden van buitenaf. Hun emotionele evenwicht raakt hierdoor versneld verstoord."
Vrager: " Het is dus belangrijk dat het leed zo minimaal mogelijk wordt gehouden?"
Marieke: "Dat is juist. Voor mens èn dier! Een bekend voorbeeld van zo'n energetische uitwerking is bijvoorbeeld het feit dat veel dieren en m.n. varkens moeite hebben bij de drempel van het abattoir. De oorzaak hiervan is het collectieve auraveld dat bij het abattoir bezwangerd is van leed. Dit is voelbaar voor het dier en zijn doodsangst kan daardoor vergroten. Bij de onnatuurlijk geslachte dieren is deze angst groter want zij kennen niet de natuurlijke gelatenheid van de dieren met de natuurlijke offeringsgesteldheid. Van belang hierbij is te weten dat deze angst energetisch beklijft aan het vlees dat wij op onze beurt weer eten. De angst kerft zich, vereenvoudigd geschetst, eerst in het persoonlijk auraveld van het dier en bij ernstig leed in het collectief auraveld van het diersoort. Bij collectief leed van het diersoort wordt het direct in het grote etherveld om de aarde geëtst.
Een ander voorbeeld is: Er lopen al tientallen jaren ontzettend veel mensen rond in de Kalverstraat in Amsterdam. Als dat nu zou veranderen in weiland dan zullen hele sensitieve mensen over dertig jaar nog voelen hoe druk het daar toen was. Datzelfde gebeurt op plaatsen waar zwaar oorlogsgeweld heeft geheerst en veel diep leed is geweest. Dat etherveld is dan nog een tijd bezwangerd van dat leed, ook al zijn de mensen ter plekke al lang overleden. Fijnbegaafde kinderen , bijvoorbeeld, kunnen soms, als ze op zo'n plek komen, automatisch nog die beelden oppakken. Zo'n groot veld van leed van zoveel dieren, net zoveel als er mensen zijn of meer, die iedere dag lijden doet wat met òns. Daar kan je niet aan voorbij, alleen wij kunnen het niet traceren.
Wij ervaren het meer als een algemeen niet-gedifferentieerd onlustgevoel. Als een groot collectief veld dieren eigenlijk lichamelijk al langdurig niet in orde is en als er nergens op de wereld meer een referentiekader is van gezond levende dieren, dan wordt ook het verlangen naar gezond gedrag van zo'n collectief veld van dieren verminderd. Die kleine groep dieren die gezond leeft houdt het bewustzijn in niet-gezond levende dieren wakker en daarmee het verlangen om gezond te worden. Dat is aan de ene kant een heel pijnlijk verlangen, maar als je het verlangen nergens meer op kan afstemmen dan is het helemaal zo'n trechter waar alle energie in verdwijnt."
3.3 De natuurlijke offeringsbereidheid van het varken
Vrager: "Wil de varkensgeest uiteindelijk dat er geen varkensvlees meer gegeten wordt?"
Marieke: "Dat is te zwart-wit gezegd. De varkens hebben in hun structuur een bepaalde mate van offering in dienstbaarheid naar de mensheid toe.
Maar wij zijn ver voorbij de natuurlijke offeringsgesteldheid van dit dier gegaan. Vèr, vèr, vèr er voorbij! Dat houdt ook in, wil je de varkensgeest weer herstellen naar een natuurlijke offeringsvaardigheid, dat daar wellicht ook weer eeuwen mee gemoeid is. Net zoals dat het eeuwen geduurd heeft voordat dit zo collectief uitbrak zal er een heel langdurige nasleep gaande zijn, vanwege inetsingen in het aura-veld van alle nieuw geborenen."
Vrager: "Vroeger zei men dat varkens een zeker mate van manipulatie acceptabel achten. Daarbij werd ook een zekere mate van slachterij geaccepteerd, omdat de groep of de soort op een bedrijf dan een welvarend bestaan had. Dus dan was ingecalculeerd dat die groepsziel dat accepteert."
Marieke: "Het gaat over een natuurlijke offeringsbereidheid van het varken. Wat het diersoort daar onder ziet zijn bijvoorbeeld de oudere dieren. Maar ook als er te veel biggen zijn waardoor de moeder ze niet groot kan brengen. En op de geslachtsrijpe leeftijd zie ik dan ook dat de gevechten om het vrouwtje slachtoffers vragen. Evenals moeder-varkens die tijdens de bevalling overlijden. Maar dat is de normale natuurlijke offeringsgesteldheid. Daarnaast is het zo dat diersoorten elkander in balans houden, d.w.z. als er in de natuur er een teveel is van één soort dieren dan is er op een gegeven ogen¬blik een natuurlijke selectie gaande om een balans te creëren tussen grote en kleine dieren. Op de één of andere manier hebben veel diersoorten het psychologisch in zich om zich dan te schikken. Varkens bezitten ook deze natuurlijke offeringsvaardigheid mits er een natuurlijke "over¬dosis" aan varkens zou zijn.
Maar door de onnatuurlijke wijze waarop de varkens nu geboren worden dienen ze zich al collectief te offeren omdat ze in relatie tot andere dieren overmatig aanwezig zijn. Dat geeft een hele gekke in-print in het collectief bewust¬zijn van het varken, namelijk: "we zijn er, maar eigenlijk mogen we er niet zijn." Wan¬neer wij als mens zouden leven zoals dieren leven dan zouden wij in Nederland met te veel mensen zijn en zou dat in ons ook een gevoel moeten oproepen van: "we mogen er eigenlijk niet zijn want we hebben te weinig paarden, te weinig dit en te weinig dat." We hebben als mens een bepaalde emotionele aanleg waardoor wij ons boven dieren kunnen plaatsen. Vandaar uit gebruiken we ook onze rede om te vergoelijken dat wij dieren aan ons onderwerpen. Het dier kent dat beredeneerbare patroon niet. Dieren kennen het afzonderlijke denken en voelen niet, zoals wij dat kennen. Dat houdt in dat een dier niet kan beredeneren of ze wel of niet belangrijker zijn dan een ander diersoort. Dat kan alleen de "verheven" mens doen. Met betrekking tot het varken houdt dit in dat het collectief veld van het varken zich belast voelt met "dat ze er zijn en er niet mogen zijn".
Ik heb veel gewerkt met het kijken naar het verschil tussen denken en voelen in mensen. In de evolutie van de mens, zoals ik er naar kijk, gaan wij uiteindelijk zo functioneren dat denken en voelen meer een eenheid is. Dan is denken niet meer zo'n afzonderlijk gebeu¬ren en voelen ook niet, het loopt meer synchroon. Dan heb je een soort helderwetendheid (zoals je dat ziet bij paranormaal begaafden) die losstaat van logisch denken of van puur alleen maar voelen. Op universiteiten kan je dat testen aan de hersenhelften. De hersenhelften hebben dan dezelfde rustige energiefrequentie en zijn met elkaar in balans."
3.4 De betekenis van het slachten van een half miljoen varkens, jonger dan 3 weken
Vrager: "Wat betekent het dat de komende weken een half miljoen varkens, jonger dan 3 weken, worden geslacht?"
Marieke: "Als ik kijk raak ik helemaal geshockeerd van het beeld dat ik zie. Het geeft zó'n scherpe inetsing energetisch in het collectieve auraveld van het varken dat je echt wel van mismaking kan spreken. Waarom? Omdat varkens in deze leeftijdsklasse nog het meest oorspronkelijk in uitdrukking zijn, voor zover het kan na zoveel gesjoemel. Ze hebben al beschadiging, energetisch en emotioneel opgelopen door de wijze van zwangerschap, die ook niet natuurlijk tot stand gekomen is en waarvan de moeders ook niet in een klimaat geleefd hebben die stoelde op bereidwilligheid van de buitenwereld naar de moeder toe. Deze collectieve moord is een soort holocaust, zoals een collectieve kindermoord bijvoorbeeld inetst op de kinderen die daarna geboren worden."
Vrager : "Wat voor gevolgen heeft dit voor de varkens die nog geboren worden ?"
Marieke: "Onwil om geboren te worden, dus meer misgeboortes en misvormingen. Omdat het energetische incarnatieproces van varkens minder bereidwillig wordt aangegaan. Maar wat ik dan vooral zie is de zwakte in het beenderengestel en het heupgebied en de kortzichtigheid van de ogen die versterkt wordt. Het gehoor van varkens zal zich rafelig uitdrukken. Hieronder wordt verstaan, minder blijmoedig opnemend wat er van buitenaf aan geluidsindrukken naar binnen komt. Het bevordert de schichtigheid, het niet weerbaar kunnen reageren op geluidsoverlast enz."
Vrager: "Hoe zie je dat t.a.v. de fokontwikkeling op de lange duur ?"
Marieke: "De incarnaties van de varkens die nu komen dienen op een energetisch niveau meer geestelijk begaafd te zijn als tegenwicht tegen de desillusie die nu gaande is.
Het worden fijnzintuiglijker gerichte dieren dan voorheen, op een niveau van bereidwilligheid om sneller te herkennen wanneer onderwerping plaatsvindt, maar met een meer lichamelijke beperking. Het is heel paradoxaal, enerzijds is er de lichamelijke verzwakking en anderzijds is er het geestelijke fijngevoeligere weerstandsmechanisme om aantasting te herkennen.
Over de ontwikkeling op zieleniveau kan men dus zeggen dat de aura-uitstraling van de dieren die komen ijler is, dus een minder compact auraveld. Het is als bij mensen die langdurig lichamelijk ziek zijn en waarbij na verloop van tijd het auraveld ijler wordt door de vele processen die gekoppeld zijn aan ziektebeleving. De insufficiëntie van de lichaamsstructuur is hierdoor versterkt. Vanuit de onstoffelijke wereld tracht men, door de geestelijke alertheid toe te laten nemen, een tegenwicht te bieden door deze andere vorm van incarnatie plaats te laten vinden. De materie waaruit het varken zijn lichaam moet vormen, moeders die veel meegemaakt hebben, de collectieve inetsingen in het auraveld wat de genen zal beïnvloeden en hormonale afwijkingen tot gevolg zullen hebben, maakt dat de meer fijngevoelige, alerte ziel van het varken in een lichaam incarneert wat in de materie niet zo goed gevormd is."
Vrager : "Hoe voelt dat voor het varken zelf?"
Marieke: "De varkens zullen door de insufficiëntie van de lichamelijke gesteldheid een meer fijnzintuiglijke ontwikkeling doormaken dan dat zij gewoon waren. Maar het is niet vanuit een natuurlijke bereidwilligheid. Het is van buitenaf geactiveerd door onwil hen op een natuurlijke oorspronkelijke wijze te ontvangen. Zij evolueren onnodig versneld door onze hardvochtige reactie op hen."
Vrager : "Wat leren varkens zelf hiervan?"
Marieke: "Collectief is er vanuit mensen een onderwerping naar hen gaande om hen a.h.w. emotioneel te onderdrukken, teniet te doen, klein te maken.
Wat ik zie is dat er op een ander niveau, vanuit het dierencollectief-bewustzijn, ook een emotionele euforie gaande is: dat zij niet klein te maken zijn, want zij verzorgen nu zelf hun eigen vernietiging. In de collectieve geest is er een heroverweging gaande geweest, de limiet is bereikt, ze houden de eer aan zichzelf. Dat is wat ik straks benoemde dat dit een hele andere geestesontwikkeling teweeg brengt. Zij wensen hun eigenwaarde te versterken en versneld, alert open te reageren op tegenwicht. Vanuit de onstoffelijke geestesgebieden is er grote bewogenheid gaande naar de dieren in het algemeen, ook ter ondersteuning van de ontwikkeling van de mensheid, omdat de mensheid dierbehoeftig is. Het dier is spiegelend voor ons. Wij leren van dieren. Middels het dier leren we tot een diepere doorgronding te komen van de menselijke geest maar meer op onbewust niveau. Nu ontluisteren wij dieren en onthouden we ook daarmee onszelf wezenlijk van luister binnen herwaardering van onze eigen gesteldheid. Wanneer het dierenrijk wezenlijk gerespecteerd en gewaardeerd wordt in hun eigenzinnigheid kunnen we de behoeftensferen van waaruit we zelf zijn opgebouwd dieper vertalen en bewust maken middels het aandachtig kijken en schouwen naar hun gedrag."
Vrager: "Wat spiegelt het varken ons ?"
Marieke: "Door de nauwlettende maar kortzichtige blik van het varken, dat langdurig voort kan turen op één plek en door de beweging van het wroeten, ervaren de varkens steeds nieuwe zintuiglijke prikkels. Dit spiegelt voor ons dat als wij maar langdurig op één plek emotioneel in onszelf durven te wroeten dat we ons dan steeds meer gewaar zullen worden van een verfijnder belevingsveld in onszelf. Door versterking van deze bereidwilligheid worden we fijnzinniger aanvoelend voor wat in materie verborgen schuilt.
Een ander aspect is de hoefgesteldheid, met name die van de achterpoten, waarvan ze de hak schuin houden. Dit betekent zij zetten zich af en werpen zich vooruit.
Dit symboliseert voor ons, net als het varken binnen ons onderbewustzijn, dat wij heel lang op een plek kunnen zitten maar op een gegeven ogenblik wensen wij vooruit te gaan. De tijd ontbreekt ons nu hier nog verder op in te gaan."
Vrager: "Bezit het nieuwe soort varken nog een offerbereidheid?"
Marieke: "De tegenzin in offerbereidheid wordt vergroot. Ze zullen veel eigenzinniger zijn en sneller voor zichzelf opkomen dan het huidige ras.
Dit is het resultaat van een zeer langdurig proces geweest van aanschroeving van onvrede.
De grotere en snellere alerte gevoeligheid t.a.v. het registreren van onderwerping bij het nieuwe varkenssoort neemt energetisch toe vanwege de ijlere aurastructuur. Ze wensen minder te offeren."
3.5 Genen-manipulatie
Vrager: "Hoe zit het dan met de genen-manipulatie ?"
Marieke: "Men zal via genen-manipulatie proberen de misvormingen voor te zijn. Maar wat ik dan zie wat dan gaat gebeuren is dat de elasticiteit uit het botweefsel gaat en dat de botten zich langgerekt ontwikkelen, minder plastisch."
Vrager: "Betekent dat dat het sneller breekt ?"
Marieke: "Dat is juist. Aanvankelijk lijkt het alsof de dieren zich kortdadiger, meer stipt kunnen bewegen, een hele andere bewegingsloop. Het wordt een andere, ijlere, hoogstaandere structuuropbouw van de beenderen. Het is heel oneigenlijk wat daar gebeurt. Het is echt een verandering van het rassoort. Want als je eenmaal aan iemands beenderen komt dan tast je de incarnatie in de materie van een diersoort zeer ernstig en onzuiver aan."
Vrager: "Is het mogelijk dat het varken zich tegen ons gaat keren, misschien door al die anti-biotica aan ons door te geven?"
Marieke: "Het dier zou er vanuit zichzelf nooit op komen om anti-biotica door te geven aan de mens. Ze zouden er niet eens een bewuste gedachte aan kunnen wijden dat zij zich offeren voor de mens. Dat is meer het gevoel, de structuur. Net zoals wij soms intuïtie hebben. Je spreekt over iets wat je niet kent maar je kent het wel."
Vrager: "Is instinct het goede woord?"
Marieke: "Ja, dat is een woord wat regulier gangbaar is, hoewel we intuïtie vaak op een hoger niveau zetten dan instinct."
3.6 De natuurlijke aanleg van het varken/het "alpenvarken"
Vrager: "Er lijkt toch nog heel veel "rek" in het varken te zitten. Is er dan nog hoop? Want als je een varken uit zo'n intensieve veehouderij meeneemt naar de alpenweide dan ken je hem over een jaar niet meer terug. Het dier krijgt een bruine huid en meer haar; het komt rechter op z'n poten te staan, het gaat van nature dus meer rechtop lopen en krijgt een langere snuit. Dat zit dus nog steeds in dat varken!"
Marieke: "Het rechter op de poten gaan staan is een vorm van "fier-der" worden. Dat is een hele andere energetische kwaliteit dan ik bedoel als ik het heb over het "te strak staan in de heupen". Dat is heel wat anders dan de fiere loop van een dier dat zich lekker voelt."
Vrager: "Ik kreeg zelf het idee dat de varkens die we hier houden zich in een embryonaal stadium bevinden, alsof ze in een onvolwassen stadium gehouden worden. Als er dan nog zoveel uit kan ontwikkelen dan is dat toch een groeistadium dat hier niet bereikt wordt. Zoals zo'n snuit die nog langer kan worden; dat zie je bij jonge hondjes ook, die hebben eerst ook zó'n korte snuit en dat groeit dan later uit. Ze worden ook als het ware in een embryonaal stadium gehouden net als in de baarmoe¬der; lekker warm, het eten wordt ze automatisch toegediend, ze hoeven er niets voor te doen.
Ik voel ook een bepaalde tegenstrijdigheid tussen wat u zegt over het herstellen van de offeringsvaardigheid van het varken waarmee misschien eeuwen gemoeid gaan en "het varken van elastiek", het varken in de Alpen dat weer transformeert naar het oorspronke¬lijke oerwezen, dat weer haren krijgt en een snuit en zo. Waarbij je dus ziet hoe snel zo'n varken weer in z'n oorspronkelijke fysieke gesteldheid terechtkomt. Het varken is nu ongeveer driehonderd jaar gedomesticeerd en eigenlijk pas de laatste dertig jaar "gemanipuleerd"."
Marieke: "Ik ga ernaar kijken, maar ik denk dat we niet moeten uitvlakken wat het doet als het varken op de Alpen staat waar geen groeps-auraveld, van veel varkens op één plek, gaande is.
Het voorbeeld wat daarnet aangehaald is dat is een experiment geweest, voel ik. Het voelt ook alsof de varkens waar het om ging al op een hele jonge leeftijd naar de Alpen overge¬bracht zijn. Het zijn geen varkens van vijf jaar oud uit een fokstal, die naar de Alpen zijn overgebracht. Dat dient in aanmerking genomen te worden want het jonge dier is veel weerbaarder voor overplaatsing dan het oude dier. Daarnaast is er een grote opluchting bij het varken in de Alpen gaande, omdat het collec¬tief veld van het varken in de Alpen veel minder bezwangerd van onheil is dan hier. Dat geeft energetisch ook meer ruimte om in blijmoedigheid te groeien.
Dat zo'n beest ineens fier op de poten staat sluit ook aan bij dat psychologische beeld en ook de voedergesteld¬heid daar is aanmerkelijk beter. Het krijgt natuurlijk voedsel. Een dier dat groeit bouwt zijn weefsel op uit het voedsel wat hij nuttigt. Dat dien je behoorlijk in aanmerking te nemen. Als wij zelfs hier binnen de varkensfokkerijen de dieren natuurlijke voeding zouden geven, zouden ze al gelijk een hele andere lichamelijke gesteldheid krijgen."
Vrager: "Zou je hier ook al van verschillen kunnen spreken tussen het heel intensieve gebied Brabant en bijvoorbeeld Friesland of Groningen, waar veel minder varkens zijn? Is dat gevoel dan anders dan in dat intensieve gebied onder de rivieren?"
Marieke: "Er is een licht verschil, maar Nederland als land is geen groot land en de energetische signalen worden ver uitgezonden.
Ik heb ooit gewerkt met mensen die aan de jacht deden. Wanneer je bijvoorbeeld híér een hert doodschiet dan worden die prikkels zeer ver door de ether uit geseind! Vanaf de Veluwe komen ze gemakkelijk Duitsland binnen! Energetisch gezien zijn dat hele sterke prikkels. Wij zijn gewend in radiogolven en radiofrequenties, die je ook niet kunt horen, te denken. Maar de innerlijke noodschreeuwen van dieren in doodsnood hebben een enorm hoog frequentieniveau die toch door de ether getransporteerd worden. Soortgenoten zijn van nature afgestemd en aangesloten op het frequentieniveau van hun eigen diersoort waardoor zij deze innerlijke noodschreeuwen van grote afstand kunnen opvangen."
Vrager: "Er is een experiment geweest met konijnen. Men hield híér een konijn in een ruimte en een jong van haar ergens anders. Het jong werd gedood en daarna merkte men een verandering bij de moeder. Zelfs toen een ander jong eerst meegenomen was op een onderzeeboot en daar gedood werd."
Marieke: "Toch is het zo belangrijk in deze tijd om daar zicht op te krijgen. Willen we echt ons ethisch vermogen aanscherpen dan hebben we dit nodig. Ook met genen-manipulatie: we weten niet wat we doen op een kosmisch niveau."
Vrager: " Het is zo moeilijk meetbaar."
Marieke: "Er zijn beslist technieken waarmee je het bij varkens kan meten."
HOOFDSTUK 4: DE BOEREN, HET COLLECTIEF HOLLANDSE BEWUSTZIJN, DE CONSUMENT
4.1. De boeren
Vrager: "Hoe zit het met de boeren ?"
Marieke: "Sommige boeren zijn steunend naar het varken toe. Andere boeren beleven verbijstering door de problematiek die nu opgeworpen is en hebben wel een uitzinnig verlangen om te helpen maar dat is onvoldoende aan realiteitsbesef onderhevig.
Ze hebben last van de collectieve druk en de meningsuiting van ons allemaal, die ook energetisch hen bereikt. Ze moeten te snel gedwongen opereren. Door onze hang naar efficiëntie en snelle afwikkelingen van zaken die wij onprettig vinden wordt de rust van de zelfkeuze verstoord.
Op het gebied van dierenbescherming hebben ze in zichzelf te langdurig normen verzwakt. Dat maakt dat hele fijnzinnige spirituele berichtgevingen moeilijk worden verstaan door een tekort aan nuanceringsvermogen. Een enkeling staat hiervoor open. Door de huidige problematiek wordt men nu wel opgeroepen om diepzinniger te denken.
Doordat er collectieve verbijstering heerst en het mentale proces geen soulaas biedt wordt er weer een bedding geschapen voor diepere gevoels-ervaringen.
Veel mensen, die boeren in dit vakgebied, zijn beleefd opgevoed.
Men heeft gehoorzaam gehandeld, arbeidend voor het algemeen nut. Nu voelen ze zich niet meer ondersteund en worden minder bereid beleefd te functioneren naar gezaghebbenden.
Dat leidt bij vele boeren tot een persoonlijke identiteitscrisis. Het gaat verder dan de varkenspest alleen. Dus in de boer zelf ligt een veranderingsproces die nog niet gezien is en waarop nog niet collectief echt op een goedgunstige manier ingespeeld wordt. Men is nog te snel probleemoplossend actief, op de korte termijn. Ik kan niet overzien wat dat op de lange duur oplevert."
Vrager: "Het is voor een boer ook niet zo eenvoudig om in die stroom om te schakelen. Als hij de staartjes eraan laat zitten heeft hij een probleem met de afzet, zoiets simpels bijvoorbeeld."
Marieke: "Maar ook, het is net als met oorlog, het individu zelf, of je nu varkensboer bent of je hebt een slagerij, je hebt altijd je persoonlijke verantwoordelijkheid en je persoonlijke bewustzijn en wij schuiven het te gemakkelijk collectief af. Dus het vraagt bijna de enkeling om te gaan staan. Jullie doen dat met een bedrijf als dit.
Maar het is toch vrij ongewoon van de gewone mens om, wat betreft de voedselconsumptie te gaan staan voor wat hij eet en daar een keuze in te maken."
Vrager: "Als je als BD-boer realiseert wat je dan doet, dan is het alsof je bijna dagelijks in conflict leeft met de algemeen geldende norm. Ik heb nu zes koeien. Elke keer als ik die zes koeien uit de wei haal bekruipt mij het gevoel: "is mijn arbeid nu wel efficiënt genoeg?" Dat is een dagelijkse confrontatie terwijl die zes koeien afgepast zijn op het hele bedrijf. Dat is te gek en toch bekruipt mij dagelijks dat gevoel .... van de algemene opinie, de agrarische norm die mijn arbeid dan eigenlijk als belachelijk bestempelt."
Marieke: "Het belang van het werk dat jij doet is veel groter dan de feitelijke handeling; energetisch geef je tegenwicht. Als ik zie dat een organisatie te vooruitsnellend is, te willend en te doordravend, dan is de tegenpool verdieping.
Maatschappelijk is men op dit thema rondom landbouw, voortrazend, te willend, te afgepast kijkend, niet werkelijk toekomst-beschermend bezig. De tegenpool is verdieping voorstaan. Dus als jij met je tractor niet te hard rijdt en rustig melk afneemt is dat een tegenpool. Het is een activiteit die verder reikt dan het letterlijk zichtbare."
Vrager: "Dat is iets wat ik naar voren moet halen, ook voor de mensen waarmee ik werk. De machines tussen de mens en het dier en de grond zoveel mogelijk weghalen om de relatie zo direct mogelijk te maken. Geen radio, geen walkman, geen motorzaag, gewoon de handzaag, gewoon de ontmoeting er laten zijn als iets heel wezenlijks. En de stilte maakt de relatie nog intenser eigenlijk."
4.2 Het collectieve Hollandse bewustzijn en de consument
Vrager: "Wat doet het met het collectief Hollands bewustzijn, dat we 20 miljoen varkens dagelijks kwellen en slachten en exporteren enzovoort, terwijl de meeste mensen nooit een varken gezien hebben? Eigenlijk wordt het helemaal uit het bewustzijn gehouden."
Marieke: "Wat mij erg raakte was te zien dat er een bepaalde synchroniciteit gaande lijkt te zijn. Namelijk, in een van de artikelen over het varkensbeleid werd geopperd dat wij een "kortzichtig" varkensbeleid hebben. Voordat ik innerlijk keek wist ikzelf niet dat varkens, qua ogen, "kortzichtig" zijn. Nu kan een dier er niets aan doen dat hij niet verder kan kijken dan zijn ogen kunnen.
Maar wanneer je als mens of maatschappij emotioneel kortzichtig functioneert zit er een grotere keuze-vrijheid in. Op één of andere manier nemen wij niet die keuze-vrijheid op ons om bewust-voelend te handelen in relatie tot varkens. Dus we willen kortzichtig blijven op een collectief niveau. Er zijn natuurlijk mensen die veel opener zijn. Maar collectief gezien wil men iedere dag vlees op zijn bord en wil men er niet bij stilstaan dat dat beest pijn heeft geleden of heel benauwd geleefd heeft. Voor mijzelf geldt dat ik niet wil dat een dier voor mijn genoegen lijdt."
Vrager: "Hoe bewerkstelligen we de bewustwording van de consument over wat ze eten?"
Marieke: "Het is heel belangrijk dit soort informatie goed en overzichtelijk naar buiten te brengen, vooral in beeldend taalgebruik, omdat men dan associaties maakt en het beter kan onthouden. Kennisoverdracht die niet gekoppeld is aan beeldend materiaal, dus niet visueel spreken of dia's erbij, verzwakt de kennisopname. Ons onderwijssysteem, maar ook onze maatschappelijke gerichtheid is vaak gebaseerd op over-beredeneerbare patronen.
De overdracht die wij naar elkaar overbrengen verloopt via redenatiepatronen en is minder voelend. In onze redenatie is het niet het belangrijkste dat wij elkaar raken op basis van wat de redenatie van de ander in ons gevoel doet, maar hoe we daar een betere redenatie overheen kunnen leggen. Dus men gaat mentaal tegen elkaar opbieden. Dat is een omhooggaand proces, naar het hoofd/het denken, in plaats van een afdalend proces naar het bekkengebied en het voelend gewaar te worden. Tussen denken en voelen is het hart een middelpunt. Ook van de zeven hoofdchakra's is het hartchakra het middelste chakra. Er dient een balans te zijn. Als we redeneren worden we "hoog-hartig"; we gaan het hart te hoog dragen, het wordt niet doorleefd.
Het in deze tijd, als school collectief adopteren van jonge varkens is een gunstige wending ter bewustmaking van kinderen en daarmee de ouders. Scholen die dat aankunnen doen daar echt een bewustzijnsverrijkend werk mee. Doordat jonge kinderen ook nog redelijk oorspronkelijk functioneren kunnen zij het snelst het collectief bewustzijn van het varken helpen genezen."
Vrager: "Ik heb een beetje problemen met hoe u kinderen met grote-mensen-problemen, varkens-problemen, wilt belasten."
Marieke: "Ik zie vooral dat kinderen kunnen genieten van varkens. Het is bedoeld in de zin van: als er meer plekken zijn waar mensen en vooral kinderen kunnen genieten van varkens, dan doet dat wat met het collectief bewustzijn van de mens over het varken en vervolgens met het collectief bewustzijn van het varken, waardoor deze zich beter gaat voelen. Ik denk niet dat we jonge kinderen moeten vermoeien met wat er met volwassen varkens allemaal gebeurt. Het gaat niet om de wereld-problemen, daar hoeven ze niets van te weten, als ze maar lekker genieten. Maar als er "gezonde" plekken zijn waar kinderen op een natuurlijke manier het varken leren kennen, dan worden zij metter¬tijd bewuste volwassenen die zelf een herinnering opgebouwd hebben over varkens. Dat heeft een preventieve werking."
Vrager: "Het betekent dus gewoon dat we met het varken "naar buiten" moeten, het moet toonbaar zijn. Of in de potstal, een zeug die gewoon vrij loopt met haar biggen. Daar worden mensen ook enthousiast van als ze dat zien. Als je dat ziet dan is dat mooi, dan is dat varken niet afstotend. Maar als je ze met z'n tienen in een hok stopt van vijf vierkante meter dan wordt het een monster, omdat het systeem zo monsterlijk is.
Kinderen zien ook nooit een varken, ze zien een plaatje. Varkens zie je nooit rondlopen. Ook op de kinderboerderij niet, daar hebben ze hangbuikzwijntjes. Kinderen uit de stad herkennen nauwelijks een echt varken."
Vrager: "Kan er iets met de zieke dieren nog gedaan worden?"
Marieke: "De ziekte is zo sterk dat een ziek varken niet lang meer leeft.
Het gezonde varken diervriendelijk en integer benaderen en het zieke varken humaan troostend benaderen is helpend om collectief te herstellen.
De ziekte wordt vrij snel ernstig. Het hele darmstelsel raakt aan verharding onderhevig; de slijmvorming in de darmen wordt stug. Het weefsel staat te strak. Er zijn heel veel echt nare gevoelens in de buikstreek en daar zou men bijvoorbeeld ontlastend op kunnen werken. Al zou je collectief gezien een aantal dieren uitstekend hebben kunnen verplegen op een diervriendelijke manier dan doet dat wellicht toch iets. Ik zou het heel prettig vinden om met mensen die letterlijk met de doding van deze dieren te maken hebben te kunnen channelen over hoe je een dier, die aan deze ziekte lijdt, daarbij dient te naderen.
Er is nu geen tijd meer om te zien wat het elektrokuteren de varkens doet. Van de elektroshocktherapie bij mensen is bekend dat er uitvalsstoornissen in de hersenen plaatsvonden. Je kunt je voorstellen dat als je collectief een dierenras elektrokuteert dat dat ook indirect iets doet in het collectieve auraveld van het dier en indirect in het collectieve etherveld.
Er zijn verschillende methodieken van slachting en al ben ik er geen voorstander van, toch zou je dan nog altijd kunnen kijken wat de meest diervriendelijke wijze van slachten is. Tenminste als dit dan toch maatschappelijk onontkoombaar wordt geacht, omdat men niet bereid is andere oplossingen tijdig te onderzoeken."
4.3 Publiciteit
Marieke: "Laat ik voor de resterende tijd gewoon maar innerlijk kijken wat als belangrijkste nog opkomt. Het hoorbaar maken van wat hier besproken is en daarmee niet te lang wachten. Op een kleinschalige wijze en in integere kringen, zodat het niet belachelijk gemaakt wordt. Dan het groepsveld daarvan vergroten en onderling verbinden en van daaruit stappen maken om er collectief mee naar buiten te treden. Wanneer dat niet nauwgezet voorbereid wordt is de kans heel groot aanwezig dat de media deze opmerkingen doet neerslaan.
Waar steun gezocht moet worden, is niet altijd in de beroepsgroepen maar in de gebruikerskring van alternatief voedsel. Daar is weerbaarheid emotioneel actief. Ze spreken al vaak uit bewogenheid, kunnen kleinschalig denken en kunnen dus onverzettelijkheid gaan tonen als consument.
Dan mensen op persoonlijke titel, individueel, aanspreken in organisaties die met dit beleid in contact staan en die ook bezig zijn daar maatschappelijk regels voor neer te zetten. Dit omdat zij mogelijkheden dienen te scheppen om de informatie in hun eigen spreken te integreren en er op hun persoonlijke wijze op te reageren.
Ik zie dat er een verlangen is, bij mensen die zich hierover ernstige zorgen maken, zoals bijvoorbeeld slagers van De Groene Weg, onderwijzers in relatie tot zorg voor het kinderbewustzijn, personen die in een omgeving wonen van besmette gebieden, naar persoonlijke interviews en het publiceren ervan, want dan wordt het menselijk. Nu wordt het probleem te groot geschetst en te eenzijdig de angst van de boer.
Wegens tijdgebrek zijn een aantal vragen niet beantwoord. Mogelijkerwijs komt dit de komende tijd nog aan de orde. De vragen zijn:
Vrager: "Wat kunt u zeggen over hun gebit? Er wordt aan geknipt en gevijld enzovoort. Hoe werkt dat uit, ook in relatie tot hun voer?
Vrager: "Kunt u ook iets zeggen over hoe varkens hun huid kunnen onderhouden? Ze kunnen niet bij hun hele lijf. Wat doet het dat die stallen daar ook niet voor ingericht zijn? Ze kunnen zich niet schuren of wassen. Ze hebben ook niet het sociale contact om het bij elkaar te doen zoals honden en katten?"
Marieke: "Ik zie allemaal takjes maar dat betreft de meer in het wild levende varkens die zo bij struiken staan te schuren."
Vrager: "Welke gevolgen heeft het klonen van dieren?"
Vrager: "Welke invloed heeft het huidige varkensvoer op het geslachtsrijp zijn van de biggen?
Vrager: "Wat doet elektrokuteren met de varkens?"
Publicaties van Marieke de Vrij downloaden en bestellen.
Donateur worden
De boeken en publicaties die Marieke tot op heden heeft uitgebracht zijn helaas niet in de reguliere boekhandel verkrijgbaar. U kunt ze bestellen via de website: www.devrijemare.nl.
Ook zijn de publicaties verkrijgbaar bij de boekentafel die u bij elke lezing aantreft. U spaart dan verzend- en verpakkingskosten uit.
Het aantal titels dat u kunt bestellen breidt zich gestaag uit. Eveneens via de website is een aantal teksten gratis te downloaden als pdf.
Indien deze tekst en benadering u inspireren, wordt dan donateur van stichting De vrije mare. Voor nadere informatie zie de website: www.devrijemare.nl.
Bron:
www.devrijemare.nl
Geplaatst door Marieke de Vrij

Marieke de Vrij (1953), spiritueel maatschappelijk raadsvrouwe, heeft bijzondere heldere fijnzintuiglijke vermogens waaronder helder zien, weten, spreken en horen. Middels fijnzinnige bewoordingen werpt zij al langdurig licht op levensvragen van grote individuele en maatschappelijke betekenis...
Bekijk alle artikelen en de volledige beschrijving van Marieke de Vrij
Orongo Producten
Laatste artikelen in deze categorie
Lees alle artikelen in deze categorie
Quote
We kunnen niet veranderen tenzij we het accepteren. Verwerping bevrijdt niet, ze benauwt ons.
Carl Jung, Zwitsers psychiater
Blijvend actueel
- Twaalf niet duurzame, onhoudbare toestanden die spoedig tot een eind zullen komen op onze planeet
- Het placebo effect: de triomf van de geest over het lichaam
- Schaliegas, een ecologische ramp
- Burzynski - The Movie
- Betteke Visserman: vitale voedingsvisie
- Arthus-Bertrand: Home
- Ik geloof niet in UFO's
- Depressie is GEEN chemische onbalans in uw hersenen – Dit is het bewijs
Meest gelezen
- Thrive - Full Length movie
- Het ultieme geheim over ons voedsel ontsluierd...
- Per eind april wordt alternatieve geneeskunst en phytotherapie onmogelijk gemaakt, tenzij...
- Farmaceutische industrie slaat grote slag: Geneeskrachtige kruiden verdwijnen uit de EU
- Consumenten misleiden: de trucjes van de voedselindustrie
- TROS Radar over de Codex Alimentarius
- Rechtszaak probeert Monsanto’s patenten op genetische manipulatie (GMO’s) ongeldig te laten verklaren
- Gevaren in ons voedsel: MSG (Smaakversterkers, E621)

Bij de verkeerde Earth Matters belandt? Klik op onderstaand logo om naar Earth Events te gaan.












